|
Beschrijving
/ geschiedenis
Het verhaal van de molen is eeuwenoud. De oudste vermelding dateert uit 1217. In dat jaar sterft de eigenaar van de molen: de Heer van Rotselaar, en de oudste zoon erft, onder andere, de molen. We kunnen er dus van uit gaan dat er hier al meer dan 800 jaar een watermolen op de Dijle staat. Door huwelijken kwam de molen in handen van de hertogen van Aarschot, de families De Croÿ en later van Arenberg: dit duurde tot in 1902, een kleine onderbreking door de Franse revolutie buiten beschouwing gelaten. De gebouwen die nu rond het erf staan dateren natuurlijk niet uit 1217, maar zijn een staalkaart van het bouwen doorheen 5 eeuwen. In het Arenbergarchief vindt men een 16e-eeuwse pentekening terug die Rotselaar weergeeft. De Molen ligt links op de Dijle. Vanuit dit perspectief kon de tekenaar het waterwiel onmogelijk weergeven, daar paste hij met dichterlijke vrijheid een mouw aan... Bemerk ook de scheepvaart. Het oudste gebouw, de molenaarswoning, dateert uit 1573 en is opgebouwd uit een fundering en plint uit ijzerzandsteen, muren uit baksteen en een dak bedekt met natuurleien. IJzerzandsteen is natuursteen die hier in Rotselaar gewonnen werd (Diestiaan). Deze woning verving een vakwerkgebouw: een gebouw opgebouwd uit een houten constructie ingevuld met leem en stro. Van deze toestand vinden we een mooi ingekleurde pre-kadastrale kaart in het Arenbergarchief. Deze kaart geeft alle eigendommen van de Hertog in Rotselaar weer.
Als we inzoomen op de molen, herkennen we de huidige molenaarswoning aan een aantal details. De kleuren wijzen op een bakstenen woning waarvan het dak met leien gedekt is. De molen zelf is nog steeds een vakwerk gebouw. Er waren toen 3 waterwielen.
De witgekalkte molen dateert uit 1664: hij verving het vakwerkgebouw dat op het moleneiland stond. Tijdens de godsdienstoorlogen was de molen immers vernield. Pas in 1664 vond de Spaansgezinde Hertog de Croÿ de politieke en economische situatie terug geschikt om te investeren in de Molen van Rotselaar. Het bouwwerk werd de op 2 na grootste molen van de Nederlanden. Er werd niet alleen graan van boeren uit de omgeving vermalen, maar ook graan dat via de Dijle vanuit Antwerpen werd aangevoerd. De Dijle was bevaarbaar en samen met de nieuwe molen werd door bouwmeester Hanecart ook een nieuwe sluis op de Dijle ontworpen. De volgende foto dateert van voor 1902, maar geeft goed de 17e eeuwse molen weer. Van het silogebouw is er op deze foto nog geen spoor. De beide houten waterwielen worden beschermd tegen het zonlicht door een overkapping.
In zijn werfverslagen vermeldt de Brusselse bouwmeester dat hij er 7 uur te paard over deed om in Rotselaar te raken. Eens de sluis en de fundering van de molen klaar is, zit ook zijn werk er op: 'Il ne reste plus que l'élevage du bâtiment.' Van de molen zijn geen plannen bewaard, wel van de sluis op de Dijle. Deze sluis werd in 1995 vervangen door een dubbele klepstuw. De paardenstal is van 1777: doordat de Leuvenaars het kanaal Leuven-Dijle aanlegden, stokte de aanvoer van graan over de Dijle. De molenaar moest daarom met paard en kar naar Wijgmaal om het graan dat hij kocht op de graanmarkt van Antwerpen op te halen, vandaar de noodzaak voor een paardenstal en knechtenverblijf. De paardenkarren moesten uiteraard onderdak: hiervoor bouwde men in 1800 een houten schuur die zwart gepekt werd. Net voor de restauratiewerken konden starten, stortte de schuur in. Ze werd helemaal heropgebouwd. Rond 1840 kwam de familie Van Doren als pachter op de Molen van Rotselaar. Zij brachten de molen van het ambachtelijke tijdperk naar het industriële. Naast de traditionele maalstoelen werden er ook walsenstoelen, plansichters, elevatoren, ... De molen raakte bekend voor zijn fijne witte bloem. De omzet steeg zodat er nood was aan meer opslagruimte. Rond 1870 bouwde men dan ook een nieuwe schuur langs de Molenstraat tegen de paardenstal aan. Na grote overstromingen van de Dijle legde het provinciebestuur alle moleneigenaars aanpassingen aan alle stuwen en sluizen op. De hertogin van Arenberg zag op tegen deze kosten en verkocht in 1902 de molen aan haar pachter: Victor Van Doren. Nog datzelfde jaar werden beide stuwen gerenoveerd, de beide waterwielen vervangen door een krachtige waterturbine en het silogebouw gebouwd.
Een jaar na de plaatsing van de turbine in Rotselaar werd bovenstaande turbine geïnstalleerd in een molen in Straatsburg, door dezelfde firma: Schneider-Jaquet. Wellicht zijn enkele van bovenstaande mannen in Rotselaar aan het werk geweest.
Men ging 24u op 24u malen, in een drieploegenstelsel, 6 dagen op 7. Vandaar ook de noodzaak om het gebouw te verlichten. Vanaf 1907 ging men elektriciteit opwekken met de kracht van het water. De molenaar die ook gemeentesecretaris was, stelde de gemeente voor om de beide bruggen over de Dijlearmen 's nachts te verlichten.Dit groeide al voor de eerste wereldoorlog uit tot een openbaar verlichtingsnet. Ook de woningen langs deze straten sloten aan. Rotselaar was daarmee één van de eerste gemeenten in de buurt die geëlektrificeerd werden. In de jaren 1930 bouwde men nog midden op het erf een gebouw met kantoorruimte bij en een hangar tegen de silo aan. Maar al voor de tweede wereldoorlog was het duidelijk dat de molen met zijn verouderend machinepark in een krappe behuizing niet opgewassen zou zijn tegen de grote maalderijen uit de buurt zoals Remy in Wijgmaal, Hungaria, Van Orshoven, de Dijlemolens, ...in Leuven. In 1968 werd voor het laatst gemalen. Het maalcontingent werd verkocht, de machines verzegeld, de leren riemen en ziften uit de plansichters verwijderd... In 1973 stierf de laatste bewoonster van de molenaarswoning en kon de natuur zijn gang gaan. Het gebouw raakte zienderogen in verval, geholpen door kleine en grote vandalen, zwervers, ... Vanaf 1976 gingen de eerste stemmen op in Rotselaar om het gebouw te laten beschermen als monument. Bij de vastlegging van het gewestplan werd de molen ingekleurd in natuurgebied. Dit belette de op stapel staande afbraak en verkaveling van het terrein waarop de molen stond. De molen werd dan maar te koop gezet. Op 22 juni 1983 werd de Molen van Rotselaar definitief beschermd als monument en zijn omgeving als dorpsgezicht. In de loop van mei 1985 werd de molen van Rotselaar aangekocht. Een Leuvense vzw die ook met de Dijlemolens bezig was, stond in voor de formele aankoop in naam van enkele mensen die rond de molen wilden komen wonen. Het woon- en werkproject Molen van Rotselaar kon van start gaan. De molengebouwen waren er zeer slecht aan toe. We zullen een aantal foto's (zwart/wit nog) inscannen en hier publiceren. Er was op verschillende plaatsen instortingsgevaar. Met steun van de overheden werden dan ook al in de loop van 1987 dringende instandhoudingswerken uitgevoerd om het verval een halt toe te roepen. Ondertussen gingen architect: Rob Geys en zijn medewerkers aan de slag om het project uit te tekenen. Het begin van een lange en soms moeizame weg. Achteraf bekeken bleek het instorten van de houten schuur het echte startsein te zijn voor de restauratie van het molencomplex (1990). De toenmalige minister van Monumentenzorg tekende het eerste subsidiedossier. Hij heeft er ons wel toe aangezet om niet 4 woningen in de bijgebouwen onder te brengen, maar minstens 8. Er werden dan ook bijkomende mensen gezocht en gevonden: de grote schuur ging 4 wooneenheden tellen en boven in de houten schuur kwam een dakappartement. De molenaarswoning werd in 1991 zeer grondig aangepakt door Memibo, een restauratiebedrijf uit Herselt. De voorbereidende werken gebeurden door de eigenaars, geholpen door een groep mensen uit Letland die in de Molen deelnamen aan een werkkamp. Ook de afwerking gebeurde door de eigenaars. In 1992 volgde de renovatie van de paardenstal, bakhuis, turbinegebouw... De turbine werd in 1995 operationeel gemaakt. De molen en het molengebouw werden een jaar later hersteld.
De turbine is van het type Phenix, Schneider-Jacquet en heeft een vermogen van 100 Pk. In de bedding wordt het water opgestuwd door 4 schuiven. Ook op de bypass is een stuw aanwezig die een verval van 2,40 meter creëerde. Sinds november 2006 is de restauratiefirma Memibo bezig met de restauratie van de maalderijmachines. Het werk werd grotendeels gedaan door Fons Verbeeck (Rotselaar) en Jan Lambrechts (Hoeselt). Op 21 november 2008 kende Vlaams minister Dirk Van Mechelen een restauratiepremie van 236.751,62 euro (aandeel Vlaams Gewest) toe voor fase 3 (machinepark). Het machinepark bestaat uit 7 walsenstoelen, 3 steenkoppels). Het werk gebeurde onder toezicht van het Agentschap Onroerend Erfgoed en Dirk Vansintjan van eigenaar Ecopower cvba. De groenestroomcoöperatie Ecopower heeft zijn maatschappelijke zetel in de Molen van Rotselaar en is eigenaar van het molengebouw, het silogebouw en het turbinegebouw. De turbine van de molen wekt sinds 1995 elektriciteit op. Ongeveer 500.000 kWh per jaar. Dat is het gemiddelde verbruik van ongeveer 140 doorsnee Vlaamse huishoudens. Met de krooshekreiniger haalt Ecopower iedere dag ongeveer 500 kg zwerfvuil, takken, bladeren, ... uit het Dijlewater. Dit wordt gesorteerd en verwerkt. De groene stroom van de turbine wordt door Ecopower aan zijn coöperanten verkocht. De Vlaamse Overheid (VMM, Afdeling Operationeel Waterbeheer) gaat een vistrap of visnevengeul bouwen zodat stroomopwaarts trekkende vissen rond de molen kunnen zwemmen. Dit gaat het aanzien van de molen ingrijpend wijzigen.
Voor het bezoek aan de Molen richten wij ons vooral op groepen. Een gids leidt een groep tot 25 mensen rond. Dit duurt ongeveer een uur. Wij vragen een onkostenvergoeding voor de gids van 40 euro. Voor grotere groepen schakelen we meerdere gidsen in. Rondleidingen kunt u boeken via: dirk.vansintjan@ecopower.be of telefonisch: 0486 39 22 12
Dirk Vansintjan, Ecopower cvba, Rotselaar

Foto: Donald Vandenbulcke, Staden, 06.04.2010

Foto: Urbain Radelet, Holsbeek

Nieuwe hydraulische krooshekreiniger. Foto: Dirk Vansintjan, 21.01.2008

Molen in 1902

Kaart: Arenbergarchief
Bijlagen
1. Persbericht. Lore Callens (foto's Johan Van Cutsem), "Samen gelukkig in een molen", Het Nieuwsblad, 07.09.2007. De Open Monumentendag op 9 september focust dit jaar op het thema Wonen. Wonen in een oud stationsgebouw, een jugendstilvilla of je eigen fantasiehuis bouwen, deze zondag kan het allemaal. Samenhuizen is een trend van deze tijd. Daar speelt de Open Monumentendag met het thema 'wonen' natuurlijk uitgebreid op in. Ook de watermolen Van Doren (sedert 1217) in Rotselaar omvat een molenaarshuis (ca.1575), een 18de-eeuwse paardenstal en een silogebouw (1902). Zoals in iedere oude molen is er in het radarwerk veel hout gebruikt. Dirk Vansintjan kwam na zijn studententijd terecht in een gemeenschapshuis aan de Dijle. 'We woonden om de hoek aan de Molen Van Doren en de laatste molenaar was toevallig onze huisbaas. Ik was altijd al geïnteresseerd in geschiedenis en oude gebouwen, en toen het complex te koop stond gingen we ervoor. Al verklaarde mijn vader me gek, want het gebouw was in erbarmelijke staat', lacht Dirk. Al vrij snel betrok hij het gedeelte dat nog wel bewoonbaar was, en begon hij aan een grondige restauratie. Inmiddels woont er rond het erf een bont allegaartje van zo'n dertig personen. In de molen is een turbine geïnstalleerd waarmee groene stroom wordt opgewekt voor Ecopower, waarvan Dirk Vansintjan een van de bestuurders is. 'Sommige bewoners zijn aandeelhouders, anderen niet', vertelt hij. 'Iedereen doet zijn eigen ding hier. Wel doen we samen klusjes, houden we samen wat dieren en organiseren we jaarlijks de molenfeesten. Ook Open Monumentendag is een vast evenement op onze agenda, zeker nu het thema 'wonen' is. We zullen de bezoekers niet binnen in onze huizen nemen, maar we zullen hen wel rondleiden op het woonerf en tonen hoe we samenleven rond de molen.'
2. Persbericht. Guido Govaerts, "Massa's rotzooi aan watermolen. Elke dag een halve ton vuil in de Dijle", in: Het Nieuwsblad, 03.09.2001. ROTSELAAR - Hoewel de waterkwaliteit toelaat dat er weer vis op de Dijle leeft, wordt deze rivier nog steeds gebruikt als een open riool. Aan de molen in Rotselaar wordt dagelijks ongeveer een halve ton vuil uit de Dijle gehaald. Dat reinigen is nodig, omdat er in de molen een turbine werkt voor Wind- en Waterkracht Vlaanderen. Met het houtafval alleen kan probleemloos een woning verwarmd worden.Dirk Vansintjan is één van de bewoners van de molen in Rotselaar. ,,Wij krijgen hier geregeld Nederlanders en Scandinaviërs op bezoek. Zij begrijpen niet dat er zoveel vuil uit de rivier wordt gehaald. Bij hen is dat ondenkbaar. Er is dus blijkbaar nog veel sensibiliseringswerk nodig, om de Belgen zover te krijgen. Het herwaarderen van de pleziervaart zou één van de mogelijke oplossingen kunnen zijn om de mensen bewuster te maken om de waterpartijen niet als een open riool te gebruiken.'' ,,Dat er zoveel afval in de Dijle vloeit, was een ongekend probleem. Bij het opstarten van de turbine in 1995 was men zich bij de Vlaamse Gemeenschap helemaal niet bewust van het probleem. Het was pas uit een onderzoekopdracht van de ministerie van Leefmilieu dat bleek, dat hier dagelijks gemiddeld een halve ton vuil aanspoelde. Voor de vele bewoners die een huis of tuin langs de Dijle hebben wordt de rivier beschouwd als een soort vuilniskar die permanent langskomt. Die mentaliteit moet absoluut wijzigen,'' aldus Dirk Vansintjan. In normale omstandigheden wordt alles wat in de Dijle drijft tegengehouden aan de molen in Rotselaar. De Vlaamse Gemeenschap investeerde honderd miljoen in een reinigingsinstallatie aan de Volmolen in Leuven, maar het blijft wachten op de inwerkkingstelling van deze installatie. ,,Al twee keer stelden wij vast dat er een lijk in het water lag. Dat zijn zeker geen aangename momenten. Het parket is hier dan een hele dag druk in de weer. Er spoelen hier ook geregeld dierenkadavers aan van kippen, honden, katten, geiten, schapen, varkens en kalveren. Die zijn zeker niet allemaal toevallig in het water gesukkeld.'' ,,Erg onprettig zijn ook de zakken met slachtafval die we hier terugvinden. Een dan zijn er nog de vele huishoudtoestellen en flessen allerhande. Het groothout dat hier aanspoelt is voldoende om één woning te verwarmen. Alle afval wordt minstens één keer per dag gesorteerd in zes fracties.'' Geregeld is er ook vervuiling door stookolie. ,,Jaarlijks dien ik enkele keren klacht in tegen onbekenden. Meestal heeft dat geen resultaat. Toch zijn er op mijn klachten al illegale lozingspunten gevonden die dan ook dicht werden gemaakt,'' aldus Dirk Vansintjan. De watermolen van Rotselaar en de turbine staan open voor groepsbezoeken. Men neemt daarvoor contact op met Dirk Vansintjan via tel. 016-44 84 35.
Vlaams Parlement. Vraag nr. 158 van 3 februari 1997 van mevrouw TREES MERCKX-VAN GOEY Molens Van Dooren (Rotselaar) - Saneringswerken Dijle In het kader van de saneringswerken aan de Dijle in Rotselaar werden werken uitgevoerd aan de "Molens van Dooren". De werken hadden betrekking op: a) de restauratie van het molenaarscomplex, inrichten van appartementen; b) het bouwen van een waterkrachtcentrale; c) afbraak en vernieuwing van de brug over de Dijle-arm; d) het bouwen van nieuwe sluizen of stuw op de Dijle en de molenarm. 1. Kan de minister een overzicht geven, voor elk van de genoemde werken afzonderlijk, van de oorspronkelijk geraamde kostprijs, de tot op heden gemaakte kosten en de thans nog in het vooruitzicht gestelde of geplande werken? 2. De voornoemde constructies hebben onderhoud nodig. Welke kosten zijn reeds door de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheid gemaakt voor dat onderhoud? 3. Wat zijn in bovenvermelde projecten de financiële participaties vanuit de Europese Gemeenschap, het Vlaams Gewest, de toenmalige provincie Brabant, de gemeente Rotselaar en de omliggende gemeenten? 4. Wie is verantwoordelijk voor en heeft de opdracht om de sluis te bedienen? Werden de ingelanden vooraf verwittigd van het permanent kunstmatig hoog houden van het waterpeil ? Zo ja, wanneer en op welke wijze? 5. Hebben de diensten van de minister reeds vaststellingen gedaan van wateroverlast in het landbouw- en bosgebied in de Dijlevallei? Werd er vastgesteld dat voor sommige gronden elke landbouwexploitatie onmogelijk is geworden ? Werden de betrokken gebruikers of eigenaars hiervoor schadeloos gesteld? Welk bedrag wordt op jaarbasis uitgetrokken voor de schadevergoeding van land- en bosbouwers? Antwoord 1. De werken vermeld onder a) en b) en de werken op de molenarm onder d) behoren niet tot mijn bevoegdheid. De bouwkundige werken onder c) en d) (voorzover ze gelegen zijn op de Dijle zelf) werden in één aanneming uitgevoerd en omvatten de bouw van een stuw op de Dijle, het vervangen van een brug over de Dijle en de aanleg van een toegangsweg naar de stuw. De geraamde kostprijs der werken bedroeg 25.249.641 frank, de werkelijke kostprijs 29.786.526 frank, prijsherzieningen en BTW niet inbegrepen. De elektromechanische uitrusting van de stuw op de Dijle werd geraamd op 9.548.000 frank, de werkelijke kostprijs bedroeg 12.230.975 frank (id.). Aan de voormelde installaties zijn geen bijkomende investeringswerken meer gepland,behalve kleine aanpassingen aan de regeling van de stuwklep voor de inwerkingstelling van de afstandsbediening. 2. Tot op heden werden geen onderhoudskosten aan de onder 1 vermelde werken gemaakt. 3. De onder 1 vermelde kosten vielen integraal ten laste van het Vlaams Gewest. 4. De afdeling Water van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap is verantwoordelijk voor het beheer van de stuw op de Dijle. De bediening gebeurt automatisch. De moleneigenaar heeft enkel de mogelijkheid om de stuw tijdelijk neer te laten, bijvoorbeeld om onderhoud aan zijn installaties op de molenarm mogelijk te maken. De aangelanden werden niet officieel verwittigd van het opnieuw instellen van het vroegere stuwpeil. 5. Bij wateroverlast onderscheidt men enerzijds overstromingen en anderzijds grondwaterstanden die onverenigbaar zijn met het grondgebruik. De afdeling Water stelt geregeld overstromingen vast in de Dijlevallei stroomopwaarts en juist stroomafwaarts van Leuven, doch niet als gevolg van de bouw van de stuw in Rotselaar. De bekende overstromingen in de omgeving van de molen van Rotselaar dateren van voor de bouw van de nieuwe stuw, toen de oude sluisconstructie, die ervoor verantwoordelijk was dat de afvoercapaciteit van de Dijle lager lag dan nu het geval is, op de Dijle nog aanwezig was. De wateroverlastproblemen van eind augustus 1996 waren, zonder de werken aan de Dijle in Rotselaar, vermoedelijk groter geweest. Het opnieuw instellen van het vroegere stuwpeil heeft ongetwijfeld wel een invloed op het grondwaterpeil onmiddellijk langs de Dijle. Het grondwaterpeil in de ruimere omgeving van de molen van Rotselaar wordt echter in hoofdzaak bepaald door het peil van de Leibeek nr. 2.096 op de linkeroever van de Dijle en de Leibeek nr. 2.014 op de rechteroever van de Dijle. Aangezien deze waterlopen uitmonden in de Dijle stroomafwaarts van de molen van Rotselaar, heeft het stuwen aan de molen geen enkele invloed op het peil en de afvoer van deze waterlopen.Er werd nog niet vastgesteld dat voor sommige gronden landbouwexploitatie onmogelijk is geworden. Er werden nog geen gebruikers of eigenaars schadeloos gesteld. Op de begroting van Leefmilieu is voor dergelijke schadevergoeding geen bedrag ingeschreven.
Persbericht. GGH, "Visdoorgang", in: Het Nieuwsblad, 05.02.2009. ROTSELAAR - De VMM legt ter hoogte van de Molen Van Dooren een visdoorgang aan. Er komen tussen de Dijlestraat en de Liniestraat tien vistrappen van ongeveer tien centimeter. Alles samen kost het ongeveer 900.000euro. (ggh)
Persbericht. GGH, "Een lift voor de vissen", in: Het Nieuwsblad, 09.01.2009. HOLSBEEK - De Winge, ook Molenbeek genoemd, telt vele hindernissen door de talrijke watermolens. Hoewel de molens verdwenen, bleven de stuwen bestaan. Ideaal om het waterdebiet te regelen, maar geen goede zaak voor het visbestand, want de dieren kunnen dat niveauverschil niet aan. De provincie pakt die vismigratieknelpunten nu aan. 'Op een aantal plaatsen werden lichte drempels tijdens onderhoudswerken aangepast. Maar grotere verschillen zoals op de Winge, naast het Wagenhuis van het kasteel van Horst, moeten op een andere manier aangepakt worden', aldus Rolf De Bruyn, dienst Waterlopen van Vlaams-Brabant. Daarom wordt voor het knelpunt aan Horst een bypass gezocht en wordt een nieuwe loop aangelegd die voldoende water bevat omdat de vissen die lokstroom nodig hebben om die nieuwe richting te volgen. Waar dat niet kan omwille van een te hoog niveauverschil zoekt men andere oplossingen. Aan de molen van Overijse komt er daarom een visheveltrap, de eerste in Vlaanderen. Hij neemt weinig ruimte in beslag en vereist een beperkt debiet. Ook aan de Molen van Dooren in Rotselaar komt in de vroegere loop van de Leibeek een visdoorgang. Hier wordt het dossier beheerd door de Vlaamse Milieumaatschappij. (ggh)
Molenfeesten Rotselaar op 22 en 23 augustus 2009: een nieuw perspectief Welkom op de Molen van Rotselaar, Molenstraat 2 in Rotselaar Bezoek het woonproject in een beschermd complex en de waterkrachtcentrale op de Dijle. Je kan hier zitten voor een babbel, of eten en drinken, een rondleiding meemaken en nog veel meer. Er is een tent voor beschutting bij zon of regen. Animatie vanaf 14.00u op zaterdag en zondag * Volksspelen, schminken en verhalen * Eendjes vissen * Boottochtjes op de Dijle * Tochtjes met de huifkar * Brood uit de houtoven, met (warme!) bakker Gilbert * Rondleidingen in de molen: de oude industriële machines laten weer zien wat ze kunnen. * Uitleg over hernieuwbare energie * De winkel van de Molentuin is open: koop je biogroenten Zondag muzikale broodjesbrunch om 11 u Vers sap, broodjes en koeken uit de oven. Hiervoor moet je inschrijven. 8 euro voor volwassenen, 5 euro voor kinderen. Lekkers vanaf 14.00u * Warme pastaschotels, ook voor vegetariërs * Pannenkoeken * IJsjes aan de kar * Zaterdag laat: pizza's uit de houtoven. Vuurkorven op het erf en misschien dansen in de tent? Info over het feest en inschrijvingen broodjesbrunch 016 44 84 35 - 016 44 69 79 - 0486 39 22 12 - mailto:molenvanrotselaar@telenet.be
Literatuur
D.L., "Grote belangstelling voor "De Molen van Rotselaar" in het Vlaams Parlement", in: Molenecho's, XXV, 1997, nr. 4, p. 176-182; L. Humblé, "Rotselaar in oude prentkaarten", Zaltbommel, 1973: M.A. Duwaerts e.a., "De molens in Brabant", Brussel, Dienst voor Geschiedkundige en Folkloristische Opzoekingen van de Provincie Brabant, 1961; Herman Holemans, "Kadastergegevens: 1835-1985. Brabantse wind- en watermolens. Deel 5: arrondissement Leuven (M-Z)", Kinrooi, Studiekring 'Ons Molenheem', 1994; W. Caes, "Opgravingen aan de watermolen van Rotselaar: campagne 1994-1995 (ad interimverslag)", in: Hagok, Haachts oudheidkundig en geschiedkundig tijdschrift, XII, 1997, nr. 2, p. 116-124; W. Caes, "Opgravingen aan de watermolen van Rotselaar, campagne 1994-1995 (ad interimverslag)(vervolg)", in: Hagok, Haachts oudheidkundig en geschiedkundig tijdschrift, XII, 1997, nr. 3, p. 212-222: B. Minnen, I. Jansen, "Op zoek naar de middeleeuwse watermolens van Rotselaar" in: Hagok, Haachts oudheidkundig en geschiedkundig tijdschrift, X, 1995, nr. 1, p. 31-39; D. Vansintjan, "De watermolen van Rotselaar", in: "Tijdingen van het Beatrijsgezelschap", Rotselaar, jg. 23 (1987-1988), nr. 2 (winter), p. 17-22; nr. 3 (lente), p. 13-18; nr. 4 (zomer), p. 14-18, ill.; jg. 24 (1988-1989), nr. 1 (herfst), p. 12-17; nr. 2 (winter), p. 14-16; nr. lente, p. 16-21; nr. 4 (zomer), p. 15-18, ill.; jg. 25 (1989-1990), nr. 1 (herfst), p. 18-22, ill.; Els De Kinderen, "Watermolens als energiebron [Dijlemolen Leuven; Watermolen Rotselaar; Wedelse Molen Overpelt]", in: Levende Molens, jg. 9 (1987), nr. 3, p. 23-24; B. Minnen, "De watermolens in het dorp Rotselaar 1200-1550. Bijdrage tot de studie van de landelijke economie in Brabant in de middeleeuwen", in: Eigen Schoon en De Brabander, 67 (1984), p. 377-412, plans; en vervolg: "De watermolens te Rotselaar 1200-1500 (Verv.)", idem, 68 (1985), p. 63-80; Els De Kinderen, "De watermolen van Rotselaar en de evolutie in de maalderijsektor", in: De Belgische Molenaar en Levende Molens, Vakblad voor de maalderij, graan- en veevoederhandel, Officieel orgaan van het Landelijk Verbond der middelgrote en kleine maalderijen, Maandblad, jg. 79 (1984), p. 176-178, ill.; G. Lambrechts-Van Doren, "Watermolen aan de Dijle te Rotselaar", in: Ons Heem, jg. 19 (1965), nr. 3 (Bloeimaand), p. 115, ill.; http://www.ecopower.be/MvRfolder.pdf; Eduard Van Ermen, Het Kaartboek van Averbode 1650-1680, Brussel, Gemeentekrediet, 1997, p. 92-93, kaart XXIV; p.158-159, kaart Par. XVI; en p. 176-177, kaart Par. XXV; Isabelle Jansen, De heerlijke watermolen van Rotselaar, Leuven, 1996, 2 v. (Diss. Lic. Archeologie); J. Cools, "De Rotselaarse molens", in: Ons Nieuws, Gezamenlijke titel voor "De Haachtenaar" en "Ons Nieuws", Informatieweekblad, Haacht, jg. 84, 1974, nr. 27 (5 juli) - nr. 36 (6 sept.), p. 2; Werkgroep Wagdi, "Vijfhonderd jaar Grote Molens op de Demer in Aarschot", Aarschot, Wagdi, 2006, p. 206, ill. Jan Bosteels, "Leven van en voor een watermolen", in: De Standaard, 5-6 mei 2007, p. E12. Lore Callens (foto's Johan Van Cutsem), "Samen gelukkig in een molen", in: Het Nieuwsblad, 07.09.2007. Guido Govaerts, "Massa's rotzooi aan watermolen. Elke dag een halve ton vuil in de Dijle", in: Het Nieuwsblad, 03.09.2001. GGH, "Visdoorgang", in: Het Nieuwsblad, 05.02.2009. GGH, "Een lift voor de vissen", in: Het Nieuwsblad, 09.01.2009. G. Debruyne, Ign. Deconinck, P. Deruytter, "Verbouwing watermolen Rotselaar tot molenmuseum en groencentrum", Leuven, 1980, theses KUL. Faculteit toegepaste wetenschappen. Afdeling architectuur, 2v.
|