|
Beschrijving
/ geschiedenis
De huidige molen had al een voorganger die al in 1218 bestond. Arent I van Gavere-Schorisse bezette toen 10 schellingen op zijn windmolen bij zijn villa te Mater voor de verjaardag van zijn vader. Ziehier de archieftekst: "Ego Arnulphus de Gavere notum facio presentibus et futuris quod, de assensu domini Rassonis et Philippi, fratrum meorum, assignaverim Eyhamensi ecclesie super molendinum de vento, quod situm est juxta villam de Materne, x solidos pro anniverserio patris mei faciendo per triennium annuatim recipiendos. Post triennium autem, recipientur de redditu denariorum qui juris mei sunt in villa de Materne. Hoc ut ratum sit, sigillum meum presenti cartule appendi et testes, qui huic rei interfuerunt, subscribi feci. Signum Rassonis et Philippi, fratrum meorum; signum Arnulphi de Aldenardo; signum Egidii de Haslud, signum Danielis de Curtraco; signum Ramundi de Elst. Actum apud Materne anno Domini M. CC. XVIII." (1218) Bron Origineel niet meer voorhanden; afschrift in: Rijksarchief Ronse, Abdij van Ename, nr. 79 (Cartularium, 12de-14de eeuw), f° 361, uitgave in: Ch. PIOT, Cartulaire de l’Abbaye d’Eename, Brugge, 1881, nr. 123. Een tweede vroege vermelding dateert van mei 1291: "In materne (…) muelin caut[ere]" Bron: Archief OCMW Oudenaarde, nr. 47 (Renteboek Hospitaal van Oudenaarde), uitgave: M. GYSSELING, Corpus van Middelnederlandse teksten, tot en met het jaar 1300. – Reeks I. Ambtelijke bescheiden, ’s-Gravenhage, 1977, III, p. 1600 Het gaat hier om een voorloper van de nog bestaande Oude Molen of Tissenhovemolen in Mater, die aldus de oudste voorgeschiedenis heeft van alle nog bestaande Vlaamse windmolens! Wel werd de molen een aantal keren herbouwd (o.m. in 1768) en werd hij in 1787 een paar honderd meter verplaatst naar de huidige plek. Tot het einde van het Ancien Régime bleef de molen in het bezit van de heren van Schorisse. De huidige staakmolen dateert van 1768. Hij werd vermoedelijk naar hier overgebracht van een lager gelegen kouter in het noordoosten, op ca. 350 meter van de huidige. Deze molen bevindt zich op 105 meter boven de zeespiegel. Bij zijn verplaatsing werd er een driezolder van gemaakt. De molen kwam voor in het penningkohier van 1571 als eigendom van de baron van Schorisse. Omwille van zijn uitzonderlijke ligging en panorama, de torens van Gent en Deinze zijn met het blote oog zichtbaar, gebruikten de Duitsers hem in de Tweede Oorlog als uitkijkpost. Op 28 maart 1956 werd de molen beschermd als monument. De molenweg, de kasseiweg De Jagerij, werd op 30.04.2004 beschermd als monument. In 1975-'76 onderging de molen een ingrijpende, maalvaardige restauratie. De geklinknagelde roeden werden dan vervangen door pestelroeden. De buik op de windweeg (aangebracht rond 1928 voor een derde steenkoppel) en de kombuis aan de vangzijde (voor de zeskantbuil) werden in 1976 "weggerestaureerd". Begin 2006 werden de roeden vervangen door nieuwe eikenhouten pestelroeden. De molenbouwers Wieme uit Machelen (Zulte) legden ook nieuwe eikenhouten schaliën op de kap en de windweeg. Ontwerper was ir.-arch. Sabine Okkerse uit Horebeke. De werken bedroegen ca. € 120 000. OP 12 augustus 2006 werd de herstelde molen feestelijk ingehuldigd.
Lieven Denewet

Foto: Edgard Van Droogenbroeck

Foto: Marnix Demoor, 03.06.2010

Foto: Donald Vandenbulcke, Staden

De roeden werden verwijderd voor een nieuwe restauratie. Foto: Thomas Piens, Zingem, januari 2006.

Toestand in 1955 (Foto: Archief Gazet van Antwerpen).
Bijlagen
1. Persartikel. Fanny Lauwerier, "Molenaar kan weer malen. Geklasseerde Tissenhovemolen gerestaureerd", in: Het Nieuwsblad, 27.07.2006. Mater / Horebeke - "Na een jaar van inactiviteit kan molenaar Edgar Van Droogenbroeck uit Horebeke weer graan malen. Na een grondige restauratie wordt zijn Tissenhovemolen op 12 augustus officieel weer in gebruik genomen." De Tissenhovemolen, in de wijk Jagerij-Tissenhove, op de grens van Mater met Horebeke, maalde tot oktober vorig jaar. Omdat de wieken van de molen versleten waren werd besloten restauratiewerken te laten uitvoeren. Naast nieuwe wieken kreeg de molen ook nieuwe leien op de kap en op de zogenaamde windweeg . Bij de restauratiewerken werden de regels van de traditionele molenbouw strikt in acht genomen. Rond de molen staat nu ook een omheining en in het najaar wordt daar nog een meidoornhaag aangeplant. De molen ziet er zo goed als nieuw uit. Molenaar Edgar Van Droogenbroeck, een geschiedenisliefhebber in hart en nieren, is trots op zijn molen. Mede dankzij hem kan de molen minstens een keer per maand rondjes draaien. ,,Die molen is mijn lang leven. Ik kom uit het Pajottenland. Na vele omzwervingen ben ik op de Geuzenhoek in Horebeke terechtgekomen. Eigenlijk omdat dit gebied een brokje geschiedenis op zich is. De Tissenhovemolen ligt amper anderhalve kilometer van die Geuzenhoek vandaag. Van meet af aan voelde ik mij aangetrokken tot de molen en zijn geschiedenis. Ik vond dat die molen, een echt monument, de oudste nog levende molen in het graafschap Vlaanderen, weer moest kunnen werken. Omdat niet iedereen zomaar molenaar kan spelen volgde ik een cursus. Ik heb sinds enkele jaren een diploma van erkend molenaar op zak en nu kom ik hier geregeld malen'', zegt Edgar Van Droogenbroeck. Molenaar Van Droogenbroeck, de familie Vandendriessche die de eigenaars zijn van de molen en het comité "Mater aan de Molen" nodigen iedereen op zaterdag 12 augustus uit naar de officiële ingebruikname van de gerestaureerde Tissenhovemolen. Om 16 uur staat de officiële inwijding op het programma. Om 17.30 uur wordt het comité aan de molen bekendgemaakt. Om 18 uur kan iedereen proeven van een barbecue. Kaarten hiervoor zijn telefonisch te verkrijgen bij Annie en Paul Hove op het nummer 0473-40.89.86. Om 20 uur volgt een muzikaal gezellig samenzijn. De KSA-band van Mater en de Koninklijke Harmonie De Eendracht Mater zorgen voor de muzikale sfeer. Er is doorlopend mogelijkheid tot bezoek aan de molen onder begeleiding van molenaar Edgar Van Droogenbroeck.
2. Jaarlijks aantal asomwentelingen 1997: 18440 1998: 24053 1999: 21210 2000: 26172 2001: 22545 2002: 19042 2003: 19066 2004: 20512 2005: 10293 2006: 6590 2007: 30112 2009: 53984
Literatuur
Lieven Denewet, "De oudste windmolens in het graafschap Vlaanderen (1183-1300)", Molenecho's, XXXII, 2004, nr. 2, p. 80-108; Lieven Denewet, "Vijf Oost-Vlaamse moleninhuldigingen in 2006", Molenecho's, XXXIV, 2006, 4, p. 236-245; Paul Bauters, "Eeuwen onder wind en wolken. Windmolens in Oost-Vlaanderen", Gent, Provinciebestuur, 1985, p. 166-171; Paul Bauters, "Oostvlaams molenbestand 1986", Gent, 1986 (Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen. Bijdragen, nieuwe reeks, 25); J. Bauwens, "De "Oude Molen" te Mater opnieuw levend", in: De Belgische Molenaar, LXXVIII, 1983, p. 292-293; "De molens van Mater", in: De Ronsenaar, XXIV, 1967, nr. 38, p. 5; "De oude molen", in: De Ronsenaar, XXVIII, 1971, nr. 40, p. 5; (L. Smet), "Oudenaarde (Mater). Oude Molen", in: Molenecho's, II, 1974, p. 18 en p. 92; III, 1975, p. 76 en 91; R.M., "Oude molen van Oudenaarde-Mater wordt gerestaureerd", in: Het Volk, 28 oktober 1971; Inventaris van de wind- en watermolens in de provincie Oost-Vlaanderen naar gegevens van het Archief van het Kadaster. Derde aflevering. De arrondissementen Oudenaarde en Sint-Niklaas", in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XVI, 1962, 2 (Gent, 1963); Herman Holemans, "Oostvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 5. Gemeenten M-N", Opwijk, Studiekring Ons Molenheem, 2004; J. B., "Oostvlaams Molennieuws [Molen 'Te Rullegem te Herzele; 'Tissenhovemolen' te Mater; 'Zwadderkotmolen' te Mater; Watermolen 'Ter Biest', te Nederzwalm", in: Levende Molens, jg. 9 (1987), nr. 7, p. 50-51, ill.; Alain Goublomme, "Tissenhovemolen van Mater kreeg nieuw, eiken pestelgevlucht", in: Levende Molens, 28ste jg., 1996, nr. 6, p. 65; J. Vandeputte, "De molens van het arrondissement Oudenaarde uit hun geschiedenis", Oudenaarde, 1974, p. 107-112; D. Tack, "Herinneringen aan Mater in prentkaarten en oude foto’s", Oudenaarde, 1978, p. 59-60; G. Van Hoolandt, "Bijdrage tot de geschiedenis van Mater", Mater, 1986, p. 347-348; N. Kerckhaert, Oude Oostvlaamse huisnamen, IV, Gent, 1990, p. 60 (Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen. Bijdragen, nieuwe reeks - 32). Fanny Lauwerier, "Molenaar kan weer malen. Geklasseerde Tissenhovemolen gerestaureerd", in: Het Nieuwsblad, 27.07.2006.
|