zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen De Nieuwe Bossenare, Etikhove (Maarkedal)homevorige paginaEtikhove (Maarkedal), Oost-Vlaanderen
Naam De Nieuwe Bossenare
Ligging

Langekouter


9680 Etikhove (Maarkedal)
toon op kaart
Eigenaar Mark De Merlier, Etikhove
Bouwjaar voor 1452 / 1996-1998 (verplaatst)
Type Staakmolen met gesloten voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Zadeldak
Gevlucht/Rad Gelaste stalen roeden, 22 m
Inrichting Twee steenkoppels
Toestand Maalvaardig
Bescherming M: monument,
18.06.1979
Molenaar Mark De Merlier, Etikhove
Openingstijden Op molendagen en op afspraak, tel. 055 31 98 71 (Mark De Merlier), e-mail: magali.deroeck@gmx.net

Foto: Robert Van Ryckeghem  

Beschrijving / geschiedenis

Oorspronkelijk stond deze staakmolen in Impe, waar hij als de Tukmolen bekend stond. Deze molennaam is afgeleid van molenaar Tucswer die in 1452 de molen pachtte. De molen werd herbouwd in 1763. In 1959 hield hij op met malen. In 1996-1998 werd de molen naar de huidige plek aan de Langekouter herbouwd door de bvba 't Gebinte uit Erpe-Mere (met Johan De Punt, bouwheer Marc De Merlier en wijlen Luc Ameye). Op de top van de Bossenareheuvel, is de staakmolen prachtig in een open landschap gelegen. Niet ver van de huidige molenplek, bevond zich tot in 1939 de Bossenaremolen, een eeuwenoude staakmolen.

De Nieuwe Bossenaeremolen maakt aldus deel uit van de "molenrenaissance van de Vlaamse Ardennen", met andere heropgerichte molens te Huise, Wannegem-Lede en Sint-Denijs-Boekel.
De gelaste stalen roeden met een lengte van 22 meter kunnen twee steenkoppels aandrijven.

Lieven Denewet


Foto: Donald Vandenbulcke, Staden, 16.09.2006


De vroegere Bossenaremolen. Prentkaart coll. Wouter Peerlings, Molenbeersel


Op zijn vorige standplaats te Impe in 1960. Foto: coll. Rob Simons


Ontmanteld te Impe. Foto: Jaap de Vries, 1988


Ontmanteld te Impe. Foto: Jaap de Vries, 1988

Bijlagen

1. Heemkundige studie door Willy Bodequin over de voorganger: de Bossenaremolen.

Naar een oud handboek over milieustudie, handelend over "De watermolens van Ronse", werd Bossenare-Molen afgebroken op 2 augustus 1939. Een andere bron verhaalt : "Boven op de grote kouter van de Bossenare-heuvel stond tot 12 april 1939 een gesloten houten standaardmolen, de reus van de Vlaamse Ardennen. Op de ingangsdeur was er een inkerving : "Anno 1140 J.D.W." en aldus zou deze molen de oudst gekende en gedagtekende houten windmolen zijn van gans West-Europa. Velen schrijven deze eer echter toe aan een andere molen, die van Betekom, die in 1914 omvergehaald werd. Ze gaan daartoe uitsluitend op de bouwwijze voort. Die van Betekom was gebouwd in bruine ijzersteen van de streek en de muren waren 1,5 m. dik. We zullen ons hier niet mengen in de discussie, maar ons enkel houden aan het verstrekken van de controleerbare gegevens.

Het valt alleszins te betreuren dat de Bossenaremolen, zulk een enig sieraad voor het landschap, verdwenen is. Tot heden vonden we nochtans geen gegevens in de archieven over de eeuwenlange geschiedenis van de molen. We kennen enkel de eigenaars sinds 1835. Omstreeks dat jaar moet de molen eigendom geweest zijn van mulder Charles Vandergauwen, maar het is het armenbestuur van Etikhove, die hem, met meegaande hofstede en erf, openbaar verpacht bij monde van notaris Wolfcarius op 18 augustus 1853. De pacht trad in op 1 januari 1854 en gold voor negen jaar. In 1862 wordt de molen bij testament overgemaakt aan de Commissie van Openbare Onderstand van de gemeente. Op 18 september 1862 krijgen we dan terug zo een openbare verpachting in het gemeentehuis, ditmaal dor notaris De Vos uit Petegem. De som was 557,52 frank per jaar boven de grondlasten. Er komt nochtans geen nieuwe huurder opdagen en de "staeckmolen met draeyende en roerende wercken met medegaende erve groot 1 hectare 8 a. 74 ca." zal men door dezelfde notaris laten verkopen. De nieuwe eigenaar is Robert Vuye-Carlier. Einde mei 1867 brak een geweldig onweer boven de streek van Etikhove los en een plaatselijk weekblad weet te vertellen : "… Een hemellicht heeft ook in de molen Bossenare te Etikhove veel schade veroorzaakt, welke op de som van 4000 fr. gerekend wordt…". In een andere krant : "…is de bliksem gevallen te Etikhove en heeft aldaer twee zeilen van een windmolen afgeslaegen…"

Vanaf 1887 komt deze eigendom in handen van Frederik De Bleeckere-Vuye; in 1904 komt hij aan de kinderen hiervan, die in 1921-22 afstand doen ten voordele van De Bleeckere Odile. In 1928 werd de molen verkocht aan Achiel Noterman-De Bleeckere. In 1928 werd het "windmalen" stopgezet en kwam er naast de windmolen een "moderne" maalderij, die op een mazoutgenerator werkte. De houten windmolen zelf werd, ondanks de smeekbede van Valerius de Saedeleer, afgebroken in 1939 en een monument verdween van de Bossenarekouter ! In de moderne maalderij maalde men per uur maalde 250 à 300 kg. voedergraan of tarwe tot bloem. De meeste klanten waren landbouwers. Het bedrijf ging over van vader op zoon en na Leon Noterman werd zijn zoon Marc de (huidige) eigenaar. Marc is nog enkele jaren blijven malen, maar zijn niet meer rendabel bedrijf van molenaar, wisselde hij in voor Boerenbond-verkoper van melen en dierenvoeders. Hij was de laatste van de "maalders" van Bossenare-molen…

Bossenare-molen : als een sfinx.

Etikhove mag van geluk spreken dat er zich onder de huidige inwoners een jonge man bevindt met oog, oor en vooral respect voor het waardevolle verleden. Mark De Merlier, zoon van Dirk, de dirigent van de Koninklijke Fanfare De Bijenkorf, had het plan opgevat om Bossenare-molen te doen herleven. Wat oorspronkelijk een utopische gedachte leek, is vandaag in realiteit omgezet. Mark behaalde het diploma van molenaar en richtte op de Bossenare de imposante Bossenare-molen opnieuw op. Nu weer overheerst de molen het landschap zoals het er tot 1939 moet hebben uitgezien. Nu pas begrijpen we ten volle waarom Valerius de Saedeleer de molen toendertijd voor afbraak wou behoeden en hem één der schoonheden van Etikhove noemde. Tijdens bepaalde evenementen en feestdagen kan deze molen bezocht worden door het publiek en ik kan zeggen : 'er is een veelvuldige interesse voor een bezoekje aan Bossenaremolen'. Onvergankelijk dus !

2. Jaarlijks aantal asomwentelingen

1997:   43136
1998: 100014
1999: 101598
2000: 100257
2001: 100095
2002:   96982
2003: 100108
2004:   94194
2005:   48816
2006:   18386
2007:   10434
2009:     5161

Literatuur

Bart Van Langenhoven, "Wind- en watermolens te groot-Lede", in: Ken uw Dorp, Jaarboek van de heemkundige kring Heemschut-Lede, nr. 18, 1991, p. 19-53;
Lieven Denewet, "Vijf verplaatsingen van Vlaamse standerdmolens (1992-...)", in: Molenecho's, XX, 1992, nr. 1, p. 8-21;
E. D(e) K(inderen), "De Tukmolen te Impe", in: De Belgische Molenaar, LXXII, 1977, p. 58-59;
Severius, "De Bossenaeremolen te Etikhove neergehaald", in: Natuur- en Stedenschoon, XVIII, 1939, p. 86-87; "De oude molen te Etikhove", in: A.B.C., VI, 21 november 1937, p. 8-9 en VIII, 7 mei 1939, p. 14-15;
Dirk De Merlier, "De verrijzenis van de nieuwe Bossenaarmolen", in: Heemkring Maarkedal, 1997, nr. 1, p. 16;
Marc Vuylsteke, "Uitreiking "Oorkonde voor geslaagde restauraties" - De nieuwe Bossenaarmolen", in: Heemkring Maarkedal, 1998, nr. 4, p. 13;
Paul Bauters, "Eeuwen onder wind en wolken. Windmolens in Oost-Vlaanderen", Gent, Provinciebestuur, 1985;
Paul Bauters, "Oostvlaams molenbestand 1986", Gent, 1986 (Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen. Bijdragen, nieuwe reeks, 25);
J.V., "De water- en windmolens van Etikhove en Leupegem", in: Het Volk, 26.9.1960;
"Foto Etikhove, de voormalige "Bossenaeremolen", in: Molenecho's, IX, 1981, nr. 6, p. 48;
J. De Brouver, "Houten molen te Impe", in: Ons Heem, XIII, 1959, nr. 5, p. 153;
M. De Gendt, "Is Impse "Tukmolen" niet meer te herstellen?" in: Voorpost, XXX, 1977, nr. 42, p. 10;
M. De Gendt, "Provincieraadslid Henderickx interpelleerde over de twee windmolens", in: Voorpost, XXX, 1977, nr. 42, p. 10;
(L. Smet), "Impe. Tukmolen", in: Molenecho's, V, 1977, p. 42; VIII, 1980, p. 23, 70, 75;
(P. Bauters), "Kleine kroniek van een grote schande", in: Levende Molens, I, 1978, nr. 5, p. 103;
"Wat met de "Dijkmolen" te Impe?" in: Voor Allen, XXXIV, 1972, nr. 38, p. 1;
"Wat met de molen van Impe en het kasteel van Mesen", in: Voorpost, XXXI, 1978, nr. 37, p. 11;
"Intriges om Leedse Tukmolen. Wil Blankenberge geld?" in: Voorpost, XXXI, 1978, nr. 41, p. 1 en 13;
"Inventaris van de wind- en watermolens in de provincie Oost-Vlaanderen naar gegevens van het Archief van het Kadaster. Eerste aflevering. De arrondissementen Aalst en Dendermonde", in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XIV, 1960, 3 (Gent, 1962);
Ibid., Derde aflevering. De arrondissementen Oudenaarde en Sint-Niklaas", in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XVI, 1962, 2 (Gent, 1963);
Herman Holemans, "Oostvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 2. Gemeenten D-E", Rotem, Studiekring Ons Molenheem, 1998;
Ibid., Deel 3. Gemeenten G-H-I", Rotem, Studiekring Ons Molenheem, 2000;
Willy Bodequin, "Etikhove. Een geschiedkundige beschrijving", Etikhove;
Els De Kinderen, "De Tukmolen aan zijn lot overgelaten?" in: Levende Molens, jg. 4 (1981), nr. 7 (7 april), p. 96-97;
Dirk De Merlier, "De verrijzenis van de nieuwe Bossenaarmolen", in: Businarias, Viermaandelijks tijdschrift van de Heemkring Businarias, Maarkedal, jg. 1, 1997, nr. 1, janaurai, p. 16 e.v., ill.;
Marc Vuylsteke, "Uitreiking 'Oorkonde voor geslaagde restauraties' - De nieuwe Bossenaarmolen", in: Businarias, Viermaandelijks tijdschrift van de Heemkring Businarias, Maarkedal, jg. 2, 1998, nr. 1, januari, p. 13 e.v., ill


Laatst bijgewerkt: zaterdag 9 januari 2010
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen

bovenzijde