Molenzorg
Harelbeke, West-Vlaanderen
Naam

Koutermolen

Ligging Eikenstraat
8530 Harelbeke

Provinciaal Domein 'De Gavers'


toon op kaart
Geo positie 50.836563, 3.322694
Eigenaar Provincie West-Vlaanderen
Gebouwd Tussen 1768 en 1789 / 1892 / 1919 / 1982-1986
Type Staakmolen met gesloten voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Sierlijke voluteversieringen op de standaard
Gevlucht/Rad Geklinknageld, ca. 23 meter
Inrichting Twee steenkoppels, haverpletter
Toestand Maalvaardig
Bescherming M: monument,
14.04.1944
Molenaar Donald Destatsbader (Harelbeke, e-mail: koutermolen.gavers @ tvvlaanderen.net), Jan Velghe (Moorsele)
Openingstijden Ontoegankelijk vanwege rotte buitentrap
<p>Koutermolen</p>

Foto: Harmannus Noot  

Beschrijving / geschiedenis

De Koutermolen, nu opgesteld in het provinciaal domein De Gavers, heeft een heel bewogen geschiedenis achter de rug. Te Stacegem was de eerste houten korenmolen op de Veldwijkkouter opgericht door een lid van de familie Gheysens tussen 1768 en 1789. Op het Landboek van Harelbeke-Buiten uit 1768 wordt er immers nog geen molen vermeld en toen bestond hij dus zeker nog niet, terwijl de Kaart van de Steenweg Harelbeke-Zwevegem uit 1789 hem wél toont. De wijk waar hij stond heette toen in de volksmond de Veldwijkkouter. Het was een houten graanmolen, een standaardmolen met afdak over de molenvoet. De eerste molenaar was een zekere Pieter Gheysens.

Voor 1830 heeft de familie Gheysens de molen aan anderen afgestaan, want de kadastergegevens van rond 1830 geven een zeker Rafael Teirlinck uit Lauwe aan als eigenaar. Kort daarop kocht het gezin Pieter Gheysens-Marrin de ouderlijke molen terug en Pieter junior zou er ook de molenaar blijven tot aan zijn dood in 1861. Daarna werd het werk verdergezet door zijn weduwe en kinderen tot het gezin August Gheysens-Vandenbuerie er in 1873 weer alleen eigenaar van werd. De molen bleef de Molenkouter beheersen, zoals de wijk naderhand werd genoemd, tot in 1891. Op Palmzondag (22 maart) van dat jaar ging om een nog onbekende reden de molen in de vlammen op en werd hij totaal vernield.

Het toeval wil dat de woensdag daarop de Brandemolen van Deerlijk openbaar verkocht zou worden. Hij was al gesloopt en lag al in onderdelen verdeeld op de molendam om de stukken afzonderlijk van de hand te krijgen. August Gheysens wist ervan en ging de onderdelen keuren. Waarschijnlijk vond hij alles goed genoeg want zonder veel aarzeling kocht hij alle onderdelen op en liet ze onmiddellijk naar Stacegem overbrengen. Daar werd de molen weer opgericht en zo vlug mogelijk weer maalvaardig gemaakt. August had geluk in zijn ongeluk, want zo gemakkelijk en zo snel kwam je in die dagen niet aan een nieuwe molen.

Gedurende de daarop volgende 25 jaar werd er verder op deze nieuwe Koutermolen gemalen tot er een nieuw onheil de molen kwam treffen tijdens de eerste wereldoorlog. In 1917 wilden de Duitsers een vliegveld in de vlakke Gavermeersen aanlegen, maar daarvoor stond de Koutermolen lelijk in de weg. Zonder veel omhaal werd hij dan maar gesloopt. Victor Gheysens, die bij de dood van zijn vader August de molen had geërfd en de nieuwe molenaar was geworden, moest met lede ogen toezien hoe zijn molen zonder veel deskundigheid werd uiteengehaald. De losse stukken bleven verspreid liggen terwijl het vliegveld nooit veel dienst heeft gedaan. Na de oorlog kon Victor de molen niet meer herbouwen. Hij was te fel beschadigd. Weer was de familie verplicht uit te kijken naar een nieuwe molen. Gelukkig had Victor wat geld gekregen als oorlogsschade.

Het toeval bracht hem, net als zijn vader in 1892, weer in Deerlijk. Nu was het de Statiemolen, gelegen ten noorden van het station, die te koop werd gesteld door Gustaaf De Coninck. Gheysens vond hem goed, kocht hem en liet hem verhuizen naar de Molenkouter in Stacegem. Oorspronkelijk had deze molen in Desselgem gestaan, maar hij was reeds een eerste keer verplaatst naar Deerlijk Statie in 1897. Gustaaf De Coninck, die ook molenmaker was, verplaatste de Statiemolen in 1919 naar Stasegem om om er de nieuwe Koutermolen te worden.

En weer draaiden de wieken van een Koutermolen over de Gavermeersen. Victor overleed in 1946 en zijn kinderen kwamen in het bezit van de mlen. Geen van hen was echter molenaar en voor het eerst diende er uitgezien te worden naar een molenaar-pachter. De molen werkte nog dagelijks tot in 1948, maar daarna werd de taak wat verlicht voor deze oudgediende. Nog twintig jaar lang zou André Gheysens met een gelegenheidsmolenaar zijn molen af en toe laten malen, maar in 1968 zette ook hij er definitief de vang op. Van dan af gingen het erf en de molen een reddeloos verval tegemoet. De gemeente Harelbeke kocht hem wel in december 1976, maar veel veranderingen bracht dit niet met zich mee. Wie hem in die tijd zag, kon zich moeilijk voorstellen dat nog ooit iemand eraan zou gedacht hebben hem te herstellen.

Maar ook voor de Koutermolen was de redding tenslotte nabij toen de nood het hoogst werd. Toen iedereen al vreesde dat herfst- of voorjaarsstormen het haveloos geworden bouwsel definitief zouden neerhalen, werd het door de provincie West-Vlaanderen voor een symbolische frank aangekocht in 1978. Ingenieur-architect Walter Snauwaert uit Oostende maakte een restauratiebestek op. In 1981-1986 werd de korenmolen volledig gerestaureerd en heropgebouwd op een nieuwe, zes meter hoge belt in het provinciaal domein De Gavers, niet ver van de oorspronkelijke standplaats. Aannemer was de firma Cottenier uit Aalbeke.

De sierlijke voluteversiering op de standaard (onderaan 84 cm in het vierkant) wijst erop dat de oudste molenonderdelen uit de 18e eeuw dateren. Op de eerste verdieping zou de standaard ook het jaar 1777 hebben gedragen, maar heel leesbaar was dit niet meer.
In 2008-2010 werd de omgeving herschikt: de loop van de Gaverbeek werd verlegd en de molenbelt werd heraangelegd.

De molen is thans (2014-2015) ontoegakelijk, vanwege een rotte buitentrap.

Lieven DENEWET

Zie ook onder: Desselgem, Stratemolen of Molen op den Dam
                      Deerlijk, Stratemolen of Molen De Coninck
                      Harelbeke, Koutermolenwijk

<p>Koutermolen</p>

Foto: Dirk Dewyn, Harelbeke, 2007

<p>Koutermolen</p>

Foto: Christian Horrie, 29.07.2007

<p>Koutermolen</p>

Foto: Frans Declercq, Harelbeke, 30.09.2010

<p>Koutermolen</p>

Foto Frans Declercq, 04.06.2008

<p>Koutermolen</p>

De molen in 1973 (Foto: Gustaaf van Damme)

Bijlagen

Aantal asomwentelingen
1991:    8.550
1992:    4.017
1993:   13.021
1994:     5.812
1995:   10.350
1996:     2.055
1997:   31.861
1998:   20.028
2003:     4.896
2004: 220.098

Torie Mulders (pseudoniem van Hector Vindevogel), "De windmolens tussen Schelde en Leie", in: Handelingen van de Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, XXII, 1946-1948, p. 46-107 (71)(uitgegeven handschrift uit 1931 met latere aanvullingen).
In Staceghem, parochie afhangende van de gemeente Harelbeke, draait nog de Koutermeulen.
Ze brandde af op Palmzondagmorgen 1892 (noot: lees 1891).
August Gheyzens kocht de Brandemeulen die afgebroken op den dam te koop lag in openbare veiling den Woensdag erop volgende en herbouwde ze waar zijn molen afbrandde.
Ze werd op bevel der Duitschers afgetakeld in 1918.
De molen aan de statie te Deerlijk, gebouwen door Gustaaf Deconinck in 1897, komende van Desselghemstrate van de Kinders Decraene, werd in 1919 te Staceghem geplaatst, en draait nog heden ten dage, bewerkt door Gheyzens molenaar te Staceghem.

DJW, "Molen", in: Het Nieuwsblad, 11.07.2009.
Harelbeke - De Koutermolen is een van de toeristische attracties in provinciaal domein de Gavers. Het monument dat na restauratie in 1987 werd ingehuldigd is tot september elke zaterdag en zondag te bezoeken.
 
Land van Aalst, 29 maart 1891, p. 15
Harelbeke. Zondagnamiddag is alhier door eene onbekende oorzaak, de windmolen van M. Aloïs Gheyssens, mulder, wijk Stacegem, in brand geraakt.

Literatuur

Chr. Devyt, "Westvlaamse windmolens. Inventaris volgens de toestand op 1 januari 1965", Brugge, 1966, p. 76;
Luc Devliegher, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984, p. 208-211 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9);
Jeroen Cornilly, "Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen. Deel 1. Arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare, Tielt", Brugge, 2001, p. 48;
"Onze Molens. Water-, wind-, en rosmolens in Harelbeke - Bavikhove - Hulste, Stasegem", Harelbeke, 1990, p. 30-38.
Torie Mulders (pseudoniem van Hector Vindevogel), "De windmolens tussen Schelde en Leie", in: Handelingen van de Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, XXII, 1946-1948, p. 46-107 (71).
Herman Holemans, "Westvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel III. Gemeenten H-J", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1995.
S. Vroman, "De Koutermolen te Harelbeke-Stasegem", in: Molenecho's, XVII, 1989, p. 66-69;
M. Debrouwere & E. Ducatteuw, "Van molens en molenaars e Beveren-Leie en te Desselgem", in: Jaarboek van de Geschied- en Heemkundige Kring "De Gaverstreke", VI, 1978, p. 252-299;
E. Ducatteeuw & M. Debrouwere, "Nog over de molens en molenaars van Beveren-Leie en Desselgem", in: Jaarboek van de Geschied- en Heemkundige Kring "De Gaverstreke", IX, 1981, p. 397-415;
S. Vroman, "De Koutermolen te Harelbeke - Stasegem: bijna 20 miljoen en nog niet in orde! Nog een paar miljoen nodig...", in: Molenecho's, XVII, 1989, nr. 2, p. 66-69;
P. Mattelaer, "Inhuldiging van de Koutermolen te Harelbeke" (met in bijlage: "De molen van Stasegem"), in: Molenecho's, XV, 1987, p. 222-223;
Stefaan Vroman, "Requiem voor een molen: de Koutermolen van Stasegem (Harelbeke)", in: Molenecho's, XI, 1983, nr. 1, p. 17-18;
P. Pauwels, "Harelbeke. Koutermolen", in: Molenecho's, II, 1974, 11, p. 83;
J. Vangaver, "De Koutermolen te Stasegem", in: Jaarboek Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, XXXII, 1961-62, p. 498-501;
P. Despriet, "De Koutermolen te Harelbeke", in: Verslagen en Mededelingen van de Leiegouw, XIII, 1971, p. 102;
P. Despriet, "De Koutermolen te Harelbeke", in: De Leiegouw, XVIII, 1976, p. 315;
P. Despriet, "De Harelbeekse Koutermolen", in: De Leiegouw, XXI, 1979, p. 156;
Tk., "Verplaatsing van Koutermolen naar de Gavers slecht onthaald door Harelbeekse wijkbewoners", in: Het Laatste Nieuws, 27 oktober 1978;
J. Van Gaver, "De Koutermolen te Stasegem (Harelbeke)", in: Handelingen van de Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, XXXII, 1961-1962, p. 498-501;
"Verplaatsing Koutermolen (Harelbeke) bij K.B. goedgekeurd", in: Curtricke, XVI, 1981, p. 29;
A. Van Stappen, "De Koutermolen te Harelbeke-Stasegem: portret van een draaiende molen" in: Natuur- en Stedenschoon, LXIV, 1995, nr. 2, p. 37;
John Verpaalen, "Molennieuws van her en der [Harelbeke-Stasegem, Berendrecht Buitenmolen, Brugge Bonne Chiere, rosmolens te Izenberge en te Ertvelde), in: "Levende Molens, jg. 9 (1987), nr. 3, p. 21-22, ill; en nr. 4, p.29-30, ill.;
"De Koutermolen te Stacegem", in: Curiosa, oktober 2003, p. 27-30;
"De Brandemolen of Pladijsmolen te Deerlijk", in: Curiosa, okt. 2001, p. 11-12;
Beelden uit het verleden, Harelbeke-Bavikhove-Hulste-Stasegem , Harelbeke, 1978, p. 162.
K.De Flou, "Woordenboek der toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het land van den Hoek, de graafschappen Guines en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu" , Brugge, 1928, Deel VIII, kolom 571.
Gids voor De Gavers , Brugge, 1994, p. 72-73.
Aagje Vanwalleghem & Silvie Creyf, "Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Harelbeke, Deel I: Stad Harelbeke, Deel II: Deelgemeenten Bavikhove en Hulste, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL42, (onuitgegeven werkdocumenten), 2009.
P. Despriet, "De Koutermolen te Harelbeke", in: Curtricke-Roslaer, Orgaan van de Westvlaamse Gidsenkring, Afdeling Kortrijk en Roeselare, Informatie voor toeristische gidsen, Kortrijk, jg. 9, 1974, nr. 35, p. 43-44.
"Provinciale draaipremie voor ambachtelijke molens. Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2004-2009", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVI, 2010, 3, p. 115-118.
"Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2010", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVII, 2011, 1, p. 50.

Persberichten
Land van Aalst, 29 maart 1891, p. 15
DJW, "Molen", in: Het Nieuwsblad, 11.07.2009.


Laatst bijgewerkt: maandag 10 april 2017
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens