|
Beschrijving
/ geschiedenis
De Knokmolen wordt ook wel eens 'Billietszemeulen' genoemd naar de laatste beroepsmolenaar Gerard Billiet (1912-1988). Charles Billiet, vader van Gerard, kocht de molen in 1908 van Meetje Spiessaert, voor wiens rekening hij opgericht werd in 1840, zoals is aangegeven boven de ingang. Het is een bakstenen stellingmolen met segmentboogingangen en vensters. De molen heeft in zijn bestaan heel wat tegenslagen gekend. Eigenares Filomena Spiesschaert, oud-onderwijzeres, werd in augustus 1907 dodelijk gewond door messteken van de dronken molenaarsknecht Theofiel Vanbaeden. Nadien heeft die zichzelf de keel overgesneden. In 1912 was de houten assekop totaal vermolmd, hij werd vervangen door een ijzeren askop afkomstig uit een houten molen uit Kanegem. Het vroegere houten kruis dat nog bruikbaar was werd er terug ingetrokken. Gerard Billiet was toen negen jaar oud. Zijn loopbaan als molenaar begon op 17-jarige leeftijd. Toen draaiden in Ruiselede nog zeven windmolens. In april 1940, tijdens de mobilisatie van Gerard Billiet, draaide de molen tijdens een orkaan verkeerd, waardoor het wiekenkruis uitgeslagen werd. Na zijn demobilisatie herstelde hij zelf de molen met de hulp van molenmaker Cyriel de Bels uit Meulebeke. Hiervoor werd de binnenroede, het vang- en kroonwiel van de onttakelde Vlaagtmolen uit Ruiselede aangekocht. In 1948 brak hij de houten gaanderij af en verving ze door een betonnen constructie. Tijdens het eerste kwart van de 20ste eeuw werd naast de Knokmolen een mechanische maalderij gebouwd. Die werd aanvankelijk door een stoommachine en vanaf 1948 door een dieselmotor aangedreven. In 1953 werd een dieselmotor Blackstone (RP 33 433, special nr. 140846) van 37 pk en 500 t/min. nieuw aangekocht voor 150.000 Belgische frank. Ze staat er nog steeds. Op donderdag 7 april 1949 om acht uur ’s morgens werd de molen nogmaals zwaar geteisterd. Toen plots een hevige windbui opstak, sloeg de molen op de vlucht; al de scheden uit de buitenroede werden weggeslagen, de binnenroede sloeg tegen de kuip te pletter en knakte af. Spijts al deze tegenslagen werd de molen in 1950 nogmaals hersteld met een bruikbare binnenroede uit de stenen molen van Huise van Odilon van Cauwenberghe. De Knokmolen werd bij K.B. van 20.9.1958 beschermd als monument. In 1966 lag de molen gedurende acht maanden stil wegens brandschade veroorzaakt door verhitting van het houten vangwiel dat wegens defect aan de vang een ganse namiddag tegen de schoot van de vang gedraaid had en in brand vloog. De laatste grote restauratie dateert van 1968. De werken werden uitgevoerd door Jozef Caers en zonen uit Retie. Volledige vernieuwing van de kap, kruiwerk en roeden, deze laatste vervaardigd door Charles Peel en zonen, molenmakers uit Gistel. Sindsdien is de molen volledig verdekkerd (met remkleppen) op beide roeden. De ijzeren staart uit 1930 werd vervangen door een eiken staart. Deze prachtige molen telt 5 zolders: de stapelzolder, de meelzolder, de steenzolder, de luizolder en de kapzolder. Op de steenzolder werken nog drie maalstoelen (geschilderd in de kleuren van de Belgische vlag) en een haverpletter. Gerard Billiet overleed in 1988. Zijn weduwe (+2008) verkocht de molen in 2002 aan molenmaker Roland Wieme uit Petegem-aan-de-Leie, die er al sinds 1987 actief is als vrijwillige molenaar. De molen is regelmatig op zaterdagnamiddag in werking en is een bezoek overwaard. De Knokmolen is één van onze weinige molens die na hun "beroepsactieve loopbaan" ononderbroken in werking bleef. Niettemin dringen nieuwe werken zich op. Zo brak door de storm van 18 januari 2007 de korte spruit: deze balk was echter al rot. De eigenaar, molenmaker Wieme, voert zelf herstellingswerken uit. De spruitbalken en de trekarms werden reeds vervangen, de roeden kregen een nieuwe verfbeurt en zijn voorzien van nieuwe dekkerplaten. De toestellen van de mechanische maalderij zijn opnieuw werkklaar gemaakt.
Lieven Denewet

Foto: Donald Vandenbulcke, Staden

Foto: Christiaan Debusschere, Kortemark

Foto: John Maenhout

Foto 01.05.1972. Coll. Yvan Hoste.

Prentkaart van voor 1948. Coll. Rob Simons, St.-Huibrechts-Lille
Bijlagen
Jaarlijks aantal asomwentelingen 2006: 34.030
ICA, "Radioamateurs leggen wereldwijd contact", in: Het Nieuwsblad, 22.09.2009. RUISELEDE,TIELT - Leden van de TRK(Tieltse Radioamateur Klub) namen deel aan de internationale molencontest waarbij radioamateurs wereldwijd vanuit molens contact leggen met elkaar. De Molencontest ofwel BMA, Belgian Mill Award, is een jaarlijks evenement voor zendamateurs. Geert Opsomer van TRK verduidelijkt: 'Wij nemen elk jaar met onze club aan deze wedstrijd deel. Dit jaar kregen we van molenaar Roland Wieme de toestemming om van zijn Knokmolen gebruik te maken, we zijn hem daar heel dankbaar voor.' Zes leden van TRK vatten zondag gedurende vier uur post aan de molen. 'Door onze antenne op de bovenste wiek te monteren konden we vanaf 34 meter hoog uitzenden. Het doel was om van op de molen wereldwijd zoveel mogelijk zendstations te bereiken. We hebben zowel op de korte golf als op VHF uitgezonden en zijn heel tevreden over het resultaat, we hadden een groter bereik dan vorig jaar en er was minder storing. We hebben met heel wat stations in Nederland, Engeland en Schotland contact kunnen leggen. Heel trots zijn we ook dat we contact konden leggen met een station in de Russische staat Georgië', zegt Geert. 'Een geluk dat de algemene voertaal voor deze wedstrijd Engels is', besluit Geert.
Literatuur
Chr. Devyt, "Westvlaamse windmolens. Inventaris volgens de toestand op 1 januari 1965", Brugge, 1966, p. 104; Luc Devliegher, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984, p. 350-353 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9); Jeroen Cornilly, "Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen. Deel 1. Arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare, Tielt", Brugge, 2001, p. 206; Geert Deguffroy, "Omtrent de Knokmolen", in: Oud Ruysselede, XII, 1995, p. 51-63; Geert Deguffroy, "Ruiseleeds Molenpatrimonium", in: Oud Ruysselede, XIV, 1997, nr. 2, p. 43-95 (63-67); J. Vangaver, "Een stukje molenhistorie uit Ruiselede", in: Handelingen van de Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, XXXI, 1959-1960, p. 277-279; Lieven Denewet, "Rapport. Dertig jaar molenzorg in het Tieltse Molenland", in: Molenecho's, XXXI, 2003, nr. 1, p. 120-145; J. Maes, "De herstelde Knokmolen te Ruiselede", in: De Belgische Molenaar, LXV, 1970, p. 52-53; J. Vangaver, "Een stukje molenhistorie uit Ruiselede. De molen van Delanghe. Billietsmolen of Knokmolen. Hostensmolen", in: Jaarboek Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijjk, XXXI, 1959-60, p. 277-279; E. D(e) K(inderen), "De Knokmolen te Ruiselede", in: De Belgische Molenaar, LXX, 1975, p.214-215; F. Janssens, "Gerard Billiet van de Knokmolen in Ruiselede gaat met pensioen", in: Gazet van Antwerpen, 16 januari 1981; R.D., "De molens te Ruiselede", in: De Zondag, 27 april 1957; R.D., "Molens van Ruiselede vroeger en nu", in: De Zondag, 28 april en 5, 12 en 19 mei 1972; John Verpaalen, "Uit de oude doos (11) - Stormramp geen definitief einde", in: Levende Molens, jg. 9 (1987), nr. 5, p. 36-37, ill.; "Molenaar Billiet te Ruiselede oefent het mooiste beroep aller tijden uit", in: Gazet van Antwerpen, Oost-Vlaanderen, 27 juli 1983, p. 18, ill.; 2 bijdragen met foto's in: Oud Ruysselede, 2002 nr. 4; Paul Vandepitte & Jaak Billiet, "Tielt en de Molenlandroute: een historisch-toeristische verkenning", Tielt, De Roede van Tielt, 1973, 136 p., ill.; Nieuwsblad van Yperen en het Arrondissement, 17 augustus 1907, p. 2. ICA, "Radioamateurs leggen wereldwijd contact", in: Het Nieuwsblad, 22.09.2009. Patricia Van Vlaenderen en Martien Vranckx, "Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen Inventaris van het bouwkundig erfgoed - gemeente Ruiselede", Vlaams Instituut Onroerend Erfgoed, 2008, blz. 187-188. Marnik Braet, "Omtrent de Knokmolen en molenaarsfamilie Spiesschaert", in: Oud Ruysselede, jrg. 19 (2002), blz. 147-154.
|