Molenzorg
Langemark (Langemark-Poelkapelle), West-Vl...
<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>
Foto: Donald Vandenbulcke, 27.01.2008
Naam

Steenakkermolen
Dodenmolen

Ligging Onze-Lieve-Vrouwestraat
8920 Langemark (Langemark-Poelkapelle)

Sint-Juliaan


toon op kaart
Geo positie 50.897392, 2.947997
Eigenaar Provincie West-Vlaanderen
Gebouwd voor 1439 / 1793 / 1923
Type Staakmolen met open voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Kunstschali?n op de windweeg
Gevlucht/Rad Gelaste roeden, ca. 24 meter
Inrichting Twee steenkoppels, buil, haverpletter
Toestand Maalvaardig
Bescherming M: monument,
29.05.1964
Molenaar Ghislain Ossieur, Donald Destatsbader
Openingstijden In april-oktober, meestal elke 1ste en 3de zondag van de maand, 14-17 uur. Andere tijdstippen: contacteer Provincie West-Vlaanderen, mevr. Ann Maes, tel. 050 407179, e-mail: ann.maes @ west-vlaanderen.be of molenaar Donald Destatsbader, gsm 0477 262578.

Beschrijving / geschiedenis

De Steenakkermolen is een houten korenwindmolen in de Onze-Lieve-Vrouwestraat, nabij Sint-Juliaan.

Op het einde van de veertiende eeuw bouwde Pieter Cobbe uit Hooghe Zieken (Sint-Jan bij Ieper) op de huidige standplaats de eerste Steenakkermolen. Het toponymisch woordenboek van Karel de Flou geeft als eerste vermelding uit 1439: "In Langhemaercn,.. oostwaerd vanden straetkine dat strect ten steen ackere meulne waerd."Het toponiem Steenakker was er al in 1370:

De leggers en de bijhorende registers van de gebieden van Wijnendale en Cleven (17de eeuw) gebruiken de Steenakkermolen herhaaldelijk als oriëntatiepunt om de diverse percelen te situeren.
In 1776 bevonden zich op enkele kilometer afstand en binnen het gezichtsveld van de Steenakkermolen, verscheidene andere korenmolens waaronder de Eeckhoutmolen (NW), de Wallemolen (N) en de 's Graventafelmolen (O). Rond 1840 kwam daar nog o.a. de Sint-Jelins-molen (ZW) bij. De Steenakkermolen werd in 1793 herbouwd.

In de Ieperse krant "Le Propagateur" van 7 januari 1854 staat een aankondiging voor het openbaar verkopen van de "schoonen en wel gekalanten standaerd Graen Windmolen, genaemd 'den Steenackermolen', met roskot, woonhuis, land", gebruikt door de medeverkopers gebroeders Baelen. De instel had plaats op 28 december 1853 en de toewijzing op 11 januari 1854, telkens in de herberg 'de Barrière', gelegen langs de "kalsijde van Yperen naer Brugge en Langemarck". Uit deze advertentie blijkt dat er toen naast de windmolen een rosmolen stond om ook in windstille periodes te kunnen malen.

Van de eigenaars kon volgende chronlogische lijst opgesteld worden:
- eind 14de eeuw: Cobbe Pieter
- 1700: Pauwels Vulstecke (eigenaar), Duytschaver Joannes (molenaar)
- 1776: Verfaillie Gerardus (molenaar)
- voor 1834, eigenaar: Baelen Victor, molenaar te Langemark
- 03.11.1847, erfenis: de kinderen: a) Baelen Jan, molenaar te Poperinge, b) Baelen Joseph Ignaas, molenaar te Langemark, c) Baelen Clement, molenaar te Langemark, d) Baelen Louis, molenaar te Langemark, c) Baelen Clement, molenaar te Langemark, d) Baelen Louis, molenaar te Langemark, e) Baelen Reine, echtgenote Godderis Eugène, metser te Zonnebeke en f) Baelen Melanie, echtgenote Vandamme, te Moorslede (overlijden van Victor Baelen).
- 11.01.1854, verkoop: Deman Martinus Engel Albert, gehuwd met Lornez Marie Therese Catharina, landbouwer te Leke (notaris Delavie).
- 07.01.1864, verkoop: Bailleul-Millenert Franciscus Xaverius, molenaar te Langemark (notaris Pieters)
- 27.12.1869, verkoop: Vandeputte Jan-Baptist, gehuwd met Morent Lucie Pelagie, landbouwer te Langemark (notaris Pieters)
- 28.08.1877, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Jan-Baptist Vandeputte)
- 28.11.1898, erfenis: de kinderen (overlijden van Lucie Morent, weduwe van Jan-Baptist Vandeputte)
- 12.06.1899, deling: Vandeputte-Carette Charles Louis, molenaar te Langemark (notaris De Tavernier)
- 23.03.1922, verkoop: Lievens-Standaert Jules Joseph, molenmaker en molenaar te Langemark (notaris De Tavernier - hofstede met windmolen en afhangen)
- 16.11.1934, verkoop: Dewulf-Vandecandelaere Alberic Joseph, landbouwer te Rumbeke (notaris David)
- 01.07.1955, verkoop: Debaene-Bordau Richard Joseph Cornelis, landbouwer te Ieper (notaris Decock)
- 06.03.1981, verkoop: Provincie West-Vlaanderen.

Een molen in werking vereist een voortdurende voorzichtigheid. In september 1894 verongelukte de 8-jarige Honoré Salomez, een jongen uit de buurt, op de Steenakkermolen. Zijn hoofd geraakte op de steenzolder verpletterd tussen de tandwielen toen de molenaar beneden de molen naar de wind richtte of kruide (zie bijlage). 

De Steenakkermolen die eeuwenlang de winden trotseerde, ging tenonder in de eerste wereldoorlog. Op 21 oktober 1914 begon 'de eerste slag om Ieper' waarbij de Britse, Franse en Duitse troepen hun stellingen innamen. De molen lag vlak in de frontlijn. Door zijn hoogteligging bood de molen uitstekende observatiemogelijkheden. Nauwelijks een week later was het afgelopen met de Steenakkermolen. In de strijd om het bezit ervan, ging hij helemaal in de vlammen op. De eerste gevechten rond de molen werden door Wilhelm Schreiner beschreven in 'Der Tod von Ypern' en in "Flandern" door Werner Beumelburg. Jozef Maes heeft delen ervan in Nederlandse vertaling opgenomen in zijn bijdrage voor "De Belgische Molenaar". Sedertdien kreeg de Steenakkermolen haar lugubere tweede naam 'Dodenmolen'.

Op 22 april 1915 barstte 'de tweede slag om Ieper' los. Tijdens deze slag gebruikten de Duitse troepen, voor het eerst in de wereldgeschiedenis, chemische wapens (chloorgas) in oorlogsvoering. De Canadese troepen leverden, aanvankelijk te Sint-Juliaan en later in de omgeving van de ruïnes van de Steenakkermolen, moedig weerstand na de eerste ogenblikken van vertwijfelde geallieerde verwarring. Aan deze slag herinneren het 'Canadees monument' in de molenomgeving, de 'Vredeseiken' in het dorp en het Kitchener's Wood-monument in de Wijngaardstraat.
De molen werd in de twee slagen herhaaldelijk vermeld. Na de gasaanvallen is er blijkbaar niets meer van over. Alhoewel er tijdens 'de derde slag om Ieper' in de zomer van 1917 nog veel zwaardere gevechten worden geleverd, komt hij nooit meer ter sprake.

Rond de Steenakkermolen bevindt zich een uitgebreid stelsel van Duitse loopgraven waarin talrijke manschappen sneuvelden onder aanhoudende kanonbeschietingen. Een citaat uit de genoemde Duitse werken: "Rondom Steenakkermolen liggen zoveel lijken dat men haast geen voet meer kan verzetten. Stil gekreun stijgt hier en daar nog op. Aan de andere zijde verstrekt de lichte heuvel wat dekking, rondom knetteren de geweren zonder verpozen. Over de vlakte die dreunt van het donderend geschut spreidt zich de rooknevel. De zon zinkt bloedrood tussen de populieren. De strijd gaat verder. Doch het bataljon is uitgeroeid! Men zou het in de avond willen uitschreeuwen: Uitgeroeid... Dodenmolen! Over al die gruwel zinkt de nacht."

Pas in januari 1920 kwamen de eerste dorpelingen naar het totaal verwoeste Sint-Juliaan terug. In 10 jaar tijd herrees het dorp uit de woestenij. In 1923 bracht Jules Lievens-Standaert de Kruisbergmolen uit Pittem over ter vervanging van de verdwenen Steenakkermolen.

Voor de geschiedenis van de huidige molen als gebouw dienen we dus een kijkje te nemen in Pittem.
In 1789 kreeg de Ruiseleedse molenmaker Pieter Hoste opdracht van molenaar Lodewijk van Poucke om de Kruisbergmolen te bouwen. Het bouwjaar 1790 staat vermeld op het klauwijzer van het steenkoppel onder het voorwiel.
Molenaar van Poucke kon nauwelijks van zijn eigendom genieten want hij stierf nog geen twee jaar later. Zijn weduwe kon de hypotheek niet aflossen en moest de molen verkopen.
Op 25 jaar tijd kwamen er vijf molenaars tot dat Sebastiaan Goethals in 1817 het bedrijf overnam.
In 1855 kwam Karel van Brabant er malen, vermoedelijk tot 1895. Aan molenaar van Brabant herinnert de inscriptie in de zware middenlijst naast de trap naar de bovenste zolder. Boven zijn naam staat het bouwjaar 1790 gebeiteld. De kinderen van Brabant verlieten de molen in 1923. Daarna werd hij afgebroken om naar Sint-Juliaan overgebracht te worden.

Molenmaker Jules Lievens-Standaert verrichtte zelf het transport van de afgebroken Kruisbergmolen. Daarvoor gebruikte hij een wagen met twee paarden. De roeden werden vervoerd onderaan de driewielkar waarvan het voorwiel verwijderd was. Lievens moest zeven keren heen en weer om alle molenonderdelen ter bestemming te krijgen. Eens ter plaatse werd alles weer gemonteerd. Jules Lievens maalde er zelf tot in 1929.

Aanvankelijk werd gekozen voor een gesloten voet, maar na de orkaan van 14 november 1940 (zie hierna) werd dit kot afgebroken om de schade aan het gebinte te kunnen herstellen. Zo werd ook de inscriptie onderin de staak weer zichtbaa: "L. VAN / POVCKE / PIETER / 1790". Hetzelfde jaartal vindt men op een klauwijzer, samen met de initialen P.D.L. Op de rechter middenlijst staat de mooie inscriptie: "KAREL VAN BRABANT 1842".

Aan de heropgebouwde molen is de molenaarsnaam Vercoutere onlosmakelijk verbonden. Clement Vercoutere stamde uit een molenaarsgeslacht uit Wingene. Vanaf de 17de eeuw werden verscheidene molens door de familie Vercoutere bemalen. Clement Vercoutere had er de Pijpemolen in huur. Toen de eigenaarszoon de molen wenste te bemalen, moest Vercoutere naar een andere molen uitzien. Veel keus was er niet. Zo belandde de molenaar met zijn twee zoons en zijn dochter op de Steenakkermolen te Sint-Juliaan. Daar pachtte hij de molen, het molenhuis en de bijhorende landerijen.
De jongste zoon Gaston was toen 19 jaar en leerde er de muldersstiel van zijn vader. Vaak moesten ze tot een heel stuk in de nacht malen. Ook 's zondags moest soms gemalen worden om door het vele werk te raken, vooral als de molen tijdens de week door gebrek aan wind had stilgelegen.

In de stormnacht van 14 november 1940 was de molen bijna verloren. De molen had het hard te verduren maar hield toch stand. 's Morgens was hij op zijn teerlingen verschoven en stond hij scheef. De trap en de staart hadden net kunnen beletten dat de molen van de teerlingen was geblazen. De molenbouwers Achiel en Henri Lejeune voerden de herstellingen uit. In 1949 maakte Achiel Lejeune uit Stavele ook een nieuw vangwiel.

Vader Clement stond elke dag, tot aan zijn overlijden op 81-jarige leeftijd op 7 juni 1943, op de molen. Als rasechte molenaar keek hij elke morgen opnieuw waar de wind zat.

De geschiedenis herhaalde zich gelukkig niet tijdens de tweede wereldoorlog. Eén keer schoten de Duitsers gewoon voor hun plezier op de draaiende molen. Verder waren er geen problemen.

Moderne tijden braken aan, maar molenaar Gaston voelde geen behoefte aan verandering en modernisering. Hij voorzag de buitenste helft van de binnenroede van het wiekverbeteringssysteem Fauël, zodat aldus een halve fokwiek ontstond. Slechts als er geen wind zat, gebruikte hij het steenkoppel in de maalderij naast het woonhuis. Dit steenkoppel werd aangedreven door een traagdraaiende scheepsmotor.
Geleidelijk verviel de molen door het gebrekkig onderhoud aan het staande werk (in het bijzonder van de kruisplaten en steekbanden) door de eigenaar. Door de voortdurende aftakeling van de molen, diende molenaar-pachter Vercoutere in 1975 noodgedwongen het malen stop te zetten. Hij verliet zijn geliefde molen en overleed in 1988 te Menen.

Het verval van de molen verliep nog veel sneller na het stopzetten van de maalactiviteiten. In maart 1978 kocht de provincie West-Vlaanderen de molen voor 500.000 Belgische frank. De molen werd in 1982 voorlopig gestut om omwaaien ter voorkomen, dit in afwachting van de restauratie. Vijf jaar later werden de molenvoet en de trap hersteld, waardoor de molen weer zonder 'krukken' stond.

In 1992 voerde N.V. Bouwonderneming Verstraete uit Rumbeke de maalvaardige restauratie uit. Ontwerper was architect Christiaan Van Sassenbroeck (°Brugge 1946), die werkzaam was bij de Provinciale Dienst voor Cultuur en bij koninklijk besluit van 12 november 2008 benoemd werd tot Officier in de Leopoldsorde (ranginneming: 15.11.2006).
Alle molenonderdelen die nog in goede staat waren werden herbruikt. Zo bleven onder andere de staak, de steenbalk, de middenlijsten en nog een aantal verticale balken geheel of gedeeltelijk bewaard.
In zijn geheel bekeken, kunnen we echter spreken van een nieuwe molen met gebruik van een aantal oude stukken. In juli 1993 werd de molen proefgedraaid en de feestelijke ingebruikname vond plaats op zondag 26 september 1993. Helaas heeft men een metalen hek (in plaats van b.v. houten palissaden) rond de molen, waardoor afbreuk wordt gedaan aan de esthetische waarde.

Sinds 1993 wordt de molen door vrijwillige molenaars bemalen: tot 2000 door Raymond Durnez (Geluwe) en Lieven Denewet (Hooglede), tot 2010 door Ghislain Ossieur (Lendelede) en Bregt Patrouille (Tielt).

Bij de inhuldiging van de Beeuwsaertmolen te Bikschote op zaterdag 3 juli 2010 signaleerden leden van de Werkgroep West-Vlaamse Molens vzw aan de toenmalige Gedeputeerde voor Cultuur, Gunter Pertry, over de gevaarlijke toestand waarin de Steenakkermolen van Langemark verkeerde. Op 11 augustus 2010 maakte Monumentenwacht West-Vlaanderen een rapport op. 

Van buitenaf kon iederen de volgende mankementen vaststellen:
- De staart is getorst.
- Gezien vanaf de windweeg helt de molenkast sterk over naar links, men ziet een halve lei verschil vergeleken met de roede die loodrecht naar beneden gericht is.
- De koppen van de kruisplaten vertonen verrottingsverschijnselen en uitvliegopeningen van de grote boktor.
- Het contact- en draagvlak van de tenen van zeker twee van de vier meesterbanden is verstoord, telkens één van de hoogteteerling en één van de laagteteerling. Hiermee is de stabiliteit van de molen niet meer verzekerd en is kantelingsgevaar niet ondenkbaar.
- De staak steunt voor een deel op de bovenste kruisplaat. Dit is een ernstig gebrek want een kruisplaat kan het gewicht van een molen niet torsen. De staak is zeer erg aangetast door actieve grote klopklever en kubisch rot. Dergelijk aantastingen zijn ernstig omdat hout er verzwakt door wordt.
Binnen is thans (2013) het volgende vast te stellen:
- De steenbalk is aan de rechterkant gebarsten. Dit is een ernstig mankement! Hierdoor hangt het molenkot ongeveer 12 cm uit het lood. Dit werd door de Monumentenwacht geconstateerd door middel van een schietlood.

Volgens molenkenners waren de volgende werken nodig:
- de kruisplaten vervangen
- de staak, de steenbalk en de zetel vervangen

Minstens diende uitgevoerd te worden:
- de zetel behandelen tegen actieve grote klopkever (Xestobium Rufovillosum)
- de sterkte van de staak controleren en behandelen tegen actieve grote klopkever (Xestobium Rufovillosum)

Dank zij een sensibiliseringsactie in de pers (kranten, regionale tv) tot zelfs twee schriftelijke vragen in het Vlaamse parlement (zie onder bijlagen) kwam er opeens schot in de zaak.
In zitting van 14 juni 2013 nam de Bestendige Deputatie van de provincie West-Vlaanderen het besluit: "120. Gebouwen. 10782 - 0340/2011/000 - Goedkeuren gebruik Steenakkermolen. Beslissing: Goedgekeurd".
Midden juli 2013 heeft Molenbouw Peusens bvba uit Merelbeke de molenkast gestut, na een aanbesteding uitgeschreven door de provincie West-Vlaanderen op eind juni.
In zitting van 25 juli 2013 nam de Bestendige Deputatie van de provincie West-Vlaanderen het besluit: "Goedkeuren gunning opdracht van diensten: architectuuropdracht en technieken met leiding, controle en toezicht op de werken voor het project: herstel Steenakkermolen te Langemark-Poelkapelle". Als ontwerper werd het Architectenbureau Sabine Okkerse uit Horebeke aangeduid.

Op 3 juni 2014 ging de openbare aanbesteding door. De laagste bieder was R. & K. Wieme uit Machelen (Zulte) voor 287.944,52 euro. Deze firma startte begin oktober 2014 met de werken. Op maandag 13 oktober werden de kaalgezette roeden uitgetrokken, op dinsdag 14 oktober werden de molenstenen naar beneden gehaald en op woensdag 15 oktober werd de molenkast op de grond geplaatst.  Deze kast moest ter plaatse blijven en mocht niet uiteen genomen worden. De meeste werkzaamheden werden ter plaatse uitgevoerd. Met de plaatsing van de roeden op 2 juli 2015 waren de werkzaamheden bijna afgerond.

Op zondag 22 mei 2016 werd de molen officieel geopend door de provincie West-Vlaanderen en de gemeente Langemark-Poelkapelle.
Op het programma stond:
- 10u15: Ontvangst genodigden door straattheater act "Les Gendarmes de Saint-Tropez"
- 10u30: Ontvangsttoespraak door burgemeester A. Wyffels
- 10u40: de bijzondere geschiedenis van de Steenakkermolen, door vrijwillig molenaar G. Ossieur
- 10u50: Toespraak Gedeputeerde Decorte
- 11u00: Officiële opening van de molen en mogelijkheid tot bezoek
Aansluitend de receptie
Muzikale omlijsting door het Guynemerkliekske

De vrijwillige molenaars zijn Ghislain Ossieur (Lendelede), e-mail: ghislainossieur@hotmail.com en Donald Destatsbader (Harelbeke), tel. 0477 26 25 78, e-mail donald.destatsbader@ tvvlaanderen.net. De molen is te bezoeken: in april-oktober, meestal elke 1ste en 3de zondag van de maand, 14-17 uur. Andere tijdstippen: contacteer Provincie West-Vlaanderen, mevr. Ann Maes, tel. 050 407179, e-mail: ann.maes @ west-vlaanderen.be of molenaar Donald Destatsbader, gsm 0477 262578.

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>

De vroegere vrijwillig molenaar Bregt Patrouille

<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>

Foto: Freddy Quaghebeur, 1992. De ontmantelde molenkast bij de aanvang van de restauratie

<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>

De gestutte molen. Foto John Verpaalen, 1990. Uitgegeven als prentkaart door Stichting Levende Molens, Roosendaal

<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>

Foto: Gustaaf Van Damme, 1973 (uitg. als prentkaart, Stichting Levende Molens-Roosendaal, 2000)

<p>Steenakkermolen<br />Dodenmolen</p>

Prentkaart jaren 1960. Wiekverbeteringssysteem Fa?l (fokborden) op de buitenste helft van de binnenroede

Literatuur

Archiefbronnen
- Stadsarchief Brugge, Renteboek der abdij van Zonnebeke, 1370, f° 13 r°:  "in steenackre onder Courtry"
- Stadsarchief Ieper (bron vernield in 1914), Renteboek van Sint-Pieters - Ieper, f° 39, een langwerpig perkamenten cahier met als titel: "Djt navolghende es alle de ervelike rente ende landhuere toebehorende der kerke van sijnte pieters typre vernieut bi jacob perlaen, pieter caes, france de neckere ende joos dhoge als kerckmeesters in deisen tiden ende willem losier ontfanghere vander zelver kerke jnt jaer .xiiij c ende .xxxix. jnde maend van september, vallende alle jaere telken zijnte bamesse" (1439),
- Stadsarchief Ieper,  Kasselrij Ieper, nr. 5068, "De prochie van Langhemarck. Terrier a(nn)o 1628" (register, groot folio), f° 146 ("Tusschen de Brugghe strate ... ende Steenacker muellene", 1628).
- Stadsarchief Ieper, Kasselrij Ieper, I, nr. 68, "Registre van alle de hooftleenen vanden princelijcken leenhove van Sijne Mats. Zaele van Ipre, 1648, f° 79 ("In Passchendale, het straetken loopende vanden houtberch naer den steenacker meulene", 1648).
- Stadsarchief Ieper, Kasselrij Ieper, nr. 5274. "Landtboeck van Cleven haer extenderende binnen der prochien van Langhemarck ende passchendaele", 1700, f° 25 ("Suut tstraetgen loopende vander steenacker meulen naer clercxhove", 1700)
- Rijksarchief Brugge, Aanwinsten, nr. 3061, "Leenen van Wynendaele in de prochien van (o.a.) Langemarcq", anno 1735 ("In Langhemarcq, ... zuijt oost bijden steenacker meulen", 1735).
- Rijksarchief Brugge, Charter Letuwe (charters met blauw nummer), nr. 8036 ("Steenackermeulen", 1735).
- Carte Fricx, 1744 ("Stenackre M.").
- Rijksarchief Brugge, Aanwinsten nr. 3065, "Registers en cahiers van lenen gehouden van Wijnendale", o.m. te Langemark, anno 1768 ("Inde prochie van Langemaercq, zuijt vande kercke, bijden steen acker meulen", 1768 / ""De straete die loopt van Steenacker muelen naer den Cruijceboom", 1768).
- Rijksarchief Brugge, Wijnendale, nr. 7: "Manscheep Bouck van alle de Leenen ende Achterleenen immediatelyck ende mediatelyck gehouden van den leenhove ende casteele van Winendaele" (...), 1774, f° 4 r°, 490, 493 ("Langemarcq, bij den Steenacker meulen", 1774 / "langhemarcq, byden Steenacker muelen", 1774 / "langhemarcq, de strate van den steen acker meulen naer het Stroomken", 1774).
- Stadsarchief Ieper, Kasselrij Ieper, I, nr. 5050, "Register ende verheffen van Leenen der Zaele ende Leenhove van Ipre, 12 september 1772 ende eyndigende den 30 november 1793" (register, folio, papier), f° 62 ("In passchendaele..., het straetjen loopende vanden goutbergh naer den steen acker meulen", 1777).
- Rijksarchief Brugge, Kaarten en Plannen, nr. 401, 18de eeuw ("den Steenackermeulen").
Atlas der Buurtwegen Langemark, 1846 ("Steenakkermolen").

Gedrukte bronnen
- De Flou Karel, Toponymisch Woordenboek van Westelijk Vlaanderen...", XV, 1934, kol. 249.
- L. Gilliodts van Severen, "Coutumes des Pays et Comté de Flandre. Quartier de Bruges. Petites villes, VI, Bruxelles, 1893, p. 142 ("Steenackermeulen, te Langemarck", 1626).
- Wilhelm Schreiner, "Der Tod von Ypern. Schicksal in Flandern", Herborn, Oranien-Verlag, 1917, 248 p.
- Wilhelm Schreiner, "Der Tod von Ypern. Die Herbstschlacht in Flandern", Herborn, Oranien Verlag, 1917, 279 + (1) p. + 29 p. afb.
- Wilhelm Schreiner, "De dood van Yperen. De Duitschers in Vlaanderen", Kampen, Kok, 1930², 283 p. (Nederlandse vertaling).
- Wilhelm Schreinen, "De Dodenmolen: fragment uit "Der Tod von Ypern - Schicksal in Flandern", Langemark, Gemeentebestuur, druk Vonksteen, 1956, 38 p.
- Werner Beumelburg, "Flandern 1917", Oldenburg i.D./Berlin, Gerhard Stalling, 1928, 169 p. - Kapitel VI. Doodemolen, p. 69-86 (Schlachten des Weltkrieges. In Einzeldarstellungen bearbeitet und herausgegeben im Auftrage des Reichsarchivs, Band 27). Herdruk: Wolfenbüttel, s.d.
 - Le Propagateur (Ieperse krant), 04.01.1854, p. 4, kol. 1; 07.01.1854 (verkoopadvertentie)

Literatuur
Annoot Roland, "De molens in het Westland", Ieper, 1950.
Arickx V., "Geschiedenis van Pittem", Pittem, 1951.
Cornilly Jeroen, "Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen. Deel 1. Arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare, Tielt", Brugge, 2001, p. 139.
D(e) K(inderen) E(ls), "De Steenakker- of Dodenmolen te Langemark", in: De Belgische Molenaar, LXXII, 1977, p. 306-307.
Denewet Lieven, "De voortrekkersrol van West-Vlaanderen: twee provinciale windmolens ingehuldigd", in: lenecho's, XXI, 1993, nr. 3, p. 113.
Denewet Lieven, "Standpunt Werkgroep West-Vlaamse Molens. De Steenakkermolen van Langemark is nu al drie jaar gesloten", /West-/Vlaams Molenblad, XXIX, 2013, 1 (winter), p. 1-2.
Devliegher Luc, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984, p. 286-287 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9).
Devyt Chr., "Westvlaamse windmolens. Inventaris volgens de toestand op 1 januari 1965", Brugge, 1966, p. 90.
Gheeraert Michel, "Langemark, Poelkapelle, Bikschote, St.-Juliaan, Madonna in oude prentkaarten (anno 1900-1916)", Langemark-Poelkapelle."Langemark-Poelkapelle graag gezien", De Klaproos, Koksijde, 2004.
Holemans Herman, "Westvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 4. Gemeenten K-L", Kinrooi, 1997.
Leeuwerck Ernest, "Steenakkersmolen of Dodenmolen", in: Aan de Schreve, IV, 1974, afl. 2, p. 13-14.
Maes Jozef, "Steenakker- of Dodenmolen te Langemark", in: De Belgische Molenaar, LV, 1960, nr. 10 (22 mei), p. 156, 158 en nr. 14 (22 juli), p. 216, 218; LVII, 1962, p. 272.
Maes J., "De Roobaard en andere molens te Langemark (Vlaamse windmolens, 131)", in: De Belgische Molenaar en Levende Molens, jg. 74 (1979), nr. 12 (22 juni), p. 155-1157.
Maes J., "Nog over Langemarkse molens en de pijpegale (Vlaamse windmolens, 132)", in: De Belgische Molenaar en Levende Molens, jg. 74 (1979), nr. 17 (7 september), p. 217-218.
Missinne Robert, "De Steenakkermolen te St.-Juliaan", in: Gidsenkroniek Westland, XXXIII, 1995, p. 53-66;
Verpaalen John, "Molens van de frontstreek", Koksijde, De Klaproos, 1995, p. 90-93.
Missinne R. & Leroy D., "Steenakkermolen te Langemark-Poelkapelle", Brugge, Provincie West-Vlaanderen, s.d. (folder).
Verpaalen John, "Windmolens in de actualiteit [Langemark; Geluveld; Zarren-Werken; Merkem; Komen; Diest; Tessenderlo]", in De Belgische Molenaar en Levende Molens, jg. 77 (1982), nr. 11 (november), p. 236 en 245.
"Provinciale draaipremie voor ambachtelijke molens. Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2004-2009", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVI, 2010, 3, p. 115-118.
"Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2010", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVII, 2011, 1, p. 50.
Mondelinge mededelingen door Omer Lievens uit Torhout aan Lieven Denewet, jaren 1980. Omer was de zoon van Jules Lievens-Standaert, molenbouwer (die de Steenakkermolen in 1923 opbouwde) & molenaar tot 1929 op deze molen

Persberichten
Gazette van Rousselare, 22 september 1894.
JDH, "Provincie vat restauratie aan van Steenakkermmolen Langemark", Het Nieuwsblad, 15.04.1992, p. 11
RB, "Open Monumentendag. Molens in de kijker", in: Krant van West-Vlaanderen, ed. Ieper, 10.09.2010.
Piet Lesage (PLI), "Bekendste molen uit WO I kantelt bijna om", Het Nieuwsblad, 04.04.2013.
"Steenakkermolen dreigt te kantelen", www. focus-wtv.be, 04.04.2013.
PLI, ‘Steenakkermolen wordt in 2014 gerestaureerd', Het Nieuwsblad, 05.04.2013.
PLI, "Molen die dreigt te kantelen krijgt eindelijk opknapbeurt", Het Nieuwsblad, 25.02.2014.
Thomas De Conseth, "Restauratie Steenakkermolen gestart", Het Laatste Nieuws (dig.), 14.10.2014.
PLI, "Restauratie Steenakkermolen gaat van start", Het Nieuwsblad, 14.10.2014.
TOGH, "Steenakkermolen gedemonteerd", Het Wekelijks Nieuws, ed. West, 17.10.2014, p. 1, 60.
Thomas de Conseth, "Historisch bouwwerk krijgt na jaren verdiende renovatie. Steenakkermolen van grond gelicht", Het Laatste Nieuws, 16.10.2014.
DBEW, "Steenakkermolen in oude glorie hersteld", Het Laatste Nieuws, 03.07.2015.
"Steenakkermolen weer rechtgezet", De Weekbode, ed. West, 03.07.2015.
"Steenakkermolen draait weer", KW, ed. West, 18.12.2015.
“Steenakkermolen”, in: langemark-poelkapelle.be (18.12.2015).
DCH, "Volksverhalenroute heropend met zestien luisterpalen", Het Laatste Nieuws, 09.05.2016.
"Molenaars bezoeken Steenakker- en Beeuwsaertmolen", Krant van West-Vlaanderen, ed. Ieper-Poperinge, 24.06.2016.
"Steenakkermolen draait weer", Krant van West-Vlaanderen, ed. Ieper-Poperinge, 27.05.2016.


Laatst bijgewerkt: donderdag 2 november 2017
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens