Molenzorg
Malderen (Londerzeel), Vlaams-Brabant
Naam

Heidemolen

Ligging Molenheide 25
1840 Malderen (Londerzeel)

kadasterperceel E239


 


toon op kaart
Geo positie 51.012638, 4.241338
Eigenaar Gemeente Londerzeel
Gebouwd Tussen 1232 en 1400 / 1719 / 1995
Type Staakmolen met open voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Zadeldak
Gevlucht/Rad Houten pestelroeden, 24 meter (tijdelijk verwijderd)
Inrichting Twee steenkoppels
Toestand Restauratie in uitvoering
Bescherming M: monument, DSG: dorps- en stadsgezicht,
27 september 1943 - 14 oktober 1984
Molenaar Marc Van Den Broeck, Lebbeke
Openingstijden Na de restauratie
Internet bron

Heidemolen

<p>Heidemolen</p>

Foto: Donald Vandenbulcke, 07.05.2009  

Beschrijving / geschiedenis

Verscheidene documenten bewijzen dat de Heidemolen wel eerbiedwaardig oud is. De staakmolen zou zelfs de oudste van ons land zijn, wanneer men het vermeende jaartal 1119, dat in een as gekrast was, als bouwdatum interpreteert. De tweede "1" was evenwel vrij vraag en kon men even goed als een "7" lezen. Aldus zijn er te weinig aanknopingspunten om de thesis van "oudste molen van Belië" hard te maken.

De heide van Malderen werd in 1232 door Hendrik, hertog van Brabant, en door Arnold, heer van Grimbergen, in cijns gegeven aan al de ingezetenen van Malderen, die haar willen bebouwen. Hier begint dus de ontginning van "de Malreheide". Er wordt nog geen nota gemaakt van een windmolen, maar voor het gewonnen graan aldaar moest er weldra een molen komen.

In de 14de eeuw werd melding gemaakt van deze standaardmolen, een banmolen. Samen met twee kastelen ('t Hof ten Broek en 't Hof met den Walle), een watermolen (Herbodinnemolen), 45 bunder grond en weiland en een leenhof vormde de windmolen een leen, dat door de heren van Groenhoven gehouden werd van het leenhof van Brabant.

In 1406 was Jan Van den Broecke de eigenaar. Kort voor 1416 ging de windmolen, samen met zijn voet, na een blikseminslag in de vlammen op. Hendrik en Daneel Vanden Broecke (van Groenhoven) waren toen de eigenaars. Na wat gekrakeel met de rentmeester van Overzenne en de drossaert van Grimbergen mochten ze hem uiteindelijk toch herbouwen. In een testament dat werd opgemaakt op 17.03.1475 lieten Jan Van Marselaer, heer van Opdorp, en Joanna 't's Jongen, zijn gemalin, de Heidemolen en de Herbodinnemolen (beiden gelegen te Malderen) na aan hun oudste zoon Gillis.

Er is een aangifte op 14 oktober 1536 van Jan Oemens, in naam van Adolf Herdinck, raadsheer van keizer Karel V, zijn ontvanger voor Zeeland enz. voor het leen genaamd " 't hof ten Broecke, met zijn dependentiën en zijn achterleenen, alles te Malderen gelegen, en de item de voorseyde wijlen Adolf heeft nog te leene gehouden van de keyserlijcken nu eenen wintmolen, staende in de prochie van Malre, opte Malre heye, welcken moelen jaarlijckx gelt de pachte XIX sacken Rockx mechels". In het Algemeen denombrement van Brabant, meyer van Merchtem: "Hier is eenen watermolen (Herbodinnemolen) ende eenen wintmolen (Heidemolen) die t' saemen in huere t' sjaers renderen ter somme van ....275 (Brabants)."

Tijdens de troebelen van de geuzentijd (circa 1578) werd de molen opnieuw verwoest. Over een eventuele heropbouw na 1600 door Pierre of Boudewijn le Cocq, de toenmalige heren van Groenhoven, werd nog geen spoor gevonden maar in 1686 maalde hij zeker weer.

Molenaar Adriaen Van Hooymissen (uit Puurs) huurde vanaf 1698 de molen van douarière Petronilla Anna Charlotta de Schietere, weduwe van Cosmas le Cocq, heer van Humbeek en van Groenhoven (acte notaris Verheyen, Puurs, 13.03.1698). Dierick Van Hooymissen volgde hem als molenaar op tot 1710. Toen diens huurcontract niet verlengd werd hij maalder op de Herbodinnemolen.

In 1710 is de familie Leemans op de Heidemolen (die nu ook een rosmolenplaats had) komen malen; de eerste was Peter Leemans uit Niel Hij was getrouwd met Gertrude Huybrechts en huurde de molen van Franchois le Cocq [6]. Na hem kwamen: Joannes Antonius Leemans en Elisabeth Van Assche (vanaf ca 1745) en hun zonen Judocus en Jacobus.(nà 1780).

In het Caertbroeck van Malderen opgemaeckt den 27 augusti 1717 door Jan van Acoleyen, landmeter, de Heidemolen en omgeving, als volgt vermeld: 66 - tegen de Malderheyde met den wintmolen, 69 - Derffgenamen van de heer le Cocq, heere van Groenhoven, over het Wintmolenhuyss, coolhoff, enz. 70 - de selve, over den molenberck, groot 27 roeden,... de selve over den rosmolenplaats, nevens voorseyde,... 71 - de selve, eene partije (gronds) genaemt de Schrans, groot met de waterwallen ende Slobbercant, samen 126 roeden." De molen was dus verschanst, met het oog op oorlogstijd...

Tussen allerlei runeachtige inkervingen staan de volgende data en inschriften. Op de molenstaak 1719, Judocus Leemans. Op de gording van de molen staat nogmaals ditzelfde jaartal. Op de steenbalk zijn nog andere data gesneden, vermoedelijk van herstellingen: 1755 - 1761 - 1781.

Rond 1796, toen vele goederen van de oude adel door de Franse revolutionairen werden aangeslagen, moet de molen eigendom van de familie geworden zijn. In 1796 was Jacobus (getrouwd met Marie Slachmuylders) nog altijd de molenaar; hij zou het tot 1842 blijven.

De windmolen werd op 25 juli 1929 als monument geklasseerd. Op 27 september 1943 volgde een bescherming als monument. De molen werd opnieuw als monument geklasseerd bij ministerieel besluit van 10.03.1994, de omgeving werd reeds vroeger als dorpsgezicht beschermd  op 14 oktober 1984.

Eduardus Leemans was de laatste molenaar die maalde met windkracht. Hij stopte ermee in 1943. De molen die in 1971 nog een nieuw houten wiekenkruis kreeg, diende in 1981 wegens gevaarlijk overhellen van de molenkast ondersteund te worden.

Een hevige storm blies hem op 28 januari 1990 van zijn voetstuk. Op 28.07.1994 werd hij samen met het molenhuis onteigend door de gemeente en er werd beslist hem terug op te richten. In opdracht van de gemeente Londerzeel bouwde de firma Caers uit Retie (molenmakers sinds drie generaties) de molen terug op in 1994-1995. Hierbij werden  sommige delen van de oude molen hergebruikt: de staak, de steenbalk, een ijzerbalk, de windpulm, het luiwerk, de molenas, de aswielen en de staartbalk.Ter gelegenheid van Open Monumentendag op zondag 10 september 1995 kon men de gerestaureerde molen in zijn vroegere staat bewonderen.

Vrijwillige molenaars sinds de heroprichting in 1995 waren Frans Ringoot (uit Opwijk) en Hans en Maarten Hoogewijs uit Merchtem. De twee laatsten zijn precies 10 jaar op de molen werkzaam geweest. Op 1 maart 2005 werd Mike Ekelschot uit Antwerpen (thans Gent) de nieuwe molenaar. Hij maalde diverse biologisch geteelde graansoorten. Door de slechte toestand van het houten wiekenkruis, stond de molen sinds september 2006 stil. Het hekwerk en de windborden werden grotendeels verwijderd met het oog op (dringende) vervanging.

Op 7 december 2007, tussen 3 en 4 uur 's nachts knakte  onder de druk van locale windstoten tot 120km/u één van de einden van het houten wiekenkruis.
Al enige tijd was de situatie zeer zorgwekkend en op de vergadering van 6 december werd dan ook besloten het kruis zo spoedig mogelijk te verwijderen...
Dat het zó spoedig zou zijn was niet te voorspellen!
Als eerste deskundige was molenaar Mike Ekelschot om 8 uur ter plaatse. Onmiddellijk kondigde de burgemeester de noodsituatie af en werd Onroerend Erfgoed  ingelicht. De omgeving werd dan ook afgezet en bij het kraanbedrijf Sarens werd een kraan gevorderd om de rest van de wieken af te halen. In een zeer snelle persverzameling werd eenieder ingelicht over het voorval en de direct te nemen actie.

In 2009 haalde 't Gebinte Molenbouw uit Erpe-Mere de restanten van het gevlucht uit en plaatste op 18 januari 2012 een nieuw houten wiekenkruis.

Architecten De Bruyn stelde in 2015-2016 een bestek op voor nieuwe onderhoudswerkzaamheden. De raming bedraagt € 165.408,20 excl. 21% btw of 200.143,92 incl. 21 % btw. De lastvoorwaarden en de gunningswijze werd op de gemeenteraad van 22 maart 2016 goedgekeurd. Molenbouw de Jongh bv uit Veldhoven kreeg de werken toegewezen voor 161.069 euro (exclusief btw), dus iets lager dan de raming. . De premie van de Vlaams Overheid bedraagt 139.773 euro.

Molenbouw de Jongh bv uit Veldhoven startte in 2016 met een nieuwe restauratie. Het gebint is in heel slechte staat: de kruisplaten en de steekbanden (die dateren van 1994) worden vervangen. De firma lichtte op 15 december 2016 de molenkast van zijn standaard en plaatste hem op de grond. De door houtworm aangetaste standaard en steenbalk (beide uit de 18de eeuw) worden in de werkplaats te Veldhoven behandeld en hersteld.

Na de afwerking van de restauratie in september 2017 laat vrijwillig molenaar Marc Van Den Broeck uit Lebbeke de molen weer draaien.

Eigenaars na 1830:
- voor 1834, eigenaar: Leemans Jacobus, te Malderen
- 06.06.1842, erfenis: Leemans- Kuyckens Charles, molenaar te Malderen (+Jacobus).
- 26.05.1856, verkoop: Leemans Charles, de kinderen (Charles Louis, Jacques, Pétronille, Joséphine, Marie Elisabeth en Florent.
- 01.03.1872, deling: Leemans Florentinus, molenaar te Malderen.
- 08.03.1903, gift: Leemans-Martens Eduardus, molenaar te Malderen.
- 26.09.1949, verkoop: Van Der Sluys-Koks Jaak Corneel Albert, handelaar te Malderen.
- 22.05.1968, verkoop: De Bondt-Van Der Massen Walter Maurits, boekhouder te Malderen.
- 1987, deling: De Bondt-Derwa Maurits, te Londerzeel.
- 28.07.1994, onteigening: Gemeente Londerzeel

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Heidemolen</p>

Foto: Hans Hoogewijs

<p>Heidemolen</p>

De instorting van 28.01.1990. Foto Frans Ringoot, Ons Molenheem

<p>Heidemolen</p>

Prentkaart Albert. Verzameling Ons Molenheem

<p>Heidemolen</p>

Prentkaart LAB. Verzameling Ons Molenheem

<p>Heidemolen</p>

De voormolen. Foto: Hans Hoogewijs

Aanvullende informatie

Intekendatum: 08.04.2009
Molen: Malderen (Londerzeel, Vl.-Brab.), Heidemolen - staakmolen met open voet
Bouwheer: Gemeente Londerzeel
Ontwerper: Arch. Jan Van Hoeymissen, Buggenhout
Opdracht: Constructie en plaatsing nieuw eikenhouten pestelkruis
Toewijzing: 't Gebinte Molenbouw bvba, Erpe-Mere

---------------

Gemeenteraad Londerzeel, 17.01.2008. Heidemolen na de beschadiging door stormweer.
Dringende interpellatie over het herstellen van de Heidemolen na debeschadiging door stormweer op 7 december.
Dit agendapunt wordt ingeleid door raadslid Pieter De Bondt van de Vlaams-Belangfractie.
"Verleden maand konden wij hier interpelleren en vragen stellen over de slechte staat van de Heidemolen en hoe het gemeentebestuur daar mee omging.
We gaan daar vandaag niet meer op terug komen, toen was onze bezorgdheid beveiligen. Nu echter voelen we ons wel verplicht onze bezorgdheid uit te spreken en onze mening te vertolken over het nodige herstel na de beschadiging door het stormweer op 7 december, tevens willen wij hierbij enkele vragen stellen.
Misschien is interpellatie hier niet het juiste woord, samen met het college willen wij, gemeenteraadsleden, zoeken naar de beste oplossingen voor een duurzaam herstel van de molen, mag dit dan de eerste aanzet zijn.
Vooreerst hebben wij kunnen vaststellen dat onmiddellijk, kordaat en efficiënt werd opgetreden en de noodzakelijke maatregelen i.v.m. veiligheid en het voorkomen van verdere beschadigen werden genomen.
Buiten het vernieuwen van de molenwieken, die waarschijnlijk volledig zullen moeten vervangen worden, wilden wij graag weten: Welke beschadigingen of verrotting nog werden vastgesteld tijdens de inspectie van 6 december?
Is er reeds uitzicht, hoelang het gaat duren voor de herstellingen kunnen worden aangevat?
Zijn het enkel de wieken of worden meteen alle herstellingen van de mankementen meegenomen?
Door ondervinding en kennis van zaken weten wij ook dat het belachelijk is te beweren dat de hoofdbalk zou aangetast zijn. Bij eikenhout dat heel duurzaam is kan enkel het spint, of beter gekend, het spek, worden aangetast en de rest het kernhout is omzeggens onaantastbaar, tenzij in uitzonderlijke gevallen door o.m. verstikking van het hout.
Voor ons zijn er echter 2 grote problemen:
Enerzijds: gezond hout dat door onkundige behandeling gedoemd is om te stikken, we bedoelen daarmee dat men door een niet geschikte houtbescherming het hout verstikt.
Anderzijds: Het gebruiken van een houtsoort aan de wieken die zeker niet geschikt is om constant in regen en wind te vertoeven.
Wij willen ook aandringen dat de herstellingen zouden gebeuren met het oog op een langere levensduur van de te vernieuwen stukken.
We gaan ervan uit dat men gebruik zal maken van stalen roeden, waarmee de molen tientallen jaren was uitgerust. Waarom komt men nu aandraven met stalen roeden, wetende dat de molen daarmee was uitgerust, we vonden het potsierlijk dat men nu doet alsof men het warm water heeft uitgevonden i.v.m. die stalen roeden.
Toen de molen begin de jaren '90 door een storm werd vernield, waren er geen stalen roeden, we veronderstellen dat deze bij een vorige restauratie niet meer werden geplaatst, omdat men er toen van uitging dat de molen niet meer zou draaien of malen.
Wij hebben ook onze twijfels over het gebruikte hout voor de wieken. Grenen hout is nooit of te nimmer bestand voor gebruik in open lucht. R.N.D of ander grenen hout (grenen is een algemene term voor tientallen soorten)is enkel van nut wanneer het niet onderhevig is aan de steeds veranderende weersomstandigheden. Wij vragen met aandrang dat hierop streng zal worden toegezien. Welk hout dan welk geschikt is zullen de meeste inwoners van onze gemeente zeker en vast weten. Misschien speelt het soortelijk gewicht van het hout hier wel een rol, maar dat kan worden nagekeken.
Laat ons duidelijk zijn, de roeden zijn eik, 6 à 7 meter lang en circa 30/40 cm dik, terwijl al eraan is bevestigd( heeft vele namen o.a. wiek)in grenen kan en mag zijn.
Het door storm afgewaaide deel is stuk een gedeelte van de roede en het daaraan horende van de wiek.
Zoals reeds eerder gezegd is het onverantwoord hout te voorzien van een niet geschikte deklaag dat meer schade aan het hout kan toebrengen dan het zal beschermen.
Mijnheer de voorzitter en leden van het college, wij weten dat ge u in deze zaken moet laten leiden door gespecialiseerde beroepsmensen, maar een raad wil ik hierbij u toch geven, leg uw oor af en toe eens te luisteren naar vaklui, ga niet enkel en alleen af op de eerste groep, want het gevaar bestaat altijd dat men u op een dwaalspoor zet om gemaakte fouten te verdoezelen.
Tot slot stellen wij vast dat de 15,000€ voorzien op de begroting niet zal volstaan voor een degelijke herstelling.
Op welke wijze denkt het college dat te financieren en moet dit gebeuren enkel met eigen middelen er van uitgaande dat de herstelling liefst zo vlot mogelijk moet verlopen?
De burgemeester licht toe dat tijdens de laatste visuele inspectie op 6 december er enkele beschadigingen waren vastgesteld (aan een traptrede, aan de randbalk van het bordes, aan de balustrade op het bordes, aan het schilderwerk aan de voet en aan een klein hoekje van de draagbalk). "Na de stormschade in de nacht van 6 op 7 december hebben we meteen de toelating gekregen van het agentschap ‘onroerend erfgoed' van Monumenten & Landschappen om het wiekenkruis af te nemen. Voor het volledige onderhoudsdossier van het geklasseerde monument dat de Heidemolen is, wachten we nu op de beslissing van M&L. We hopen dat die beslissing zo snel mogelijk valt. We rekenen daarbij op subsidies van de Vlaamse Overheid en van de provincie. In de begroting van 2008 hebben we eveneens een budget van 15.000 euro voorzien."

Gemeenteraad Londerzeel, 27.01.2009.
Heidemolen. Perceel 1 - dringende werkzaamheden. Goedkeuring van het bestek, de raming en de wijze van gunnen.
Schepen Eddy Vranckaert leidt dit agendapunt in.
Het bestek voor de uitvoering van dringende werkzaamheden aan de Heidemolen - perceel 1 - wordt met éénparigheid van stemmen goedgekeurd. De raming ten bedrage van 59.804,25 euro inclusief BTW. De werken worden gegund bij wijze van onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking.
Raadslid Pieter De Bondt van de Vlaams Belangfractie wenst volgende bedenkingen mee te geven. "Volgende week is het 14 maanden geleden dat de heidemolen in Malderen vleugellam werd door het afknappen van een bovenste wiekgedeelte ingevolge een najaarsstorm.
Wij weten dat er ondertussen door de ontwerper een heleboel werk is geleverd, maar wij wilden dat er toch wat meer vaart zou zitten in hetgeen genoemd wordt "dringende instandhoudingwerken".
Wetende dat het dossier kant en klaar rond 20 november op de tafel lag bij het schepencollege, wordt het bestek voor uitvoering nu pas na meer dan 2 maanden ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd.
Wij zouden toch willen aandringen voor een spoedige, daarom niet slordige afhandeling van de broodnodige en dringende herstellingen.
Wetende dat er 80 kalenderdagen zijn voorzien voor de werken blijft enkel de begindatum niet ingevuld.
Het was wel bevreemdend dat op de voorgestelde begroting slechts 15.000 € werd voorzien, gelukkig werd dit bedrag nog gecorrigeerd naar 65.000€, een kleine 10% hoger dan de raming, dat is goed, want we zijn bijna zeker dat we er niet gaan komen met die 59.805€ gezien er toch een aantal onbekenden zijn die het lastenboek vermeld. Is er voor de wijze van gunnen per onderhandelingsprocedure gekozen om tijd te winnen dan kunnen wij daar mee leven maar dan ontbreekt elke vergelijkingsmogelijkheid. Ik lees op de collegefiche dat het de bedoeling is om 2x een subsidie van 12.000 € te verkrijgen, is het niet zo dat het hier gaat om 2x een onderhoudspremie van 12.000 €, en er eigenlijk geen subsidiemogelijkheden zijn?
Verheugend is zeker dat enkel eikenhout is voorgeschreven, zowel bij het gevlucht, de enden en pestels, zelfs bij het hekwerk. Een verantwoorde keuze. Mooi zo!! Dat de windplanken zijn voorzien in Cederhout is zeker geen vermindering in de kwaliteit. Wij zijn zinnens de herstellingen van nabij te volgen."
Schepen Eddy Vranckaert deelt mee dat het dossier inderdaad door de ontwerper pas eind november 2008 werd ingediend en dat er in eerste instantie onvoldoende kredieten waren ingeschreven op de begroting. Dit is nadien rechtgezet in de gemeenteraad van 23 december 2008. De uiteindelijke uitvoeringstermijn zal in grote mate afhangen van de werkplanning en de programmatie van de aannemer die de werken zal uitvoeren.
Raadslid Pieter De Bondt vraagt in welke mate de ontmantelingswerken van de molen al geboekt zijn. De burgemeester deelt mee dat deze kosten al werden verrekend in de jaarrekening 2007.
- zie genotuleerde beslissing;
- aanvaard met éénparigheid van stemmen.

Gemeenteraad. 28 april 2009. Dringende herstellingswerken aan Heidemolen.
Dit agendapunt wordt ingeleid door raadslid Pieter De Bondt van de Vlaams-Belangfractie.
Op de gemeenteraad van januari 2009 werd het bestek en de wijze van gunnen voor bovenvermelde werken goedgekeurd.
Onze vragen:
1 - Werd er reeds een uitvoerder aangeduid en welke?
2 - Voor welk bedrag werd de overeenkomst gesloten en is deze overeenkomst gesloten volgens het opgemaakte bestek?
3 - Wanneer is het begin der werkzaamheden voorzien?
Schepen Eddy Vranckaert antwoordt hierop het volgende.
De uitvoerder voor de restauratiewerken werd nog niet aangeduid. De opening van de offertes vond plaats op 8 april 2009. Het aanbestedingsdossier is nog lopende en wordt nu verder verwerkt door de ontwerper, architect Jan Van Hoeymissen. Er waren twee inschrijvers waarvan één inschrijver een offerte heeft ingediend die binnen de opgemaakte raming viel.

 

Literatuur

Werken
John Verpaalen, "Nieuwe houten pestelroeden voor de Heimolen van Malderen", in: Molenecho's, XXIII, 1995, nr. 1, p. 1 en 12.
Luc Goeminne, "Malderen (Brabant) had nog geen windmolen in 1119", in: Molenecho's, X, 1982, p. 261-263.
Molenzorg vzw, "Stormschade aan Vlaamse molens (einde januari-begin februari)", in: Molenecho's, XVIII, 1990, nr. 1, p. 5-14.
J. Wouters, "De Heimolen te Malderen", in: De Brabander, III, 1923, p. 28-31.
Herman Holemans, "Kadastergegevens: 1835-1985. Brabantse wind- en watermolens. Deel 3: arrondissement Halle-Vilvoorde (M-Z)", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem", 1992.
M.A. Duwaerts e.a., "De molens in Brabant", Brussel, Dienst voor Geschiedkundige en Folkloristische Opzoekingen van de Provincie Brabant, 1961.
Jaak Wouters, "De 'Heidemolen' te Malderen" in: Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, XI, 1995, nr. 2, p. 71-73.
Van Doren & F. Vranckaert, "Malderen weer Malderen: Heidemolen wordt heropgebouwd", in: Tijdschrift van de Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, 1990, 1, p. 30 e.v.
Jan Lindemans, Oude windmolens, in: Tijdschrift van de Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, XI, 1995, 2, p. 74-75.
Maurtis Sacré, Nog over den 'Heidemolen' te Malderen, in: Tijdschrift van de Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, XI, 1995, 2, p. 76 e.v.
Alfons Van Stappen, De Heimolen te Malderen zal weer draaien in: Natuur- en Stedenschoon, LXIV, 1995, nr. 6, p. 16.
Alfons Van Stappen, De Heidemolen te Malderen in: Natuur- en Stedenschoon, LXIV, 1995, nr. 5, p. 30-31;
Marcel Slachmuylders, Vermeldingen van de windmolen van Malderen in de handschriften van de Rekenkamer van de domeinen van Overzenne, toebehorende aan de hertog van Brabant" in: Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, XI, 1995, nr. 2, p. 68-70.
Frans Ringoot, De Heidemolen van Malderen in: Ons Molenheem, 1995, nr. 4, p. 3-4.
Frans Vranckaert, "De Heidemolen herleeft!", in: Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, 10, 1994, nr. 4, blz. 160-161.
Frans Vranckaert, "De Heidemolen prijkt er weer" in: Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, XI, 1995, nr. 2, p. 62-67.
"Nog over de 'Heidemolen' te Malderen" in: Het oude land van Aarschot, XXX, 1995, nr. 2, p. 76, ill.; G.K. Kockelberg, De Heimolen. Zwarte zondag te Malderen.", in: "Ons Molenheem", Kinrooi, 1990, nr. 2, p. 3-8.
H. Holemans, Kadastergegevens - met achtereenvolgende eigenaars, in: "Ons Molenheem", Kinrooi, 1990, nr. 2, p. 8-9.
P. Bauters, Heimolen te Malderen door orkaan omver geblazen", in: "Levende Molens", jg. 12, 1990, p. 9-11.
Jaak Wouters, De Heidemolen te Malderen" in: De Toerist, jg. 2, 1923, nr. 24, p. 465-467.
"Informatiefolder Maalderij De Clercq. Traditioneel windmaalbedrijf de Heidemolen vzw", (Antwerpen, 2006).
Mts Sacré, Nog over den 'Heidemolen' te Malderen", in: Geschied- en Heemkundige Kring Londerzeel, 1995, nr. 2, p.76.
Van Doren & Vranckaert, Malderen weer Malderen: Heidemolen wordt heropgebouwd!, in: Geschied- en Oudheidkundige Kring Londerzeel, 1990, nr. 1, p. 30-32.
Ludo Cosijns, Malderse Heidemolen aan de kant, in: Ter Palen, XXXII, 2008, p. 90 e.v. en in
MOLINOdialoog, De vriendenkring van het Molenmuseum Sint-Amands aan de Schelde, jg. 7, zomer 2008, p. 8-11.

Persberichten
Malderen. Molenaar slaakt noodkreet, in: Gazet van Antwerpen, 10.11.2007.
Joris Herpol, ,,Leuk dat hier geen muizen zijn''. Mike laat Heidemolen draaien", in: Het Nieuwsblad, 01.04.2006.
Joris Herpol, Heidemolen gekortwiekt na stormwind, in: Het Nieuwsblad, 08.12.2007.
Piet Buelens, Molenwiek gaat vliegen, in: Gazet van Antwerpen, 10.12.2007.
Geert Rampelbergh, "Zondag 2 juni. Rondje Kouters aan de Heidemolen", Het Nieuwsblad, 16.05.2013.
Dimitri Berlanger, “Heidemolen wordt eindelijk opgeknapt. Eeuwenoud landschapsbaken stapsgewijs gedemonteerd”, Het Laatste Nieuws, 16.12.2016.
Joris Herpol, "Heidemolen in 2017 weer maalvaardig", Het Nieuwsblad, 20.12.2016.
Tom Serkeyn, "Heidemolen wordt ontmanteld voor restauratie", ringtv.be, 15.12.2016.
Dimitri Berlanger, "Heidemolen draait weer in het voorjaar". Restauratie beschermd monument in laatste lijn", Het Laatste Nieuws, 2912.2017.

Mailberichten
Bart Hoofs, Hilvarenbeek, 28.07.2016.


Laatst bijgewerkt: dinsdag 9 januari 2018
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens