Molenzorg
Bouwel (Grobbendonk), Antwerpen
Naam

Molen van Bouwel

Ligging Molenstraat 39
2288 Bouwel (Grobbendonk)

kadasterperceel B121
51° 9' 38.27" N
  4° 44' 26.44" E


toon op kaart
Geo positie 51.161469, 4.744631
Eigenaar Familie Hoeben
Gebouwd 1791/ 1925
Type Staakmolen met gesloten voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Molenkast grijs geverfd
Gevlucht/Rad Gelaste stalen roeden (Peel, 1973), 24,60 m.
Inrichting Twee koppels kunststenen, diameter 1,50 m (1 loper ontbreekt). Overbrenging 1 op 4.
Toestand Maalvaardig
Bescherming M: monument,
13 oktober 1943
Molenaar Rudi Hoeben, Deurne
Openingstijden Op molendagen en op afspraak (tel. 03/366 45 39)
Internet bron

Molen van Bouwel

<p>Molen van Bouwel</p>

Foto: Rob Simons, Sint-Huibrechts-Lille   

Beschrijving / geschiedenis

De Molen van Bouwel is een houten korenwindmolen, type standaardmolen, in de Molenstraat 39. Een eerste standaardmolen werd opgericht in 1789-1791.

Uit het proces-verbaal van afpaling van de gemeente Bouwel in 1815: "il existe dans la commune un moulin à farine, situé dans la section B n° 312. Il n'est point affermé. N'ayant pu avoir procurer dans la commune, de base certaine sur le mode d'évaluation de cette propriété, nous avons pris pour point de comparaison le moulin à vent de Mr Van Rijnegem, situé à Herenthoudt. D'après renseignements qu'on nous a données, ce moulin se loue annuellement 725,62 fr y compris les contributions, mais comme la population d'Herenthout est beaucoup plus florte que celle de Bouwel, nous avons pris les deux tiers de cette somme pour fixer notre évaluation. Les deux tiers de la somme ci-dessus énoncée est de 483,7 fr. Reste un produit net, après déduction pour entretien et réparation, 322,50 fr."

De windmolen werd in 1834 belast met een kadastraal inkomen van 286 frank.

Eigenaars na 1830:
- voor 1834, eigenaar: Cannaerts-Van Looy Adriaan, de weduwe en consoorten (consoorten: a) Dom Adrien, molenaar te Nijlen, b) Dom Constantin, molenaarsgast te Nijlen, c) Dom Simon, minderjarige te Nijlen, d) Dom Thérèse, minderjarige te Nijlen, e) Dom Jeanne, minderjarige te Nijlen, f) Dom Sophie, minderjarige te Nijlen en g) Dom Marie, echtgenote Van den Broeck Jean, brouwer te Lichtaart)
- 16.06.1843, deling: Cannaerts-Van Looy Adriaan, de weduwe, moolenarin te Bouwel (notaris De Vries)
- 06.02.1849, erfenis: a) Cannaerts Victor, molenaarsgast te Brussel, b) Cannaerts Angelina, echtgenote Naulaerts Jean Baptiste, bakker te Herenthout, c) Cannaerts Jeanne Catherine, echtgenote Bellens Charles, winkelier te Herenthout, d) Cannaerts Ferdinand, molenaar te Bouwel, e) Cannaerts Felix, molenaarsgast te Bouwel, f) Cannaerts Constantin, minderjarige te Morkhoven en g) Cannaerts Angelina, minderjarige te Morkhoven (overlijden van de weduwe Van Looy van Adriaan Cannaerts)
- later, eigendom: a) Cannaerts Angelina, echtgenote Naulaerts Jean Baptiste, bakker te Herenthout, b) Cannaerts Jeanne Catherine, echtgenote Bellens Charles, winkelier te Herenthout, c) Cannaerts Ferdinand, molenaar te Bouwel en d) Cannaerts Felix, molenaarsgast te Bouwel.
- 21.03.1854, verkoop: Cannaerts-Anthonis Ferdinand, molenaar te Bouwel (notaris De Vries)
- 01.02.1878, erfenis: en de kinderen (overlijden van vrouw Anthonis)
- 01.12.1890, verkoop: Bosschaert Georges Marie Joseph, eigenaar te Schoten (notaris De Vries)
- 02.02.1900, erfenis: de kinderen en kleinkinderen (overlijden van Georges Bosschaert)
- 08.05.1901, deling: Bosschaert de Bouwel Emile Marie Joseph, eigenaar te Bouwel (notaris Van de Sande)
- 21.09.1924, erfenis: (van de grond) Bosschaert de Bouwel -Braconnier Georges August Henri Joseph Ghislain, zonder beroep te Brussel (ovelrijden van Emile Bosschaert de Bouwel)
- na 1926, erfenis: de weduwe (overlijden van Georges August Bosschaert de Bouwel)
- 22.12.1970, verkoop: Hoeben-De Somer Robert Henri Jeanne, provinciaal ambtenaar te Deurne (notaris Goossens)
- 11.06.1995, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Robert Hoeben)

Tijdens de eerste wereldoorlog, in oktober 1914, werd hij in brand geschoten door het Belgisch leger bij zijn aftocht en daarbij volledig vernield. Met de oorlogsschade richtte de molenaar een andere molen op. Hij kocht daartoe een molen aan te Westerlo-Voortkapel. De oudste teruggevonden datum in de verplaatste molen is 25.09.1732.

De nieuwe molen werd in 1925 op dezelfde teerlingen opgericht. De toenmalige eigenaar was de weledele heer Bosschaert de Bouwel die de molen verhuurde aan molenaar Louis Van de Poel. De molen draaide regelmatig tot in 1940, maar er werd toen al gebruik gemaakt van elektrische drijfkracht. Bij de aftocht van de Duitsers in 1944, bracht maalder Van de Poel de windmolen terug op gang om de streek van meel te voorzien. In de nacht van 13 november 1940 woedde er een hevige storm. De schade kon door tijdig ingrijpen beperkt blijven tot een afgeslagen roede en brandgaten in wand en vloer. De molen stond jaren buiten bedrijf met gedeeltelijk afgebroken roeden, ondanks de bescherming in 1943 als monument. De heer en mevrouw Robert Hoeben-Somers uit Deurne kochten de molen in 1970 aan en lieten hem in 1973 herstellen door molenmaker Rik Caers uit Retie.

Het gevlucht heeft stalen gelaste roeden (Peel, Gistel, 1973), twee koppels kunststenen van 1,5 meter en een sleepluiwerk. Er zitten 5 zware stroppen rond de houten as, tussen de hals en het bovenwiel. De gietijzeren askop werd gegoten door A. Van Aerschot uit Herentals. Er zijn geen versterkingsruggen om de ashuizen.
Sinds 1973 is de molen ingericht als vakantieverblijf, maar hij is maalvaardig en regelmatig in werking.

Rudi HOEBEN, Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Molen van Bouwel</p>

Foto: Geert Vanhercke, Bredene, 22.06.2008

<p>Molen van Bouwel</p>

Voor 1968. Foto: coll. Geert Vanhercke, Bredene

<p>Molen van Bouwel</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Molen van Bouwel</p>

Oude prentkaart. Verzameling Ons Molenheem

<p>Molen van Bouwel</p>

Prentkaart F. Hoelen, phot., Kapellen (coll. D. Vandenbulcke, Staden)

Bijlagen

Jaarlijks aantal asomwentelingen
2003: 81.732

--------------------

Ria Cornelis, "Ik wil het werk van mijn vader niet laten vallen", Gazet van Antwerpen, 17.12.2011.

Van oudsher was onze regio voorzien van een rijk molenbestand. De molens waren van onschatbare waarde voor het levensonderhoud van de Kempense gezinnen. Vanaf de 19de eeuw werd door de maatschappelijke evolutie hun economisch nut minder van tel. Vele molens werden gesloopt of geklasseerd door de overheid als beschermd monument. Deze week nemen we een kijkje bij zes van de weinig resterende wind-, water- en rosmolens die -zoals zal blijken - op diverse wijze bewaard bleven in privéhanden.

De molen van Bouwel is eigendom van de familie Hoeben uit Deurne. "De windmolen staat hier sinds 1925 en de eigenaar was toen kasteelheer Bosschaert de Bouwel. De molen werd overgebracht van Voortkapel bij Westerlo als schadevergoeding. Het Belgische leger stak de molen in 1914 in brand bij zijn aftocht om te voorkomen dat de Duitsers hem als uitkijkpost zouden gebruiken. De molen werd jarenlang verpacht tot hij in 1944 is stilgevallen", vertelt Rudi Hoeben.

 Voedselveiligheid

De vader van Rudi was sinds de jaren vijftig lid van de commissie van Monumenten en Landschappen. "Mijn vader had geen molenaarsachtergrond en had nooit de stiel geleerd. Zijn interesse kwam voort vanuit de monumentenzorg. Mijn neef was van plan om een molen te kopen. Mijn vader kende het wereldje goed en ging voor hem met de erfgenamen van de kasteelheer, die in 1969 was overleden, onderhandelen om de molen te kunnen kopen. In die tijd stonden vele wind-en watermolens stil. Vooral de houten windmolens waren niet goed onderhouden. Door verrotting was hun ondersteuning zeer zwak. Maar ondanks de jarenlange stilstand was de windmolen van Bouwel stabiel gebleven. Uiteindelijk liet mijn neef zijn oog vallen op een molen in Meerle en heeft mijn vader zelf de molen van Bouwel gekocht eind jaren zestig", gaat hij verder.

In 1995 overleed Rudi's vader en kwam de molen in onverdeeldheid bij zijn moeder en de vier kinderen terecht. "Ik ben de enige uit het gezin die zich met de molen heeft beziggehouden. Van kindsbeen af was ik in de buurt van molens. Mijn vader heeft ook ooit de molen van Noorderwijk bij Herentals gekocht om er een vakantieverblijf van te maken. Na zijn dood ben ik me blijven bekommeren om de molen van Bouwel. Het onderhoud neemt veel tijd in beslag. En het is zeer belangrijk om de molen te laten draaien. In 1973 werd hij volledig gerestaureerd. De wieken zijn compleet vernieuwd. Dat was toen nog financieel haalbaar. Hij is ook maalvaardig, maar dan enkel nog voor eigen gebruik en diervoer en niet meer voor menselijke consumptie. De wet op de voedselveiligheid is streng geworden", zegt Rudi.

Bezoekers

De molen kan bezichtigd worden vanaf de laatste zondag van april tot de laatste zondag van september en op afspraak. "De bezoekers zijn vooral schoolklassen en verenigingen uit de omgeving en uit de buurgemeenten Vorselaar en Herenthout. Net zoals mijn vader ben ik niet beroepsmatig met de stiel bezig. Ik werk als systeembeheerder aan de universiteit van Gent. Ik ben realistisch genoeg om te beseffen dat je met het molaarsberoep je brood niet meer kan verdienen. Het is een goede fulltime hobby", meent hij.

De boog moet niet altijd gespannen staan en Rudi kan na het hard labeur best wel genieten van de Bouwelse molen. "Tijdens de molendagen hebben we al eens molenfeestjes georganiseerd waar we pannekoeken bakten. De eucharistieviering in de zomer van 2000 op de weide aan de molen werd druk bijgewoond door mensen uit de buurt. In april kreeg ik afstammelingen van landbouwer Cannaerts op bezoek. Hij was de vroegere eigenaar en molenaar. Het was gezellig keuvelen en er werden natuurlijk vele herinneringen opgehaald.

Ook met de omgeving heeft Rudi goede contacten. " Bij het gezin van landbouwer Van Turnhout dat tegenover de molen woont kom ik al van toen ik klein was. Nu ga ik er nog steeds langs als ik in Bouwel ben. Ik ben er nog altijd kind aan huis", lacht hij.

Doorboorde ribbenkast

In het leven kan het al eens mis gaan. Zo ook bij molenaar Rudi aan de molen. "Op 24 augustus 2004 had ik een ongeval op de molen tijdens het smeren van de as van de wieken. Een pin van die middenas bleef achter mijn T-shirt steken. Ik werd meegesleurd en de hoogte ingeslingerd. Daarna smakte ik van zes meter naar beneden. Die pin doorboorde mijn ribbenkast en perforeerde een long. Ik heb tien dagen op de intensive care gelegen. De chirurgen zijn vijf uur met me bezig geweest. Na drie weken mocht ik naar huis. Mijn kinderen, toen 5 en 6 jaar oud, waren die namiddag bij mij in de molen. De jongste heeft alles zien gebeuren. Ik heb nu nog wat last van zenuwen die hier en daar geraakt zijn. Al bij al heb ik er weinig aan overgehouden", vertelt Rudi.

Rudi Hoeben wil de molen graag in familiehanden houden. "Ik streef ernaar om de molen zo goed mogelijk te bewaren, vooral omdat mijn vader er zijn stempel op heeft gedrukt. Als ik de molen uit handen zou geven, zou ik het gevoel krijgen dat ik het werk van mijn vader laat vallen.

Ik heb ook nog plannen met de molen. De wieken vragen wat onderhoud en de staart moet vervangen worden. Daarna volgt nog een verfbeurt. Ik wil ook graag demonstraties geven aan de bezoekers. Ik wil hen leren hoe er gemalen wordt. Maar daarvoor moet ik eerst een deftig steenkoppel voor de steenmolen zien te vinden want er ontbreekt momenteel ééntje en er zijn wel degelijk twee koppels nodig", zegt hij.

Duurzaam hout

De moderne mens heeft zeker nog verwondering voor oude ambachten. "Dat merk ik tijdens de molendagen. Ik ben ook bestuurslid van de vzw Levende Molens waar er onder andere molenaarscursussen worden georganiseerd. De kandidaten leren er malen en hoe ze een molen laten draaien om molenaar te kunnen worden. Maar de kennis van de vroegere molenbouwers is verdwenen. De molens worden tegenwoordig niet meer gebouwd zoals vroeger. De kwaliteit van het gebruikte hout gaat ook achteruit. Voor de buitenkant van de molen is duurzaam hout nodig. Maar dat heeft de eigenschap om traag te groeien. En mensen wilen nu éénmaal op een zo kort mogelijke tijd, zoveel mogelijk verdienen. Dat is natuurlijk geen duurzame opvatting. Spijtig toch", besluit de molenaar van Bouwel.

- Ligt in de Grobbendonkse deelgemeente Bouwel.
- Is een standaardmolen.
-Kwam in de plaats van de vorige molen uit 1791 die in 1834 eigendom werd van landbouwer en molenaar Cannaerts uit Bouwel en later van kasteelheer Bosschaert de Bouwel. Deze molen werd door het Belgische leger in brand gestoken na de aftocht in 1914. Als oorlogsschade werd de molen uit Voortkapel bij Westerlo, opgericht in 1732 en eigendom van weduwe Van Hout-Liekens, naar Bouwel overgebracht in 1925. De kasteelheer verpachtte de molen aan molenaar Van de Poel die overschakelde op mechanische drijfkracht.
-In 1944 werd de windmolen door de molenaar terug op gang gebracht om de streek van meel te voorzien. Daarna is hij stilgevallen hoewel hij was beschermd als monument. Na het overlijden van de kasteelheer in 1969 heeft Robert Hoeben de molen gekocht en in 1973 laten restaureren. Na zijn overlijden in 1995 werd de molen de onverdeelde eigendom van zijn echtgenote en de vier kinderen.
- De molen is maalvaardig en draait om de twee weken.
- Hij is te bezichtigen tijdens de molendagen en op afspraak.
- De huidige eigenaar is de familie Hoeben uit Deurne.
- Adres: Molenstraat 39, 2288 Grobbendonk-Bouwel.

Literatuur

H. Holemans & P.J. Lemmens, Molens der Zuiderkempen, Nieuwkerken, 1978, p. 23-24;
R. Hoeben, "De Molen van Bouwel", in: De Belgische Molenaar, LXX, 1975, nr. 22, p. 328-329;
F. Brouwers, "De toekomst van een verleden. Levende molens in de provincie Antwerpen", s.l., Levende Molens Werkgroep Kempen-Antwerpen, (1997);
F. Dirks, "De windmolens van Bouwel en Noorderwijk blijven in goede staat behouden!", in: Natuur- en Stedeschon, LXVII, 1998, nr. 1, p. 28-30;
(L. Smet), "De beschermde houten windmolen van Bouwel gerestaureerd", in: Molenecho's, I, 1973, 5, p. 17;
Paul Hendriks, "De windmolens. 8. Bouwel", in: P. Hendriks & R. Hoeben, "Provincie Antwerpen wind- en watermolens", p. 13;
(L. Smet), "Ons molenpatrimonium in de provincie Antwerpen: houten molen van Bouwel", in: Molenecho's, V, 1977, 2, p. 14; "Windmolen herbouwd", in: De Belgische Molenaar, XX, nr. 24 (13 juni 1925), p. 3;
"De windmolen van Bouwel wordt gerestaureerd", in: De Belgische Molenaar, jg. 68, nr. 12 (22 juni 1973), p. 179;
R. Hoeben, "De windmolen van Bouwel. (Portret van een draaiende molen).", in: Natuur- en Stedeschoon, jg. 55 (1986), nr. 1 (jan.-febr.), p. 32-33, ill.; 
Francis Drijbooms, "Van banrecht en maalplicht te Grobbendonk tot eigen Bouwelse windmolen. Historiek van de Bouwelse windmolen en molenhuizen", Bouwel, 1995 (2e druk);
P.J. Lemmens, "Molenoverzicht uit het Arrondissement Turnhout van 1830 tot heden", Heemkundig Handboekje voor de Antwerpse Randgemeenten, Kwartaalschrift, Borgerhout, Gitschotel Buurschap, Jg. 12, [1964], nr. 3, p. 5.
Melding Nico Jurgens, Hoornn
Melding Ruurd Jakob Nauta
Mailbericht John Verpaalen, Roosendaal, 17.03.2015.

Persberichten
Ria Cornelis, "Ik wil het werk van mijn vader niet laten vallen", Gazet van Antwerpen, 17.12.2011.


Laatst bijgewerkt: maandag 20 maart 2017
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens