Molenzorg
Vossem (Tervuren), Vlaams-Brabant
<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>
Foto: Niels Wennekes, 08.09.2002
Naam

Oude Molen van Vossem
Molen van de Abdij van Park

Ligging Waalsebaan 2
3080 Vossem (Tervuren)

op de Voer
kadasterperceel B369


toon op kaart
Geo positie 50.836330, 4.540471
Eigenaar Privé
Gebouwd ca. 1229 / 1755
Type Bovenslag watermolen
Functie Korenmolen
Kenmerken Bakstenen gebouw met speklagen in natuursteen
Gevlucht/Rad Houten bovenslagrad (restant)
Inrichting Verdwenen
Toestand Ingericht als woonhuis, waterrad vervallen
Bescherming ---,
Niet beschermd
Molenaar Geen
Openingstijden Niet toegankelijk

Beschrijving / geschiedenis

De Voer die in het Kapucijnenbos in Tervuren ontspringt, graaft in de slijkerige plateaus van Brabant een diepe vallei tot Leuven waar ze in de Dijle vloeit. Van oudsher werd het water van de Voer gebruikt als drijfkracht voor molens. Ongeveer twaalf molens waren op de 16 kilometer lange Voer in werking. Molens waren voor de landelijke economie onontbeerlijk en bleken snel een rendabele belegging te zijn met een vaste opbrengst.

Door schenkingen bezat het Norbertijnenabdij van Park (Heverlee) in Vossem naast een groot domein met o.a. het pachthof Hof Ter Munck ook molenrechten. De molen werd aan molenaars verhuurd in ruil voor allerlei verplichtingen, diensten en betaling van de jaarlijkse cijns in natura.

In het midden van de 18de eeuw - onder het prelaatsambt van Alexander Slootmans - begon de abdij met de bouw van een heel nieuwe molen met huis en loodsen die nu nog bestaan, zij lichtjes gewijzigd. Op de voorgevel van het huis bracht men de datum 1755 aan samen met het wapen van de prelaat. Met de Franse revolutie werden de eigendommen van Parkabdij geconfisqueerd en de Molen van Vossem als zwart goed te koop gesteld.

Met de bedoeling zijn domein in Tervuren te vergroten kocht de Prins van Oranje in 1828 o.a. de Oude Molen van Vossem aan. Na de septemberdagen van 1830 werden de privé-goederen van de prins onder sekwester geplaatst. Bij het opheffen van het sekwester in 1840 verkocht de Prins de Oude Molen van Vossem aan de Belgische staat. Sedert 1831 viel het domein van Tervuren trouwens onder de bevoegdheid van de directie van Registratie en Domeinen (Ministerie van Financiën).

Eigenaars na 1820:
- 1828, verkoop: de Prins van Oranje
- 05.11.1842, wet: Domeinen van de Staat (tractaat met Nederland)
- 20.07.1887, verkoop: Mellaerts-Verjauw Felix, molenaar te Vossem (notaris Beckers)
- 14.04.1909, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Felix Mellaerts)
- 18.06.1924, deling: a) de weduwe (voor vruchtgebruik) en b) Mellaerts Armand Augustin (voor naakte eigendom), molenaar te Vossem (notaris Torne)
- 25.04.1929, verkoop: a) de weduwe (voor vruchtgebruik) en b) de Henricourt de Grunne - Lefevre d'Ormesson Eugène Adolphe Hubert Ghislain (voor naakte eigendom) (notaris Torne)
- 1959, verkoop: baron Guillaume, ambassadeur van België te Parijs

Rond 1865 werd een stoommachine geplaatst, maar die werd in 1912 weer verwijderd.

Toen het domein van Tervuren in zijn geheel ter beschikking gesteld werd van Koning Leopold II met het oog op grootse verfraaiïngswerken, werd rond 1882 voor het graven van de Vossemvijver even overwogen de watermolen van Vossem af te breken. De Oude Molen die net buiten het domein bleef, werd gespaard. Het goed kwam in handen van verschillende eigenaars. In 1959 ondernam de nieuwe eigenaar renovatiewerken die aan de voorgevel de structuur gaven die we nu kennen. De huidige eigenaars gaven aan de oude garage een uitzicht dat aansloot bij de hoofdgevel: een voorgevel in Spaanse stenen, twee vensters met vensterkaders in witte steen in plaats van de toegangsdeur; het dak kreeg een dakvenster. De koetsruimte met dubbele poort werd tot eetkamer omgevormd met zowel voor- als achteraan grote ramen en spiegelruiten. Ook de bestemming van verschillende ruimtes werd gewijzigd.

Het molengebouw is grondig gerenoveerd aan het einde van de jaren 1950 en ingericht als woning. De watertoevoer, delen van het sluiswerk en restanten van het waterrad zijn nog aanwezig. De molen is thans op een privé-domein gelegen.

Bij de stichting van de Abdij van Park te Heverlee (bij Leuven) in 1229, ontving deze een ruim stuk van het Zoniënbos te Tervuren van de Hertog van Brabant, Godfried met den Baard. Tegelijkertijd kreeg zij ook een grote gift van Reinier van Vossem, een vrijgenoot, waaronder het eigendomsrecht over het vierde deel van twee molens met aanpalend bos. Later kwam één van de molens in het volle bezit van de abdij (de andere werd bezit van het hertogelijk domein). De molen van de abdij werd aan derden verpacht.

In het archief van de Abdij van Park wordt de molen verscheidene malen vermeld. Omdat er op de Voer meerdere molens voorkwamen had dit regelgeving tot gevolg, die betrekking had op het afdammen van de beek. Deze moest zodanig geschieden, dat de molens elkaar onderling niet hinderden. Regelmatig werden er van ambtswege 'visitaties' gehouden, meer bepaald na het uitvoeren van werken aan de molen of de waterloop. Zo vond er een schouwing van de molen plaats op 3 juli 1549. In het bijzijn van de rentmeester van Vilvoorde en van twee schepenen, Bartel van der Meeren en Pauwel van Horicke, werd er vastgesteld door Cornelis van Damme en Peter Bocsteert 'gesworen molenslaegers ons genedigh Heeren des Keysers' dat 'de nieuwe waterplaete is geleet op deselve hooghde vander ouder waterplaete'. Hendrik Goossens had toen de molen in pacht voor 10 mud rogge per jaar.

In 1618 werden er belangrijke herstellingen en ook nieuwbouw ondernomen aan de molen en het woonhuis. Als gevolg van oorlogen, onlusten en bezettingen aan het einde van de zestiende eeuw waren de gebouwen in slechte staat, met scheefgezakte gavels 'seer ontreckt en bedorven'. De restauratie werd uitgevoerd door Godeverd Machiels en Antoon Nest, gezworen amabachtslieden uit Leuven. Aan de molen zelf werden technische verbeteringen aangebracht nadat er was 'in deliberatie gestelt oft neyt beter ende profytelycker soude syn den molen te veranderen ende het molenrad te laten scheppen syn water met een gote oft hose'. De molen, die tot dan toe voorzien was van een onderslagrad, werd uitgerust met een bovenslagrad.

De gemoderniseerde molen, door Librecht Elskens in pacht genomen, vormde de aanleiding tot een langdurig conflict. De rentmeester, namens de Rekenkamer, verweet aan de abdij dat 'het waeter gehooghen was met de waeterplaete oft restbalc ende dat de molens onder en bovenliggende beschadigd waeren ende dat oock gecontraveneerd was met de veranderingghe van den molen naar de oude placcaerten ende ordonnanties op tstuck van den molens' en verder 'nog dat de molen is nu van boven malende daer dyen te voeren van onder plach te maelen'. In een langdradige repliek weerlegde de abdij van Park die klachten met beroep op de oude 'privilegies van den Princen Fundateurs des Godshuys', die de Abdij hadden gemachtigd 'over hondert ende meer jaeren te maelen sonder pegel ende te steyghen twaeter omtrent elf duymen hooger dan nu is gesteyght ende dat die gote oft hose van den teghenwoordighen molen is liggende'. En, zo vervolgde de Abdij, het maakte toch niet uit of de molen voorzien was van een onderslag- of bovenslagrad als de waterstand op een behoorlijk peil bleef en de andere molens niet in hun werking werden gestoord, naar de aloude regel dat 'men mach met het waeter syn beste profyte doen ende ende die molenraeden tsy onder tsy boven doen draeyen'. Vandaar de eis van de abdij 'ongemolesteert, peyselyck ende vredeleyck te moghen genieten' van haar nieuwe molen. Wat dan ook rechterlijk werd toegestaan. Ondertussen was molenaar Elskens overleden en werd het bedrijf door zijn weduwe voortgezet tot in 1633.

Zij werd opgevolgd door het echtpaar Karel Cloetens en Christina Bosch met een pacht van negen jaar tegen 400 Rgld per jaar. Voor die pacht kregen zij het gebruik van de watermolen met het molenhuis, de stallen, de schuren, het bakhuis, de beemd, een bosje en tien bunder labeurgrond in verschillende precelen. Het gezin nam de verplichting op zich op o.m. “nyet boven het gerechte molster” te malen, de waterafloop bij vloed en tijdens het aflaten van de abdijvijvers voor de visvangst, behoorlijk te regelen, de molenbeek, de grachten, de wegen enz. te onderhouden, hout en materiaal voor het onderhoud van de gebouwen te vervoeren en jaarlijks acht dagen karwei te presteren voor de abdij. De tweede helft van de zeventiende eeuw was voor het Brabantse platteland een tijd van teistering, waarbij Vossem het zwaar te verduren kreeg. Uit een request van de parochie blijkt dat de abdijmolen er in 1690 zeer vervallen uitzag en slechts tegen 136 glds per jaar verhuurd kon worden. De molenaar-pachter in die tijd was Peeter de Wit, afkomstig uit Bertem.

In het midden van de achttiende eeuw, onder het prelaatschap van Alexander Slootmans, ondernam de Abdij van Park de bouw van een geheel nieuwe molen. Dit is het gebouw dat er nu nog staat. Het werd opgetrokken in baksteen met venster- en deurlijsten in witte steen. In de voorgevel werd het jaartal 1755 geplaatst, samen met het wapenschild van abt Slootmans. De werken werden uitgevoerd door Philibert Blanpain, meester-metselaar, en Peeter van der Zypen, beeldhouwer. De molen werd betrokken door Hendrik van Ruysveldt. Na de inlijving van België bij Frankrijk liet het Frans revolutionair bewind alle goederen van de Abdij van Park aanslaan en verkopen. De molen kwam in particulier bezit en bleef in bedrijf tot na de Eerste Wereldoorlog. De familie Beersaerts was de laatste die op de molen maalde.

Rond 1925 kwam het goed met het woonhuis, de molen, de vijvers en de boomgaard in handen van een immobilliëngenootschap, die het verhuurde. Er werd een café onder de naam 'Vieux Moulin' in de molen gevestigd, dat zich ontwikkelde tot pleisterplaats van vissers die kwamen hengelen in de vijvers van het park van Tervuren. In 1959 kocht Baron Guillaume, de toenmalige ambassadeur van België te Parijs, de molen aan, liet de gebouwen grondig restaureren en gaf ze een nieuwe bestemming als landhuis. De terreinen rond de molen werden ingericht als siertuin. De gevels van de molen, die in de loop der tijd witgekalkt waren, werden afgeschuurd, zodat de oorspronkelijke stenen weer zichtbaar werden. De daken werden voorzien van mansardevensters. Het maalwerk was toen reeds verdwenen, alleen het molenrad is bewaard gebleven. Die is gedurende de jaren 1990 in elkaar gestort. Waarschijnlijk wordt het in de toekomst hersteld of vernieuwd.De molen is privé-bezit en niet toegankelijk voor het publiek. Het gebouw is van de weg af zichtbaar.

Alain BRUYNDONCKX, Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>

Foto: Jean-Paul Vingerhoed

<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>

Foto Dirk Declercq, 2005

<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>

Prentkaart. Verzameling Ons Molenheem

<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Oude Molen van Vossem<br />Molen van de Abdij van Park</p>

Wapenschilden op de gevel. Verzameling Ons Molenheem

Literatuur

"Bijdragen tot de geschiedenis van Vossem", Tervuren, Gemeentebestuur, 1979;
M.-E. De Sejournet-Van Rijckevorsel, De "Oude Molen" van Vossem, in: "De Woonstede door de eeuwen heen", Ayeneux, nr. 119, 1998, p. 16-29, ill., krt., plgr.;
P. Leynen, "De oude watermolen van Vossem", in: Ons Heem, XXI, 1967, p. 164-166
Stefan Van Lani, "Abdij van ’t Park, Pachthoven en landbouwdomein", Vrienden van abdij van ’t Park, 1999;
M. Dewilde, "De watermolen in de geschiedenis", in: De Horen, XIII, 1986, nr. 4, p.90-96;
M.A. Duwaerts e.a., "De molens in Brabant", Brussel, Dienst voor Geschiedkundige en Folkloristische Opzoekingen van de Provincie Brabant, 1961;
Herman Holemans, "Kadastergegevens: 1835-1985. Brabantse wind- en watermolens. Deel 5: arrondissement Leuven (M-Z)", Kinrooi, Studiekring 'Ons Molenheem', 1994.
Mark Van Roy, "De historische en ecologische rijkdom van de vallei van de Voer", in: Ons Heem, themanummer Mijn Waterweg", jg. 61 (2008), nr. 2 (april-mei-juni), p 44, ill.


Laatst bijgewerkt: dinsdag 3 mei 2016
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens