Molenzorg
Moorsele (Wevelgem), West-Vlaanderen
Naam

De Grote Macht
Witte Molen

Ligging Wittemolenstraat 277
8560 Moorsele (Wevelgem)

kadasterperceel C449
2,8 km ZW v.d. kerk
50° 49' 13.65" N
  3° 8' 26.25" E


toon op kaart
Geo positie 50.821651, 3.140714
Eigenaar Pascal Beyls-Dumeez, in erfpacht voor 27 jaar aan de vzw de Grote Macht (tot 2025)
Gebouwd 1817
Type Stenen stellingmolen
Functie Koren- en oliemolen
Kenmerken Thans enkel elektriciteitsopwekking. Natuurstenen deuromlijsting met het bouwjaar
Gevlucht/Rad Gelaste roeden, voorheen 25,10 m, nu 24,60 m (kleine aanpassing wegens niveau aangebouwd maalderijgebouw)
Inrichting 1e deel staande as (kap- tot steenzolder). Nog aan te brengen (mechanisme oliemolen)
Toestand Draaivaardig
Bescherming M: monument, DSG: dorps- en stadsgezicht,
19.03.1996
Molenaar Reginald Beyls, Geert Maelbrancke, Rik Servaygne, Herman Vanhoutte (056 42 41 73), Freddy Duron (056 50 17 80)
Openingstijden 2de en 4de zaterdag v.d. maand, mei t.e.m. september, 14-17 u. (In 2016: ook 29 mei en 2 oktober). Voor groepen: Bernard Lewyllie, tel: 056 32 36 95, gsm: 0478 65 58 61, e-mail:bernardlewyllie@gmail.com; Herman Vanhoutte, GSM 0478 63 69 08
<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Foto: Herman Vanhoutte, Wevelgem  

Beschrijving / geschiedenis

De Grote Macht of de Witte Molen is een stenen olie- en korenmolen (thans zonder mechanisme), in de Wittemolenstraat 277 (weg Moorsele-Menen), dicht bij de grens met Menen, op 2,8 km ten zuidwesten van de kerk van Moorsele.

Op 12 augustus 1816 kreeg de Menense oliehandelaar Philippe Vandenberghe de toestemming van de prefect van West-Vlaanderen tot de bouw van een oliewindmolen te Moorsele langs de weg naar Menen. In het fronton van de natuurstenen deuromlijsting lezen we het bouwjaar 1817.

De molen werd echter van meetaf aan opgevat als gecombineerde olie- en graanmolen, en koekenbrekerij. De olieslagerij werd vrij groot uitgevoerd: er waren twee koppel pletstenen, minstens drie vuringen en drie persladen. De graanmolen bevatte op de steenzolder aanvankelijk twee, later drie koppel maalstenen. Verder waren er in de graanmaalderij een graankuiser, builmolen, haverpletter en bonenbreker. Technische bijzonderheid is dat de molen voor de twee inrichtingen een gescheiden aandrijving heeft. Het eerste deel van de staande as loopt tot de steenzolder. Op deze zolder is er vanaf het spoorwiel een overbrenging naar een zuidelijk geplaatste 2e staande as, dienstig voor de aandrijving van de werktuigen in de olieslagerij op het gelijkvloers. Dat verklaart de brede romp van de molen. Onderaan is er binnenmaats een diameter van 9,4 meter, terwijl dit bovenaan nog 5,7 meter bedraagt. De molenkuip is 19,45 meter hoog, met een stellinghoogte op 8,45 meter (gemeten vanaf maaiveld zuidzijde).

De benaming "De Grote Macht" staat vermeld in de overlijdensacte van oprichter Philippe Vandenberghe in 1847, op de kadasterkaart van P.C. Popp uit 1850 en de kaart Vandermaelen uit 1851. In de volksmond won de benaming "de Witte Molen" de overhand, (o.m. in de Atlas der Buurtwegen van 1846) maar thans is "De Grote Macht" wederom de overheersende benaming. De benaming verwijst zowel naar de grootse afmetingen van de molen & de grootschaligheid van de olieslagerij, als naar het aanzien van de olieslagersfamilie Vandenberghe.

Opeenvolgende eigenaars:
- 1817, opbouw: Vandenberghe-Bauwens Philippe, olieslager en eigenaar te Menen
- 1847, erfenis: de kinderen (overlijden van Philippe Vandenberghe)
- 03.03.1846, verkoop: Vandenberghe Maria Joanna Theresia, echtgenote Delva, koopman te Wervik (notaris Castelein - graanwindmolen)
- 17.02.1852, ruil: Vandenberghe-Van Damme Cyrille Edmond Constantinus, eigenaar te Moorsele (notaris Forrest - moulin en briques à huile et à grains)
- 25.11.1901, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Cyrille Vandenberghe)
- later: de kinderen (overlijden van de weduwe van Cyrille Vandenberghe)
- 09.08.1911, verkoop: Beyls-Vandenberghe Achiel Camiel, molenaar te Moorsele (notaris Maerens)
- 17.03.1951, erfenis: en de kinderen (overlijden van vrouw Vandenberghe)
- 31.07.1958, erfenis: de kinderen (overlijden van Achiel Vandenberghe)
- 15.09.1958, verkoop: Beyls-Coussement Willy Maurice Maria Joseph, landbouwer te Moorsele (notaris Van der Stichele)
- 13.02.1970, verkoop: Beyls-Ghesquière Jacques Leon, handelaar te Moorsele (notaris Destrooper)
- 2014, eigenaar: Pascal Beyls-Dumeez, in erfpacht voor 27 jaar aan de vzw de Grote Macht (tot 2025)              

Bij het overlijden van stichter Philippe Vandenberghe in 1847 liet hij een erfenis van wel 1 miljoen Belgische frank na: een gigantisch bedrag. Gedurende de hele 19de eeuw bleef de molen in handen van deze familie. In 1911 werd de molen bij openbare verkoping gekocht door Achiel Beyls, die gehuwd was met een dochter van Cyrille Vandenberghe, de overleden eigenaar.

Vanaf 1857 werd het mechanisme, bij onvoldoende windkracht, aangedreven door een stoommachine. Deze stoommachine werd in 1890 vervangen door een groter exemplaar. Toen werd er ook een nieuwe schouw met een hoogte van 25 meter gebouwd. De molen zelf is tot in de nok van de kap 23,55 meter hoog. De molen en de maalderij werden in oktober 1918 zwaar beschadigd. Op het dichten van de grootste bressen na, werd de molen zelf niet meer hersteld. In de plaats kwam er in 1922 een nieuwe aan de molen aangebouwde maalderij mét olieslagerij. De twee koppel pletstenen werden uit de molen verwijderd en op het gelijkvloers van de maalderijg geïnstalleerd. In plaats van de oude labakken, werden 3 tweedehands hydraulische persen geplaatst, net zoals nu nog aanwezig in de stenen molen te Deerlijk. Achiel Beyls bleef operationeel met de olieslagerij tot 1942. Toen werd het grootste koppel pletstenen uitgesloopt en bleef het tweede koppel nog in gebruik voor het vermalen van veekoeken. In 1942 werd er eveneens een armgasmotor geplaatst die de graanmaalderij nog in werking hield tot rond 1955.

In de daaropvolgende jaren werden de werktuigen in de maalderij deel per deel uitgesloopt. Niettemin zijn er nog een aantal onderdelen als relikwie bewaard. Zo kreeg één van de oorspronkelijke koppels pletstenen een definitieve rustplaats naast het berghok voor de olievaten, alsook bleef de ledige nog steeds zwaar beschadigde molenromp als herinnering bestaan...

In de zomer van 1993 nam molenliefhebber Herman Vanhoutte uit Wevelgem het initiatief om de Grote Macht in zijn oude glorie te herstellen. Het werd de realisatie van een kinderdroom. Hij gaf de impuls tot de oprichting van de vzw Molenstichting de Grote Macht. Deze vereniging kon van de toenmalige eigenaar, de heer & mevr. Jacques Beyls-Ghesquière, de molen in erfpacht nemen en op 19.03.1996 werd de molen beschermd als monument en samen met zijn omgeving als dorpsgezicht. Binnen het dorpsgezicht zijn naast de molenromp ook de 19e-eeuwse molenaarswoning, het stoomketelgebouw, de oorspronkelijke toegangspoort, het berghok voor oliehoudende zaden en het maalderijgebouw opgenomen.

De restauratieplannen en het bestek van het 1ste restauratiedossier (metselwerken, zolderingen, trappen, schrijnwerk, gaanderij) werden opgemaakt door architect Luc Deleu met behulp van Herman Vanhoutte.  De daarbij horende historische nota, diagnosenota, verantwoordingsnota en fotoreportage stelde Herman Vanhoutte samen. Het genealogisch luik van de historische nota werd opgemaakt door Ludo Vanhove.

Voor lot 2 (kap en bijhorigheden) werden de plannen en het bestek aangeleverd door molendeskundige Nico Jurgens uit Nieuwegein (ontwerp van kap en wieken) in samenwerking met Herman Vanhoutte.
Arch. Luc Deleu verfijnde de plannen (aanpassen aan computerprogramma) en stelde hiermee het restauratiedossier samen.

Nico Jurgens en Herman Vanhoutte verdiepten zich daarna verder in de studie van de olie-irichting. Hiervan zijn de plannen en bestek klaar.  Of het ooit tot de uitvoering komt van de inwendige restauratie is een budgettaire kwestie.

In juli 2000 werd gestart met de restauratie. De kuiprestauratie werd uitgevoerd door Aquastra uit Wevelgem. Eric Beyls uit Menen, een afstammeling van de vroegere olieslagers, stond in voor de houten gaanderij. Op 1 maart 2005 plaatste Thomaes Molenbouw nv uit Beveren-Roeselare met molenmaker Ronny Demol uit Reninge de grote molenkap op de romp en op 7 juni 2005 volgden de gelaste roeden (vlucht: 24,60 m).

Op zaterdag 2 juli 2005 werd de molen (een eerste keer) ingehuldigd, als zijnde "draaivaardig hersteld". In de volgende jaren wordt de plaatsing van het mechanisme van de oliemolen voorzien. Vrijwillig molenaar Reginald Beyls plaatste inmiddels een installatie om elektriciteit op te wekken.

Herman VANHOUTTE & Lieven DENEWET

<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Foto: Donald Vandenbulcke, 26.05.2013

<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Foto: Herman Vanhoutte, 06.06.2009

<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Prentkaart voor 1914. Verzameling Ons Molenheem

<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Duitse oorlogsfoto, 1915

<p>De Grote Macht<br />Witte Molen</p>

Kadastrale kaart P.C. Popp, ca. 1850

Bijlagen

Jaarlijks aantal asomwentelingen
2004:         0
2005: 32.165
2006: 23.332
2007: 17.610
2008: 35.686
2009: 27.115
2010: 16.867
2011:

Intekendatum: 26.03.2000 (heraanbesteding van 31.08.1999)
Molen: Moorsele (Wevelgem, W.-Vl.), De Grote Macht - stenen stellingmolen, olie- en korenmolen
Bouwheer: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, 8560 Moorsele
Ontwerper: arch. Luc Deleu, Moorsele; Nico Jurgens, Hoorn (voorheen Valkenswaard)
Opdracht: Aanvraag tot deelneming aan de beperkte aanbesteding voor de restauratie
lot 1: ruwbouwwerken
lot 1.1: afbraakwerken
lot 1.2: metsel- en voegwerken
lot 1.3: keramische bevloering
lot 1.4: terugplaatsen roosteringen
lot 1.5: nieuwe eikenhouten trappen
lot 1.6: schrijnwerken (ramen en deuren)
lot 1.7: eikenhouten gaanderij
185 werkdagen; raming: 9.455.000 BEF, excl. btw
Plaats aanbesteding: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, Moorsele
Toewijzing: Lot 1.1: D.B.M. Menen (Eric Beyls), 1.523.139 BEF; lot 1.2: Aquastra bvba, Wevelgem, 4.497.511 BEF; lot 1.3: Haesebrouck Marnix, Bavikhove, 190.386 BEF; lot 1.4: Provoost Gebroeders nv, Gullegem, 1.676.629 BEF; lot 1.5: Trappen Renier, Wervik, 638.000 BEF; lot 1.6: Carrein, Passendale, 539.360 BEF; lot 1.7: D.B.M., Menen (Eric Beyls), 1.043.851 BEF (samen: 10.108.876 BEF, excl. btw)

Intekendatum: 28.03.2003
Molen: Moorsele (Wevelgem, W.-Vl.), De Grote Macht - stenen stellingmolen, olie- en korenmolen
Bouwheer: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, 8560 Moorsele
Ontwerper: arch. Luc Deleu, Moorsele; Nico Jurgens, Hoorn (voorheen Valkenswaard)
Opdracht: Aanvraag tot deelneming aan de beperkte aanbesteding voor de restauratie, lot 2: kap + bijhorigheden; o/cat. D23, kl. 2 (kl. 1 mits aanvraag), cat. 19; 365 kalenderdagen; raming: 269.695 euro (excl. btw
Plaats aanbesteding: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, Moorsele
* de eigenlijke aanbesteding op 23.05.2003

Intekendatum: 23.05.2003
Molen: Moorsele (Wevelgem, W.-Vl.), De Grote Macht - stenen stellingmolen, olie- en korenmolen
Bouwheer: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, 8560 Moorsele
Ontwerper: Arch. Luc Deleu, Moorsele; Nico Jurgens, Hoorn (voorheen Valkenswaard)
Opdracht: Beperkte aanbesteding voor de restauratie, lot 2: kap en bijhorigheden
- vervaardigen van een nieuwe West-Vlaamse mansardekap met balkon, te plaatsen op zetelconstructie
- aanbrengen van staart en twee zwepen
- kruimechanisme op de gaanderij
- nieuwe as en nieuwe askop + nieuw vangwiel + vangmechnaisme (trommel)
- nieuw wiekenkruis, vlucht 25,20 meter, met toebehoren (windplanken, hekwerk, zeilen)
- plaatsen nieuwe staande as in 2 delen met  koppeling
- aanpassen van de onderste draagbalk in de molenromp
- plaatsen van twee koppels pletstenen
- herschilderen molenromp en hydrofugebehandeling
- afwerken gaanderij met een houtbeschermingsproduct
- leggen van elektriciteit + verlichting in de molenromp
o/cat. D23, kl. 2 (kl.1 mits aanvraag), cat. 19; 365 kalenderdagen; raming: €269.695
Plaats aanbesteding: vzw De Grote Macht, Witte Molenstraat 279, Moorsele
Offertes: Thomaes Molenbouw nv, Roeselare, € 236.616,13; Adriaens Molenbouw bv, Weert (Ned.), € 283.840,00 (incl. btw)
Toewijzing: Thomaes Molenbouw nv, Roeselare, € 236.694,45

Persbericht. VLW, "De Grote Macht is er weer", in: Het Nieuwsblad, 04.07.2005.
Moorsele - De stellingmolen ,,De Grote Macht'' werd afgelopen weekend officieel ingehuldigd na een restauratieperiode die vijf jaar in beslag nam.
In 1994 startte een groepje enthousiastelingen met de oprichting van een vzw met de bedoeling de imposante molen weer maalvaardig te maken. Dit ging niet zonder slag of stoot en gelukkig sprongen zowel de gemeente als de provincie op de kar. Tot nu toe zijn fase 1 en 2 goed voor ruim een half miljoen euro. De molen bezit opnieuw kap en wieken met primair aandrijfwerk waardoor voor het eerst in meer dan 80 jaar de 24,60 m langer molenwieken het luchtruim weer doorklieven.
Daarmee is de realisatie van de reconstructie van de stenen windmolen te Moorsele één van de belangrijkste molenrenaissances sinds de Eerst Wereldoorlog in West-Vlaanderen, meent secretaris Herman Vanhoutte die hier zowat zijn levenswerk realiseerde.
In de derde fase wordt de voormalige dubbele olieslagerij op het gelijkvloers opnieuw ingericht. Dit dossier is in voorbereiding met uitvoering in 2007. Dit zal ongeveer 150.000 euro kosten. De afdeling Kortrijk van de Koninklijke unie van Belgische zendamateurs verzorgde op één van de zolders een radioamateurdag. Persbericht. VLW, "De Grote Macht", in: Het Nieuwsblad, 20.10.2009.
Wevelgem - Schepen Bernard Galle (CD&V) lichtte toe dat er een energiezuinige verlichting geplaatst wordt op en rond de molen De Grote Macht. Zo kan de prachtige molen nog beter tot zijn recht komen. De kostprijs bedraagt bijna 11.000 euro.

Persbericht. Lien, "Rik Servayge, Reginald Beyls en Freddy Duron zijn nieuwe molenaars De Grote Macht Moorsele. "Een molen is typisch Vlaams", in: Krant Van West-Vlaanderen editie De Leie, 28.05.2010.
Menen/Lauwe. Rik Servayge (62), Reginald Beyls (66) en Freddy Duron (64) zijn de nieuwe molenaars van de Grote Macht in Moorsele en binnen twee maanden hopen ze ook op Vanbutseles molen in Wevelgem te staan.
Rik (Lauwe) is na een carrière op de personeelsdienst van Roularta met brugpensioen.
Freddy (Moorsele) was directeur-generaal bij Levi's Strauss France en Reginald (Kortrijk) was tewerkgesteld als lijnpiloot bij Swissair.
Rik woont in Lauwe, Reginald in Kortrijk maar zijn wieg stond naast de molen De Grote Macht in Moorsele, terwijl Freddy in Brugge opgroeide maar dertig jaar geleden naar Moorsele verhuisde. Samen nemen ze ons mee naar de Grote Macht.
Hoe hebben jullie elkaar leren kennen ?
"We hebben elkaar leren kennen op de molenaarscursus ingericht door de Werkgroep West-Vlaamse Molens vzw die in 2007 van start ging. We waren met 65 kandidaten, 40 kregen vorige maand hun diploma als molenaar en heel wat onder hen zijn nu ergens als molenaar actief. De cursus bestaat uit een theoretisch deel. Tien zaterdagen krijg je 's morgens les en ga je 's middags op plaatsbezoek. Daarna moet je 100 uren stage doen en pas na die stageperiode kan je een examen afleggen.
Tijdens die middagen dat we op uitstap gaan, leer je elkaar ook beter kennen en ontstaat er toch wel een band tussen de molenaars. Zo spring je ook snel in een molen binnen als je ziet dat de molenaar aan het werk is, negen kansen op tien dat je die man ook kent."
Hoe zijn jullie ertoe gekomen om molenaar te worden ?
Reginald: "Ik ben hier geboren, mijn vader was net als mijn grootvader de molenaar van de Grote Macht. Mijn broer Eric is de hoofdmolenaar van de Goede Hoop in Menen. Ik wou het zo'n beetje in de familie houden. Ik ben ook sterk geïnteresseerd in het familie-erfstuk dat de molen toch wel is."
Rik: "Ik heb altijd al van molens gehouden en tijdens een Open Molendag wist ik dat ik er ooit meer over te weten zou komen.
In 1998 ben ik dan een eerste keer aan de opleiding begonnen, maar als je nog werkt, is het bijzonder zwaar. Het theoretische deel was best te doen, maar ik had de tijd niet om op stage te gaan. Eens met brugpensioen heb ik de draad weer opgenomen."
Freddy: "Ik ben ook houtdraaier en boekbinder. Ik ben geïnteresseerd in de ambachtelijke beroepen. Molenaar worden zit een beetje in dezelfde lijn. Ik heb ook heel lang zelf mijn brood gebakken. Ik wou een stap verder gaan en zelf mijn graan malen."
Wordt het graan dat jullie malen ook nog echt gebruikt om brood te bakken?
"Neen, het voedselagentschap verbiedt de consumptie van het meel, dat ambachtelijk in een molen gemalen wordt. Soms wordt er eens een zak als dierenvoer gemalen, maar meestal malen we enkel voor de show. Het werk van een molenaar is een pure toeristische attractie geworden."
Komen er hier mensen binnen als ze merken dat de wieken draaien ?
"We zijn elke tweede en vierde zaterdag van de maand open en op zo'n middag krijgen we toch snel zo'n 35 mensen over de vloer. Als molenaar heb je ook altijd de hulp van iemand die de gasten ontvangt en ze wat info geeft over de werking van de molen. Het werk van een molenaar is een sociaal gebeuren geworden."
Het werk van molenaar staat toch wel heel ver af van wat jullie vroeger dagelijks deden. Wat trekt er jullie in die job aan?
"Op een kleine uitzondering na staat het inderdaad totaal los van wat we vroeger deden. Er is natuurlijk de interesse voor de oude technieken. In de molen werken we met technieken die in de 17de eeuw ontwikkeld werden. De molen is daarbij een symbool van de industriële revolutie avant la lettre. De molen zette de wind in kracht om en molens werden dan ook voor heel wat toepassingen gebruikt. Wij kennen de molens om graan te malen, maar molens werden ook gebruikt om hout te zagen, papier te maken..."
Om molenaar te worden moest je niet alleen les volgen maar ook examen afleggen. Speelden de zenuwen jullie geen parten ?
"Op onze leeftijd ga je geen cursus volgen om die dan niet af te maken of te falen op een examen. We zijn geen losers. We hebben die cursus ook niet gevolgd omdat we perse dat diploma wilden behalen. Voor elk van ons draaide het ook rond eergevoel. Je wil geen gezichtsverlies lijden noch tegenover de anderen noch tegenover jezelf."
In jullie visie op het molenaar-zijn vind ik toch wel een en ander van het ambitieuze uit jullie beroepsloopbaan terug. Wat zijn jullie plannen ?
"In de Grote Macht willen we tegen het einde van de zomer een project opstarten rond groene stroom. Op die manier wordt de Grote Macht ook de eerste oude molen die elektriciteit zal opwekken. We doen dat vooral vanuit educatieve standpunten. Wij willen kinderen en jongeren laten kennis maken met ons erfgoed. De maatschappij heeft veel geïnvesteerd om dit patrimonium te bewaren, vandaar dat wij ook ten dienste willen staan van de samenleving. Trouwens, een molen is iets typisch Vlaams, wat ze in Nederland ook mogen beweren."
De ultieme vraag.
Is de Grote Macht de molen waarop jullie het liefst aan de slag gaan ?
Reginald: "We kijken ook verlangend uit naar het moment dat Vanbutseles molen in Wevelgem gebruiksklaar zal zijn. Voor mij heeft De Grote Macht ook een sentimentele waarde, want ik ben hier geboren."
Freddy: "Ik heb jarenlang gezeild. Ik was dan ook goed vertrouwd met het spel van de wind en vandaar dat ik misschien ooit nog wel eens aan de slag wil op een houten staakmolen. Die molen beweegt helemaal mee met de wind, je voelt alles kraken."
Rik: "Dat is ook mijn droom. Weet je dat je daar zelfs zeeziek in kan worden?"
Reginald Beyls, Freddy Duron en Rik Servayge zijn de nieuwe molenaars van De Grote Macht. (Foto CR)

Eline Bergmans, "Klap van wieken krijgt molenaar (71) niet klein. Eric Beyls weer aan het werk na dat zwaar ongeval in Aalbeke.", Het Nieuwsblad, 27.12.2012.
Eric aan de Molen van de Goede Hoop in Menen. Foto: Katrien Van Giel
Eric woont in Menen, zijn vrouw in Luxemburg. 'Ik bak al 50 jaar mijn eigen brood.'
Menen - De ijzeren wieken hebben met hun kracht zijn kortetermijngeheugen aangetast en hij mankt nog een beetje. Maar na zijn ongeval beklimt Erik Beyls (71) sinds enkele maanden opnieuw de molens in onze regio.
‘Kijk, wat een mooie windmolen er in mijn achtertuin wordt gebouwd.' Erik Beyls (71) wijst door zijn venster naar het betonnen gevaarte dat vlakbij zijn huis in aanbouw is. ‘Als de bladen eenmaal geïnstalleerd zijn, kan ik hem vanuit mijn zetel zien draaien.'
Lang niet alle Menenaars zijn even gelukkig met de komst van de 108 meter hoge windturbines die een schaduw over hun uitzicht werpen. Maar Erik Beyls wrijft zich in zijn ruwe molenaarshanden. Voor hem is dit een prachtig kerstgeschenk. ‘Watermolens, schorsmolens of windmolens. Elke molen is mooi.'
Erik stamt uit een molenaarsfamilie uit de Westhoek: zijn vader, grootvader en overgrootvader waren molenaars. Erik werd dakwerker, maar zijn vrije tijd spendeert hij al jarenlang als molenaar.
De echtgenote van Erik woont in Luxemburg, maar na hun huwelijk is de molenaar terug naar Menen gekomen. ‘Geluk moet je niet te ver zoeken', zegt hij. ‘Molens hebben zo'n speciaal karakter. Ik kan er uren naar kijken.'
Lelijke trek
Begin dit jaar kostte zijn passie hem bijna het leven. Toen hij een rondleiding gaf in de houtmolen van Aalbeke kreeg hij een slag van de tot aan de grond reikende molenwieken. ‘Ik had de zeilen net afgehaald voor onderhoud', zegt de molenaar. ‘Plots stak er wind op. Ik werd verrast. De wieken begonnen te draaien. Toen werd alles zwart.'
Na de eerste klap kwam Erik in de baan van de wieken terecht en werd hij nog een tweede keer opgeschept. ‘Het was een lelijke trek', vertelt de molenaar. ‘Ik ben op mijn hoofd terecht gekomen. Ik had zeven gebroken ribben, een geperforeerde long en mijn nekwervels waren geraakt.'
De hulpdiensten kwamen ter plaatse en de molenaar werd dagenlang in een kunstmatige coma gehouden. Zijn leven hing aan een zijden draadje. Nadat hij uit de coma ontwaakte, duurde het nog maanden voor hij volledig herstelde. ‘Ik kon niet meer stappen', zegt Erik Beyls. ‘Alles heb ik opnieuw moeten leren.'
Het was het geheugen van Erik dat de dokters in het begin het meeste zorgen baarde. ‘Ik vergat alles', vertelt hij. ‘Mijn kamernummer kon ik niet onthouden en ik had geen idee hoe lang ik al in het ziekenhuis verbleef. De dokters mochten het honderd keer herhalen: een half uur later was ik het weer vergeten.'
Koning Albert
Maar toen de dokter hem de naam van de koning vroeg, kon Erik Beyls wel direct antwoorden. Ook zijn kennis over molens bleef intact. ‘Maar dat vroegen ze niet. Een dokter kent niets van molens', zegt hij. ‘Het is speciale materie. Twintig jaar geleden heb ik een cursus gevolgd om mijn diploma van molenaar te behalen.' Die kennis zit na zijn ongeluk nog stevig in zijn hoofd. ‘Alleen mijn kortetermijngeheugen is aangetast.'
Toen hij in april het ziekenhuis mocht verlaten, ging Erik hetzelfde weekend nog terug naar zijn molens. ‘Naar onze familiemolen in Menen: De Grote Macht', zegt de molenaar. Vandaag is hij daar in de weer met de restauratie. ‘Ik wil een nieuwe gaanderij bouwen en de molen heeft ook een likje verf nodig.'
Is hij niet bang geworden na het ongeluk? ‘Van molens moet je niet bang zijn. Ze hebben heel veel kracht, maar er gebeuren relatief weinig ongelukken. Ik heb alleen pech gehad. Achteraf bleek dat de rem van de molen defect was.'
De houtmolen in Aalbeke waar het ongeluk gebeurde, blijft zijn lievelingsmolen. ‘Als je erop staat, lijkt het alsof je een schip bestuurt', zegt Erik Beyls. ‘Het is een heel speciale molen. Hij heeft een eigen willetje. Net als ik.'
Hij lacht terwijl hij zijn handen door een zakje graan haalt. ‘Het voedselagentschap verbiedt om nog te malen in de oude molens,‘ zegt hij. ‘Omdat het zogezegd niet hygiënisch is. Ik maal af en toe voor persoonlijk gebruik. Als je vrouw in Luxemburg woont, moet je zelf voor het eten zorgen. Ik bak al vijftig jaar mijn eigen brood.'
Bewegen is het geheim van een gezond leven', zegt Erik Beyls. ‘Ik ga mijn broer nog helpen op het dak en leid opnieuw toeristen rond in de molens. Zo blijf ik fit.'
Maar hij is wel voorzichtiger geworden. ‘Na mijn ongeluk heb ik mijn motor aan de kant gezet', zegt Eric. ‘Te gevaarlijk voor een 71-jarige. Sindsdien neem ik de trein naar mijn echtgenote in Luxemburg, zoals alle andere gepensioneerden.'
* Identiek dezelfde tekst, met andere titel en met andere foto's in: Eline Bergmans, "De kracht van de molen. 'Van molens moet je niet bang zijn', De Standaard, 24.12.2012, p. 8.

-------------------

Herman Vanhoutte, "Twee windturbines versus windmolen De Grote Macht", Molenecho's, jg. 43, 2015, 2, p. 67.
Foto in de facebookgroup “Geen 120 meter hoge windturbines in Wevelgem”. Op de voorgrond, in het idyllische korenveld, worden twee windturbines van 120 meter hoog gepland, de dichtste op amper 280 meter! Sterke confrontatie met de traditionele windmolen De Grote Macht te Moorsele (hier naar het westen gekruid), aan de overzijde van de autosnelweg A19.
Op de grens van Menen en Wevelgem, langs de A19, vroeg de firma W-Kracht nv uit Loppem een milieuvergunning aan voor het plaatsen van 2 windturbines, elk 2,3 MW en met een tiphoogte van 120,5 meter. De inplanting is voorzien bij de Ter Poperenweg 4 te Wevelgem, op ca. 300 meter ten zuiden van de stenen windmolen ‘Grote Macht’, Wittemolenstraat 277 te Moorsele, beschermd als monument en met de omgeving als dorpsgezicht. 
Als die plannen worden uitgevoerd is het landelijk uitzicht op de witte stenen molen te Moorsele voor eeuwig verknoeid. Nieuwe windtechnologie en oude ambachtelijke pre-industriële windtechnologie matchen niet (zo dicht) bij elkaar. Alle bezwaren konden voor 14 juli worden afgegeven in het gemeentehuis van Wevelgem, of tot 28 juli in het stadhuis van Menen. Er werd een informatievergadering georganiseerd op 7 juli 2015 om 20.00 uur in CC De Steiger te Menen.
Twee voorbeelden in Nederland waar windturbines tamelijk dicht - tussen 300 en 500 m - werden ingeplant bij een traditionele windmolen: de Goliath in Eemshaven  en  de  Zelden  van Passe in Zoeterwoude. Vergelijkbaar  met Moorsele is de laatstgenoemde molen. In 2005 werden op 300 en 500 meter ten noorden van deze houten achtkante polderwindmolen langs de A4 twee vergelijkbare Enerconwindturbines opgericht met een vermogen van elk 2 MW. De ashoogte bedraagt 65 meter (20 meter lager als gepland in Menen) bij een wiekdiameter van 71 meter (zelfde als in Menen).
De windturbines bij molen “Zelden van Passe” te Zoeterwoude tonen duidelijk aan dat ze “zelden van passe” komen bij een traditionele windmolen…
Het uitzicht went nooit. De aanwezigheid van hoge windturbines verkleint het landschapsbeeld van de traditionele windmolen. Windturbines zijn veel te dominant tegenover hun oude soortgenoten. In Moorsele zal de 'Grote macht', de grote macht niet meer uitstralen….
In Zoeterwoude worden de twee windturbines vervangen worden door twee grotere exemplarenn. De oude wordt afgebroken en verplaatst naar een betere biotoop.

-------------------------

DJR, “Menen geeft groen licht voor milieuvergunning molens”, Het Nieuwsblad, 19.08.2015.
De stad ontving 78 schriftelijke bezwaren tegen de komst van twee windmolens. Foto: blg
Menen - Menen verleent een gunstig advies voor de milieuvergunning voor de twee windturbines langs de A19. Dat wil echter nog niet zeggen dat ze er komen. ‘Er is nog een bouwvergunning nodig en de beslissing komt nog altijd van hogerhand’, zegt schepen Syssauw.
W-Kracht uit Zedelgem maakte vorige maand bekend dat het twee windturbines wil bouwen langs de A19 in Menen, ter hoogte van de Boerendreef. De milieuvergunning werd deze week goedgekeurd. Er zijn wel voorwaarden aan verbonden. ‘Er moet rekening worden gehouden met het geluid, de belemmering van de zon en de uitstoot. Technisch was alles orde’, zegt schepen van Ruimtelijke Ordening Mieke Syssauw (Open VLD)

Lien, “Geen windmolens langs A19”, KW, editie Leie, 25.12.2015.
Menen – De firma W-Kracht, die twee windturbines langs de A19 op de grens tussen Menen en Wevelgem wou bouwen, heeft zowel haar aanvraag voor een milieuvergunning als haar aanvraag voor een bouwvergunning ingetrokken. De firma is niet meer van plan om op die plek twee windturbines te bouwen. Schepen Mieke Syssouw (Open VLD) vertelt dat er een aanvraag binnen kwam om twee windturbines te bouwen langs de Boerendreef in Menen. Buurtbewoners uit Wevelgem tekenden massaal protest aan maar uiteindelijk gaven de opmerkingen van de luchthaven Kortrijk-Wevelgem de doorslag: “Blijkbaar zou een van die windturbines voor problemen zorgen en kon die dus daar niet gebouwd worden.”
Buurtbewoners blij.
“Waarom de firma dan de aanvragen voor beide windmolens intrekt, weet ik niet zeker. We weten wel dat de provincie nooit een vergunning geeft voor een windturbine. Ze gaan ervan uit dat zo’n windmolen storend werkt in het landschap. Meerdere molens zijn dat niet”, weet schepen Syssouw. “Een aanvraag indienen om een extra windmolen te planten kan wel maar een solitaire windmolen wordt sowieso geweigerd. Ik vermoed dat dit de reden is waarom W-Kracht besloten heeft om de beide aanvragen voor zowel milieu- als bouwvergunning in te trekken.”’
Ann Vanlauwe, een van de buurtbewoners, geeft mee dat zij alvast heel tevreden is dat het landschap niet aangetast wordt. (Lien)

"Veel protest tegen komst windturbines langs A19", Krant Van West-Vlaanderen editie Menen, 23.09.2016. 
Menen -  
“Het enige wat we niet kunnen wegnemen, is het uitzicht. Al het andere, zoals slagschaduw en lawaai, voldoet aan de Vlaamse normen.” Dat zei Stephan Deweerdt van het bedrijf W-Kracht dinsdagavond op een infovergadering rond twee te bouwen windmolens langs de A19 in Menen. “Wij worden er wel mee geduveld”, klonk het bij de omwoners, die dat helemaal niet zien zitten.

DJR, "Buurtbewoners verzetten zich tegen komst van windturbines aan A19", Het Nieuwsblad, 20.09.2016.
Menen
Tijdens een infovergadering gaf W-Kracht meer uitleg over de mogelijke komst van twee windturbines langs de A19 in Menen. De gemoederen liepen hoog op.
Vorig jaar al was er sprake van de mogelijke komst van de twee windturbines langs de A19 op grondgebied Menen, vlakbij de grens met Wevelgem. Maar problemen met de hoogte en nabijheid van het vliegveld Kortrijk-Wevelgem gooiden toen roet in het eten. Nu diende projectontwikkelaar W-Kracht een nieuwe milieuvergunning in.
Tijdens een infovergadering werd meer uitleg gegeven. "Het betreft twee windturbines van 149,4 meter hoog die maximum 102 decibels zullen produceren. Datis veel minder dan het andere randlawaai. Ze moeten stroom voorzien voor zo'n 2.428 huishoudens", vertelt Stephan Deweerdt van W-Kracht, die daarnaast nog eens alle wettelijke normen overliep.
Ann Vanlauwe buurtbewoonster: "W-Kracht vertelde dezelfde leugens als de vorige keer. Wij zullen alvast protesteren"".
Het publiek, dat bestond uit een kleine 50 buurtbewones, hield zich enigszins kalm. Tot de vragenronde begon. Heel wat argumenten werden bovengehaald om aan te tonen dat de komst van de windturbines storend en gevaarlijk zou zijn. De gebruikelijke zicht- en lawaaihinder en slagschaduw werden aangehaald, maar ook storende geluidstrillingen waardoor bloedvaten zouden verwijden.
"Uiteindelijk vertelde W-Kracht dezelfde leugens als de vorige keer. Wij zullen alvast protesteren", zegt buurtbewoonster Ann Vanlaquwe die donderdag nog samenkomt met de andere buren om de vergadering te bespreken.
Vorige keer werden 78 bezwaarschriften enn een petitie met 111 handtekeningen ingediend. Nu kunnen bezwaren nog ingediend worden tot en met 2 oktober op het stadhuis bij de milieudienst.

DJR, "Buurt komt samen tegen windmolens langs A19", Het Nieuwsblad, 24.09.2016.
Een propvolle zaal luisterde geboeid naar de sprekers die de contra's van windmolens op een rijtje zetten. Foto: djr
Moorsele / Menen - De inkt van het verslag over de infovergadering over de mogelijke komst van twee windmolens langs de A19 in Menen is nog niet droog of de buurtbewoners komen alweer samen. In de propvolle Moorseelse molen De Grote Macht tekenden zo'n tachtig mensen een bezwaarschrift tegen de windturbines. “Bij de vorige milieuvergunningsaanvraag werden er al 78 ingediend en toen had niemand iets op poten gezet”, vertelt Ann Vanlauwe. “Er is niemand die hele dagen wil kijken op zulke machines.”
Dinsdagavond zakte al een vijftigtal bewoners af naar cc De Steiger om er naar de uiteenzetting van projectontwikkelaars W-Kracht te luisteren. Daar werd al duidelijk dat zij zich niet zomaar zullen neerleggen bij de komst van de twee 149,4 meter hoge windturbinens. Waar het toen een goednieuwsshow was, somden leden van Leefbare Energie Vlaanderen tijdens de buurtinfoavond alle kwalijke gevolgen van windmolens op. Van in brand schietende turbines tot infrasone geluiden die de gezondheid schaden. Wat er ook van zij, het protest van de buurt zal er allerminst door gaan liggen.

DJR, “1.360 bezwaren tegen komst windmolens aan A19”, Het Nieuwsblad, 15.10.2016.
Menen/Wevelgem. Er zijn 1.360 bezwaren ingediend tegen de mogelijke komst van de twee windmolens langs de A19. Geheel onverwacht is dat niet. Nog voor het openbaar onderzoek startte, was het duidelijk dat omwonenden de mili­euvergunningsaanvraag voor twee windmo­lens niet zomaar zouden laten passeren. De buurt verzamelde zich en ging massaal aan het schrijven.
Het resultaat? Op het Meense stadhuis ontving de milieudienst maar liefst 1.360 bezwaren tegen de windturbines. Daarnaast werden nog twee petities afgele­verd met 169 handtekeningen. De luidste roep tegen de molens komt van Wevelgem­se zijde. De stad zal de bezwaren nu lezen en bundelen om dan een advies uit te spre­ken. “Het is een heel lijvig en complex dos­sier. Uiterlijk tegen 18 november zullen wij een positief of negatief advies geven waar­mee de provincie aan de slag kan”, zegt sche­pen van Milieu Mieke Syssauw (Open Vld)

--------------------------------------------

Moorsele, 15 september 2016

Geachte bewoners

Dit kan binnenkort 1 of meerdere van jullie problemen zijn: Geluidshinder Volksgezondheid Infrasone geluiden Veiligheid Eigendomswaardevermindering Slagschaduw

U zult ongetwijfeld al hebben vernomen dat het energiebedrijf NV W-KRACHT een nieuwe milieuvergunning heeft aangevraagd voor de bouw van 2 mega windturbines langs de Autosnelweg A19 te MENEN ter hoogte van de Boerendreef 50 en de Wolfstraat te Menen.

Iedereen is zonder enige twijfel een zeer grote voorstander van natuurlijke energie.

Spijtig genoeg zijn de effecten op de leefomgeving onvolledig gekend. Volgens ruim verspreide informatie vanuit de hele wereld worden steeds meer negatieve effecten bekend op de leefomgeving en op de gezondheid van de omwonenden.

Onze inderhaast opgerichte werkgroep maakt zich dan ook grote zorgen en heeft beslist een infoavond in te richten op donderdag 22 september op 19hr.30 in de Molen “de Grote Macht” te Moorsele, Witte Molenstraat 277, 8560 Moorsele (Jacques en Pascal Beyls).

Ongetwijfeld zullen vele inwoners van Menen en Moorsele zich ook grote vragen stellen omtrent deze plannen. Wij hopen op deze manier alvast meer duidelijkheid te verkrijgen op deze avond na verschillende getuigenissen en verduidelijking van een ingenieur.

Mogen wij iedereen dan ook uitnodigen om hierbij talrijk aanwezig te zijn.

Na afloop wordt voorzien in een drankje en zal ruime tijd worden voorzien om uw vragen te beantwoorden.
Meer informatie  vindt u alvast op facebook “Geen 120 meter hoge windturbines in Moorsele”.

Met dank,

Namens het comité

---------------------- 

Bekendmaking openbaar onderzoek voor een milieuvergunningsaanvraag 

De Burgemeester van de stad Menen, Martine Fournier, brengt ter algemene kennis van het publiek dat door de exploitant: W-Kracht NV Kerkstraat 1, 8210 Loppem een milieuvergunningsaanvraag is ingediend om een inrichting te exploiteren ter hoogte van Boerendreef nr. 80 (A19) , 8930 Menen, kadastraal bekend onder MENEN 2 AFD, sectie B, nr(s) 0203B, sectie C, nr(s) 0013A.

Soort inrichting: exploiteren van een windmolenpark.

Inzagemogelijkheden: de vergunningsaanvraag met bijlagen ligt ter inzage van het publiek van 2/09/2016 tot en met 2/10/2016 tijdens de openingsuren in het stadhuis van Menen, dienst milieu, Grote Markt 1.

Gedurende die periode kunnen bezwaren en opmerkingen schriftelijk worden gericht aan het college van Burgemeester en Schepenen van en te Menen, Grote Markt 1.

Informatievergadering: er wordt een informatievergadering georganiseerd op 20/09/2016 om 19u30 in CC De Steiger, Waalvest 1, 8930 Menen. 

------------------------- 

Bekendmaking beslissing milieuvergunningsaanvraag 

De Burgemeester van de stad Menen, Martine Fournier, brengt ter algemene kennis van het publiek dat:
de bestendige deputatie van de provincieraad op 23/02/2017 de milieuvergunningsaanvraag afkeurde voor de exploitant: W-Kracht NV, Kerkstraat 1, 8210 Loppem

om een inrichting te exploiteren te: Boerendreef z/n, 8930 Menen, kadastraal bekend onder: MENEN 2 AFD/MENEN sectie B nr.: 0203/B en sectie C nr.: 0013/A.

Soort inrichting: exploiteren van een windmolenpark.

Inzagemogelijkheden:
De geweigerde milieuvergunning ligt ter inzage van het publiek van 14 maart 2017 tot 13 april 2017 in het stadhuis van Menen, dienst milieu, Grote Markt 1 tijdens de openingsuren.

Beroepsmogelijkheden:
Gedurende die periode kan beroep ingediend worden bij de Vlaamse minister bevoegd voor Leefmilieu. De uiterste datum voor indienen van het beroep is 13 april 2017. De volgende stavingsstukken dienen bij het beroep te worden gevoegd:

- een door het gemeentebestuur af te leveren attest waaruit de datum van de bekendmaking van de beslissing blijkt,

- een bewijs van de betaling van de dossiertaks.

--------------------------------

MOLENVERENIGING DE GROTE MACHT MOORSELE
Wevelgems molencomité V.Z.W. 

Maatschappelijke zetel : Wittemolenstraat 279, 8560 WEVELGEM Ondernemingsnummer : 0453.710.372 Belfius BE14 7785 9063 5883                  

Wevelgem, 28 september 2016       

Aan het college van burgemeester en schepenen
Grote Markt 1
8930 Menen 

betreft: milieuvergunningsaanvraag Vlarem klasse 1 van W-kracht NV voor het bouwen van twee windturbines, Wolfstraat en Boerendreef Menen; openbaar onderzoek van 2 augustus tot 2 september 2016 

Mevrouw, Mijnheer,

Wij hebben kennis genomen van voormeld openbaar onderzoek naar aanleiding van de hernieuwde vraag van de firma W-kracht tot het bouwen van 2 windturbines.   Wij zijn een vereniging  opgericht in 1994 ten behoeve van de restauratie en het in werking stellen van de oude stenen windmolen ‘Grote macht’ in de Wittemolenstraat in Moorsele.  De ‘Grote macht’ is het laatst overgebleven exemplaar van een aantal industriële oliewindmolens die in de Leiestreek begin de 19de eeuw werden opgericht. Deze windmolen hebben wij in erfpacht. De restauratie van deze molen – die 550.000€ gekost heeft - werd uitgevoerd in de periode 2000-2005 en werd mogelijk gemaakt dankzij subsidiëring van de Vlaamse overheid, het provinciebestuur en het gemeentebestuur.   Omwille van de bijzondere historische waarde van de molen en de uitgesproken landelijke ligging - zichtbaar vanuit welke hoek ook - tekenden zowel de provincie als de gemeente voor een verhoogde toelage van resp. 15% en 25% van de kosten.  

Voorafgaande opmerking over de huidige milieuvergunningsaanvraag: 

In juni 2015 werden wij reeds geconfronteerd met een gelijkaardig dossier voor het oprichten van 2 windturbines in de omgeving van onze molen door de firma W-kracht.   In de loop van de procedure heeft de aanvrager zowel het milieu- als stedenbouwkundig dossier ingetrokken.  De firma W-kracht werkte in alle stilte aan een nieuw dossier met een nieuwe locatie voor één turbine.  Van de gelegenheid werd geen gebruik gemaakt de buurtbewoners alsook wijzelf te contacteren of enige vorm van overleg aan te vatten. Voor dergelijk project lijkt ons een voortraject primordiaal om een draagvlak te creëren.  Wij betreuren dan ook deze houding, die met het oog op het invoeren van de omgevingsvergunning geen passende attitude kan genoemd worden.   Zo is de aanvrager bijvoorbeeld volledig voorbij gegaan aan het gegeven dat met onze traditionele windmolen elektriciteit wordt opgewekt, dit weliswaar op kleinschalige wijze, maar niettemin heel leerzaam en vooral 100% groene energie.  Maar is het de aanvrager niet te doen om het groen, wél om de poen?  Zij de lusten, wij de lasten? Geen participatie? 

Deze reflectie op zich leert ons ontdekken dat de locatie van de twee geplande turbines heel slecht gekozen is, aansluitend de hinder niet tot een aanvaardbaar niveau kan worden beperkt. Vandaar ook dat bij de beoordeling van dit dossier de scheidingslijn tussen planologische, stedenbouwkundige en milieu-elementen heel dun is. In het licht van de invoering van de globale evaluatie volgens de procedure van de omgevingsvergunning (vanaf 23/02/2017) zullen wij dan ook in dit bezwaar alle elementen overlopen. 

De dossiergegevens 

De cijfers, afmetingen, afstanden e.a. genoteerd in het milieuaanvraagdossier zijn net als in het vorig dossier niet volstrekt correct, zelfs misleidend. De afstand van WT02 tot de molen ‘Grote macht’ bedraagt niet ‘ruim 300 meter’, maar ligt lager. Afhankelijk van hoe je het bekijkt (midden molen of perceelsgrens) is dit slechts 275 meter of 250 meter. Dit geldt ook voor de opgegeven afstanden van de in de omgeving liggende woningen.  

Ook de onderlinge afstand tussen de bestaande windmolenparken klopt niet. Op MenenLAR is er zelfs geen windturbinepark.  De twee windturbines op Menen-grensland bevinden zich op 3500 meter ten zuidwesten van WT01. Dit is minder dan de 4 km afstand gevorderd voor onderlinge windturbineparken.  Aansluitend bevindt WT02 zich op 570 meter van WT01.  Er is geen sprake meer van een samenhangend windturbinepark. De maximale afstand van 4x de ashoogte (= 434 meter) wordt ruimschoots overschreden.

Tenslotte – en niet onbelangrijk – zaait de aanvrager verwarring als hij het voorwerp van de aanvraag omschrijft. Onder de gevraagde Vlarem-rubriek worden duidelijk 2 turbines van elk 3 MW aangevraagd, tot een totaal van 6 MW. In de beoordeling is er enkel sprake van windturbines met een vermogen van 2,3 MW. Als er voor grotere turbines wordt gekozen dan zouden de emissies van deze turbines gelijkaardig zijn als de in het dossier beschreven turbines van 2,3 MW. Hoe verklaar je dat?  Uit de productgegevens van de firma Enercon – de gewenste leverancier van de turbines – staat vermeld dat voor een E82 turbine met een vermogen van 3 MW er enkel een mast- en bijgevolg ashoogte mogelijk is tot 84 meter.  Dit betekent dat de geluidsemmisies onmogelijk gelijkaardig kunnen zijn, evenals de slagschaduwvorming. Het wordt dan nog meer verwarrend als in de bijgevoegde plannen de wiekhoogte op 171 meter wordt aangeduid.  Het type turbine hier getekend lijkt ook anders (E101?). Dit kunnen we toch niet beschouwen als ‘detailfouten’ in het dossier?

De inplanting 

De bouw van de windturbines is nu voorzien op respectievelijk 270 en 550 meter van onze molen. Helaas zal dit opnieuw niet volstaan om het historisch uitzicht op de stoere stenen molen in de omgeving te vrijwaren. De in 1817 gebouwde stenen windmolen ‘Grote macht’ is een ankerpunt die de streek reeds bijna 200 jaar domineert en een baken vormt in de Leievallei.  De historische waarde ervan en het beeldbepalend karakter in de omgeving worden o.a. in het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Wevelgem uitvoerig beschreven en gewaardeerd.  Daarom ook werd de molensite (molen en bijgebouwen) niet alleen als monument beschermd, maar is het ook één van de slechts twee beschermde dorpsgezichten in de gemeente Wevelgem. Het behoud van het uniek zicht vanuit alle windrichtingen op de molensite als cultuurhistorisch landschap is primordiaal om de belevingswaarde van het historisch relict te verzekeren. De bouw van 2 windturbines van 149,5 meter hoogte  op nog geen 300 meter van de historische windmolen zou het beeld ervan in de omgeving zo sterk verkleinen dat het onbeduidend wordt. Windturbines zijn te dominant in het landschap, zo dicht bij een historische traditionele windmolen. In zekere zin wordt het uitzicht op de traditionele molen nog verder aangetast, aangezien gekozen wordt voor grotere en hogere turbines. Het gunstig effect door het feit dat WT01 enkele tientallen meter verder afstand neemt tegenover onze windmolen wordt hierdoor opgeheven.   

Zoals de naam het ook zegt was de ‘grote macht’ ooit de grootste windmolen van de provincie West-Vlaanderen.  Door het plaatsen van twee windturbines op de achtergrond van het befaamd dorpsgezicht zou de molen zijn naam niet meer waar maken. Dit zou zelfs leiden tot een eerder knotsgek maar uiterst pijnlijk uitzicht. Als je de Wittemolenstraat vanuit Moorsele richting Menen zal rijden dan zou er links en rechts een bijna 150 meter hoge turbine de grote machtmolen met amper 34 meter hoogte ‘flankeren’. Een pijnlijke aantasting van het beschermd dorpsgezicht. 

Omdat het probleem van de inplanting van windturbines bij  historische windmolens niet alleen ons bekend is, hanteren onze noorderburen sinds enkele jaren afstandscriteria bij de beoordeling van aanvragen tot het bouwen van windturbines. Aanleiding vormde de ongelukkige inplanting van turbines in de omgeving van de molens van Zoeterwoude en Eemshaven. Door de aanvrager in zijn dossier (lokalisatienota) verkeerdelijk aangegeven als pronkende voorbeelden (zie hierover aanvullende nota infra). Heden respecteert de vergunning verlenende overheid afstanden van 1.800 tot 2.000 meter. Met 270 en 550 meter blijven deze afstanden in Menen ver beneden deze in Nederland toegepaste normen. 

Bovendien komt WT02 tussen 2 beschermde gebouwen te liggen, namelijk onze stenen windmolen en een beschermde hoeve in de Boerendreef op grondgebied Menen, beide op ca. 250 meter van de turbine. Zoiets kan bezwaarlijk de toets van een ‘goede ruimtelijke ordening’ doorstaan. 

We merken ook op dat de windturbines niet gesitueerd zijn in de door de provincie enkele jaren geleden aangeduide zoekzones. Een inplanting in de omgeving zou op een doordachte manier enkel mogelijk zijn op de 500 meter verwijderd van WT01 liggende industriezone Menen-oost, langsheen de ringweg. Naar verluidt zou het RUP echter geen windturbines toelaten. Indien dit zo is kan het absoluut niet de bedoeling geweest zijn van de planoloog ze dan wel in aangrenzend agrarisch gebied in te planten, wetende dat dit stukje agrarisch gebied van bijzondere waarde is vooral bekeken vanuit grondgebied Wevelgem, omdat dit het enige stukje open gebied betreft die de verbinding maakt tussen het stedelijk gebied Kortrijk en het landelijk gebied van de westhoek.  Het neerpoten van twee gigantische windturbines zou dit uitzicht verticaal fragmenteren en de belevingswaarde ervan zodanig verkleinen dat het uitzicht niet meer relevant is.

Veiligheid 

Een ander hinderlijk aspect betreft de gewijzigde windvang.  Het is bekend dat windturbines in hun zog sterke turbulenties veroorzaken die neerdalen tot ca. 10 meter boven de grond, dit over een afstand tot ca. 800 meter en meer. Oorzaak hiervan zijn de tipwervels ontstaan door de geïnduceerde weerstand.  De rotorbladen van de turbine vormen een vleugelprofiel waarlangs de wind laminair stroomt om op een bepaald moment om te slaan en turbulent te worden.  Omdat dit ook op de rotorbladen vibraties kan veroorzaken die kunnen leiden tot voortijdige slijtage bezitten de wiektoppen zogenaamde ‘winglets’ om het schadelijk effect op de windturbine te verminderen.  Helaas verhindert dit niet dat de wind achter de turbine sterk gestoord is.  De dichtstbij gelegen turbine WT02 (op amper 230 meter van de rotor) zou bij zuidelijke winden het werken met onze windmolen bemoeilijken, zo niet te gevaarlijk maken (slagen op de wieken door de turbulenties). Er zal ook sprake zijn van een verminderde windvang. Omtrent deze belangrijke en bewezen opmerking distantiëren wij ons van het commentaar in het advies van het college van burgemeester en schepenen van Menen naar aanleiding van de behandeling van de milieuvergunningsaanvraag in 2015. Hierin

werd gesteld dat de molenaar ervoor verantwoordelijk is dat de grote macht windmolen in alle omstandigheden veilig draait. Natuurlijk is dat zo, maar blijkbaar wordt het probleem niet begrepen of miskend.  De molenaar kan vibraties en drukveranderingen in de wind zelf niet reguleren.  Als de molen begint te slingeren door turbulenties veroorzaakt door de windturbines dan zal het niet helpen als de wieken goed vast zitten. De schade zal ontstaan binnen in de molen door wringing van de molenas tussen de windpulm en penbalk.  Dat zoiets zou kunnen gebeuren is reëel, dit om de eenvoudige reden dat de turbines respectievelijk ten zuiden en ten westen van de windmolen zouden worden opgericht, precies de meest overheersende windrichting. 

Over de beveiliging van de elektrische installaties merken wij tevens op dat WT01 zich amper maar net binnen de marges bevindt wat de afstand tot de hoogspanningsleiding betreft.  Met een berekende afstand van 129 meter komt men nipt buiten de noodzakelijke veiligheidsmarge van 126 meter. Voor windturbines van dergelijke grootte is dit flirten met de ondergrens. 

Tenslotte stellen we ons de vraag of de naderingsvlakken van de luchthaven KortrijkWevelgem en het militair vliegveld Moorsele al dan niet worden doorboord. In de vorige aanvraag viel er voor de inplanting van WT02 een negatief advies van het Directoraat-generaal Luchtvaart.  Aansluitend kon WT01 (nu WT02) enkel maar worden opgericht indien de tiphoogte beperkt bleef tot 120,5 meter.  Nu wordt op dezelfde locatie 149,5 meter opgetekend. Dit is dus in strijd met het eerder advies van DGLV. 

Geluid 

In het dossier werd een geactualiseerde geluidstudie op basis van een rekenkundig model bijgevoegd. Het betreft een update van de vorige studie, met input van de nieuwe locatie en te beoordelen meetpunten (vooral bij WT01). Groot is dan ook onze verwondering dat ondanks het vergroten van de turbine (ashoogte 108,4 meter, rotordiameter 82 meter) de nieuwe turbines ‘stiller’ zouden zijn dan de vorige. Ofwel hebben wij het verkeerd voor, ofwel wordt het brongeluid hoofdzakelijk beoordeeld het geluid te zijn van de generator in de gondel. De grotere rotorbladoppervlakte en diameter zullen hoe dan ook verantwoordelijk zijn voor een hogere inbreng in het totaal geluidsvolume.  Dit staat echter nergens aangegeven. Vandaar dat wij betwisten dat slechts op 3 plaatsen van de 22 geluidsgevoelige objecten in de buurt de geluidsnorm niet zou worden gehaald.  En het voordeel is dat voor de toetsing van de geluidsnormen precies de naar Europese normen heel soepele richtwaarden voor agrarisch gebied kunnen worden gehanteerd. In werkelijkheid zou aldus voor elke periode alsook elk meetpunt geen enkele overschrijding van die richtwaarden mogen vast te stellen zijn (48 dBA overdag; 43 dBA ’s nachts).   Om te kunnen voldoen aan de geluidsnormen stelt de aanvrager voor het geluid van WT01 te brideren. Het vermogen zou in de avond- en nachtperiode (dus van 19u00 tot 7u00) worden teruggebracht van 2,3 naar 1,6 MW.  De vraag blijft hoe dit te controleren valt en in welke mate dit nog realistisch is?  Het is een verspilling van energie en gemeenschapsgeld (groene stroomcertificaten) indien de turbine 12 op 24 uren onrendabel wordt geëxploiteerd. Dit is niet meer serieus.  In de Vlarem staat nergens beschreven dat het brideren van het vermogen om de geluidsemissie te beperken een recht is om met een truuk de geluidsnormen te omzeilen. Brideren kunnen we enkel accepteren indien een beperkt vermogensverlies moet worden ingecalculeerd om precies aan strengere geluidsnormen te kunnen voldoen, die bijvoorbeeld gelden voor recreatieve gebieden, natuurgebieden, woongebieden e.a. 

Verder maken wij komaf met de bewering van de aanvrager dat in het voordeel van de omwonenden gekozen werd het geluidsrapport af te toetsen op het brongeluid én niet op het effectief achtergrondgeluid. Door de aanwezigheid van de autostrade zou het specifiek geluid gelijk mogen zijn aan het achtergrondgeluid, wat overdag hoger zou liggen. Laat ons toe te stellen dat deze bewering helemaal niet opgaat voor het nachtlawaai. Maar belangrijker is dat in dit geval de afstand tot de dichtstbij gelegen woning minimaal 3x de rotordiameter moet bedragen, dit betekent 246 meter.  We merken op dat nabij WT01 de eerste woonhuizen zich bevinden op respectievelijk 130 en 160 meter. Nabij WT02 is dit 200 meter. Dit voldoet dus niet en dat is dé reden waarom de aanvrager in zijn milieuaanvraagdossier kiest om met het werkelijk achtergrondgeluid geen rekening te houden. 

slagschaduw 

Ook de slagschaduwkaart werd in functie van de nieuwe aanvraag hertekend.  Door de hogere mast en de bredere rotors is de ‘vlinder’ uitgestrekter als voorheen. Een 24-tal woningen worden als slagschaduwgevoelig object weerhouden.  Vooral de uitbreiding van de 32-uurs contour maakt ons ongerust.  De schaduw veroorzaakt door de draaiende turbinebladen zijn in geen enkel geval te vergelijken met de slagschaduw die onze molen ontwikkelt.  Ook onze molen wordt zowel door WT01 als WT02 ‘getroffen’. Voor de aangrenzende molenaarswoning en het burgerhuis is er een gelijkaardig scenario. De Vlarem zegt max. 8 uur per jaar en 0,5 uur per dag. Bij zonnig weer zullen de turbines dagelijks enkele uren stilstand moeten volbrengen. Dit zien we niet gebeuren, zeker niet op langere termijn. En is het niet zo dat eens de twee jaar logboeknotitie voorbij (waarin alle gegevens van de slagschaduwgevoelige objecten en het aantal uren effectieve slagschaduw worden bijgehouden) de sensor- en automatische stilstandregeling van de turbine ‘on hold’ wordt geplaatst? Dat er enkel nog ingegrepen wordt na effectieve klachten?  Dit is geen loze bewering. Voorbeelden zijn legio.  

Zoeterwoude en Eemshaven 

Tenslotte willen wij de voorbeelden verwerpen die de aanvrager aanhaalt prototypes te zijn van het succesvol samengaan van traditionele windmolen en windturbine. 

Te Zoeterwoude (NL) langs de A4 richting Leiden staat een polderwindmolen – een watermolen dus – sinds 2007 geflankeerd door twee windturbines. Dit was zo. Beide turbines werden afgebroken, respectievelijk in mei en september van dit jaar!  De komst van de turbines in 2007 werd van meet af aan gecontesteerd en werd nadien als toonbeeld verspreid van hoe het niet moet. Het te dicht samengaan van traditionele windmolen en moderne windturbine werkt niet op dergelijke korte afstand (overigens stonden beide turbines op resp. 400, resp. 600 meter ten noorden van de molen en waren ze van een kleiner type, Enercon E70 met ashoogte van amper 64 meter). Visueel trekken de windturbines alle aandacht en wordt de traditionele windmolen een stulpje aan de horizon, volstrekt waardeloos. Stemmen kwamen dan ook op om de molen te verplaatsen wat ook effectief zal gebeuren, dit met het oog op de verbreding van de A4. De windturbine exploitant krijgt hierbij de toestemming om nieuwe grotere windturbines te plaatsen met meer vermogen (E82) en de ashoogte te verhogen tot 69 meter.  De traditionele windmolen wordt afgebroken en verplaatst in dezelfde biotoop maar honderden meters uit het zichtveld van de turbines.  De windturbine-exploitant Prodeon helpt financieel mee in de operatie. 

De windmolen ‘Goliath’ in het Friese Eemshaven was inderdaad in 2015 genomineerd voor de ‘molenprijs’, een actie op touw gezet door de Nederlandse overkoepelende molenvereniging ‘de Hollandsche molen’ samen met de Bankgiro. Helaas heeft de molen niet gewonnen, maar won die wel de publieksprijs.  Maar deze prijs had niks te maken met de unieke ligging nabij windturbines, wel met het project tot aanpassing van het dijk- en slotenstelsel voor aanvoer van water naar de waterpompmolen.  Omtrent dit project werd vooral de passende en doeltreffende communicatie bejubeld die de plaatselijke molenaarster hiervoor had gehanteerd. Overigens was het ook een bewuste keuze de molen Goliath te laten staan op de oorspronkelijke plek en niet te verplaatsen. Het is immers de meest noordelijk gelegen windmolen van Nederland. Die eer wenst men niet kwijt te spelen, ondanks de windturbines. Bovendien staan de windturbines ook ten noorden van de molen (minder overheersende windrichting) en begint de inplanting ook op 400 meter, niet op 270 meter als bij de stenen windmolen (die niet verplaatsbaar is) in Moorsele. Aansluitend heeft de windturbine-exploitant in de traditionele windmolen een bezoekerscentrum annex windenergie-tentoonstelling ingericht. Vanzelfsprekend steunen zij ook financieel de instandhouding van het monument. 

Misschien is deze laatste opmerking een uitnodiging voor de aanvrager W-kracht om zijn communicatie naar de omwonenden en onze molenvereniging anders te oriënteren en te richten op een win/win situatie.  Daarvan is echter nu nog geen sprake, wat ons ten zeerste ontgoocheld. 

In deze omstandigheden kunnen wij niet anders – rekening houdende met bovenstaande opmerkingen – te vragen aan het college van burgemeester en schepenen te Menen de milieuvergunningsaanvraag negatief te adviseren en de deputatie voor te stellen de vergunning te weigeren.   

Met de meeste hoogachting, 

Namens het bestuur,
leden en molenaars van molenvereniging ‘De Grote Macht’, Wevelgems molencomité vzw, 

De secretaris                      De voorzitter
(get.) Herman Vanhoutte     Bernard Lewyllie    

Bestuursleden en molenaars,
Jacques Beyls   Mieke Ghesquière  Réginald Beyls (ere-voorzitter)
Pascal Beyls   Dany Maes   Freddy Duron
(get.) Rik Servayge     (get.) Geert Maelbrancke   

--------------------------------

MOLENVERENIGING DE GROTE MACHT MOORSELE
Wevelgems molencomité V.Z.W. 

Maatschappelijke zetel : Wittemolenstraat 279, 8560 WEVELGEM Ondernemingsnummer : 0453.710.372 Belfius BE14 7785 9063 5883                  

Wevelgem, 30 oktober 2016       

Aan het college van burgemeester en schepenen
Grote Markt 1
8930 Menen 

betreft: stedenbouwkundige vergunningsaanvraag van W-kracht NV voor het bouwen van twee windturbines, Wolfstraat en Boerendreef Menen; openbaar onderzoek van 7 oktober tot 7 november 2016 2016

Mevrouw, Mijnheer,

Wij hebben kennis genomen van voormeld openbaar onderzoek naar aanleiding van de hernieuwde vraag van de firma W-kracht tot het bouwen van 2 windturbines.   Wij zijn een vereniging  opgericht in 1994 ten behoeve van de restauratie en het in werking stellen van de oude stenen windmolen ‘Grote macht’ in de Wittemolenstraat in Moorsele.  De ‘Grote macht’ is het laatst overgebleven exemplaar van een aantal industriële oliewindmolens die in de Leiestreek begin de 19de eeuw werden opgericht. Deze windmolen hebben wij in erfpacht. De restauratie van deze molen – die 550.000€ gekost heeft - werd uitgevoerd in de periode 2000-2005 en werd mogelijk gemaakt dankzij subsidiëring van de Vlaamse overheid, het provinciebestuur en het gemeentebestuur.   Omwille van de bijzondere historische waarde van de molen en de uitgesproken landelijke ligging - zichtbaar vanuit welke hoek ook - tekenden zowel de provincie als de gemeente voor een verhoogde toelage van resp. 15% en 25% van de kosten.  

Voorafgaande opmerking over de huidige vergunningsaanvraag tot het bekomen van een stedenbouwkundige vergunning 

In juni 2015 werden wij reeds geconfronteerd met een gelijkaardig dossier voor het oprichten van 2 windturbines in de omgeving van onze molen door de firma W-kracht.   In de loop van de procedure heeft de aanvrager zowel het milieu- als stedenbouwkundig dossier ingetrokken.  De firma W-kracht werkte in alle stilte aan een nieuw dossier met een nieuwe locatie voor één turbine.  Van de gelegenheid werd geen gebruik gemaakt de buurtbewoners alsook wijzelf te contacteren of enige vorm van overleg aan te vatten. Voor dergelijk project is een voortraject primordiaal om een draagvlak te creëren (cfr. richtlijnen afwegingskader voor de oprichting van windturbines).  Wij betreuren dan ook deze houding, die met het oog op het invoeren van de omgevingsvergunning geen passende attitude kan genoemd worden.   Zij de lusten, wij de lasten? Geen participatie? 

Deze reflectie op zich leert ons ontdekken dat de locatie van de twee geplande turbines heel slecht gekozen is, aansluitend de hinder niet tot een aanvaardbaar niveau kan worden beperkt.

Vandaar ook dat bij de beoordeling van dit dossier de scheidingslijn tussen planologische, stedenbouwkundige en milieu-gerelateerde aspecten heel dun is.  In dit bezwaar zullen wij de gevraagde inplanting van de windturbines toetsen aan de principes van een goede ruimtelijke aanleg.. 

De dossiergegevens 

De cijfers, afmetingen, afstanden e.a. genoteerd in de lokalisatienota zijn net als in het vorig dossier niet volstrekt correct, zelfs misleidend. De afstand van WT02 tot de molen ‘Grote macht’ bedraagt niet ‘ruim 300 meter’, maar ligt lager. Afhankelijk van hoe je het bekijkt (midden molen of perceelsgrens) is dit slechts 275 meter of 250 meter. Dit geldt ook voor de opgegeven afstanden tot de in de omgeving liggende woningen. 

Ook de onderlinge afstand tussen de bestaande windmolenparken klopt niet. Op MenenLAR is er zelfs geen windturbinepark.  De twee windturbines op Menen-grensland bevinden zich op 3500 meter ten zuidwesten van WT01. Dit is minder dan de 4 km afstand gevorderd voor onderlinge windturbineparken.  Aansluitend bevindt WT02 zich op 570 meter van WT01.  Er is geen sprake meer van een samenhangend windturbinepark. De maximale afstand van 4x de ashoogte (= 434 meter) wordt ruimschoots overschreden. 

Tenslotte – en niet onbelangrijk – zaait de aanvrager verwarring als hij het voorwerp van de aanvraag omschrijft. Er is zelfs sprake van 2 turbines van elk 3 MW aangevraagd, tot een totaal van 6 MW. In de beoordeling is er enkel sprake van windturbines met een vermogen van 2,3 MW. Als er voor grotere turbines wordt gekozen dan zouden de emissies van deze turbines gelijkaardig zijn als de in het dossier beschreven turbines van 2,3 MW. Hoe verklaar je dat?  Uit de productgegevens van de firma Enercon – de gewenste leverancier van de turbines – staat vermeld dat voor een E82 turbine met een vermogen van 3 MW er enkel een mast- en bijgevolg ashoogte mogelijk is tot 84 meter.  Dit betekent dat de geluidsemmisies onmogelijk gelijkaardig kunnen zijn, evenals de slagschaduwvorming. Het wordt dan nog meer verwarrend als in de bijgevoegde plannen de wiekhoogte op 171 meter wordt aangeduid.  Het type turbine hier getekend lijkt ook anders (E101?). Dit kunnen we toch niet beschouwen als ‘detailfouten’ in het dossier? 

De inplanting 

De bouw van de windturbines is nu voorzien op respectievelijk 270 en 550 meter van onze molen. Helaas zal dit opnieuw niet volstaan om het historisch uitzicht op de stoere stenen molen in de omgeving te vrijwaren. De in 1817 gebouwde stenen windmolen ‘Grote macht’ is een ankerpunt die de streek reeds bijna 200 jaar domineert en een baken vormt in de Leievallei.  De historische waarde ervan en het beeldbepalend karakter in de omgeving worden o.a. in het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Wevelgem uitvoerig beschreven en gewaardeerd.  Daarom ook werd de molensite (molen en bijgebouwen) niet alleen als monument beschermd, maar is het ook één van de slechts twee beschermde dorpsgezichten in de gemeente Wevelgem. Het behoud van het uniek zicht vanuit alle windrichtingen op de molensite als cultuurhistorisch landschap is primordiaal om de belevingswaarde van het historisch relict te verzekeren. De bouw van 2 windturbines van 149,5 meter hoogte  op nog geen 300 meter van de historische windmolen zou het beeld ervan in de omgeving zo sterk verkleinen dat het onbeduidend wordt. Windturbines zijn te dominant in het landschap, zo dicht bij een historische traditionele windmolen. In zekere zin wordt het uitzicht op de traditionele molen nog verder aangetast, aangezien gekozen wordt voor grotere en hogere turbines. Het gunstig effect door het feit dat WT01 enkele tientallen meter verder afstand neemt tegenover onze windmolen wordt hierdoor opgeheven.   

Zoals de naam het ook zegt was de ‘grote macht’ ooit de grootste windmolen van de provincie West-Vlaanderen.  Door het plaatsen van twee windturbines op de achtergrond van het befaamd dorpsgezicht zou de molen zijn naam niet meer waar maken. Dit zou zelfs leiden tot een eerder knotsgek maar uiterst pijnlijk uitzicht. Als je de Wittemolenstraat vanuit Moorsele richting Menen zal rijden dan zou er links en rechts een bijna 150 meter hoge turbine de grote machtmolen met amper 34 meter hoogte ‘flankeren’. Een pijnlijke aantasting van het beschermd dorpsgezicht.

Omdat het probleem van de inplanting van windturbines bij  historische windmolens niet alleen ons bekend is, hanteren onze noorderburen sinds enkele jaren afstandscriteria bij de beoordeling van aanvragen tot het bouwen van windturbines.  Aanleiding vormde de ongelukkige inplanting van turbines in de omgeving van de molens van Zoeterwoude en Eemshaven, op 500 meter afstand. Door de aanvrager in zijn dossier (lokalisatienota) verkeerdelijk aangegeven als pronkende voorbeelden. Wij willen de mythe ontkrachten dat deze realisaties prototypes zijn van het succesvol samengaan van traditionele windmolen en windturbine.

Te Zoeterwoude (NL) langs de A4 richting Leiden staat een polderwindmolen – een watermolen dus – sinds 2007 geflankeerd door twee windturbines. Dit was zo. Beide turbines werden afgebroken, respectievelijk in mei en september van dit jaar!  De komst van de turbines in 2007 werd van meet af aan gecontesteerd en werd nadien als toonbeeld verspreid van hoe het niet moet. Het te dicht samengaan van traditionele windmolen en moderne windturbine werkt niet op dergelijke korte afstand (overigens stonden beide turbines op resp. 400, resp. 600 meter ten noorden van de molen en waren ze van een kleiner type, Enercon E70 met ashoogte van amper 64 meter). Visueel trekken de windturbines alle aandacht en wordt de traditionele windmolen een stulpje aan de horizon, volstrekt waardeloos. Stemmen kwamen dan ook op om de traditionele windmolen te verplaatsen wat ook effectief zal gebeuren, dit met het oog op de verbreding van de A4. De windturbine exploitant krijgt hierbij de toestemming om nieuwe grotere windturbines te plaatsen met meer vermogen (E82) en de ashoogte te verhogen tot 69 meter.  De traditionele windmolen wordt afgebroken en verplaatst in dezelfde biotoop maar honderden meters uit het zichtveld van de turbines.  De windturbine-exploitant Prodeon helpt financieel mee in de operatie.

De windmolen ‘Goliath’ in het Friese Eemshaven was inderdaad in 2015 genomineerd voor de ‘molenprijs’, een actie op touw gezet door de Nederlandse overkoepelende molenvereniging ‘de Hollandsche molen’ samen met de Bankgiro. Helaas heeft de molen niet gewonnen, maar won die wel de publieksprijs.  Maar deze prijs had niks te maken met de unieke ligging nabij windturbines, wel met het project tot aanpassing van het dijk- en slotenstelsel voor aanvoer van water naar de waterpompmolen.  Omtrent dit project werd vooral de passende en doeltreffende communicatie bejubeld die de plaatselijke molenaarster hiervoor had gehanteerd. Overigens was het ook een bewuste keuze de molen Goliath te laten staan op de oorspronkelijke plek en niet te verplaatsen. Het is immers de meest noordelijk gelegen windmolen van Nederland. Die eer wenst men niet kwijt te spelen, ondanks de windturbines. Bovendien staan de windturbines ook ten noorden van de molen (minder overheersende windrichting) en begint de inplanting ook op 500 meter, niet op 270 meter als bij de stenen windmolen (die niet verplaatsbaar is) in Moorsele. Aansluitend heeft de windturbine-exploitant in de traditionele windmolen een bezoekerscentrum annex windenergie-tentoonstelling ingericht. Vanzelfsprekend steunen zij ook financieel de instandhouding van het monument.

Heden hanteert de Nederlands commissie rijksmonumentenzorg afstanden van 1.800 tot 2.000 meter tot beschermde monumenten en landschappen.  Met 270 en 550 meter blijven deze afstanden in Menen ver beneden deze in Nederland huidige aanbevolen afstandsnormen.

De situatie in Wevelgem – op de grens met de deelgemeente Moorsele en de stad Menen – is als volgt: WT02 komt tussen 2 beschermde gebouwen te liggen, namelijk onze stenen windmolen en een beschermde hoeve in de Boerendreef op grondgebied Menen, beide op ca. 250 meter van de turbine. Zoiets kan bezwaarlijk de toets van een ‘goede ruimtelijke ordening’ doorstaan?

We merken ook op dat de windturbines niet gesitueerd zijn in de door de provincie enkele jaren geleden aangeduide zoekzones. Een inplanting in de omgeving zou op een doordachte manier enkel mogelijk zijn op de 500 meter verwijderd van WT01 liggende industriezone Menen-oost, langsheen de ringweg. Naar verluidt zou het RUP echter geen windturbines toelaten.  Indien dit zo is kan het absoluut niet de bedoeling geweest zijn van de planoloog ze dan wel in aangrenzend agrarisch gebied in te planten, wetende dat dit stukje agrarisch gebied van bijzondere waarde is vooral bekeken vanuit grondgebied Wevelgem, omdat dit het enige stukje open gebied betreft die de verbinding maakt tussen het stedelijk gebied Kortrijk en het landelijk gebied van de westhoek.  Het neerpoten van twee gigantische windturbines zou dit uitzicht verticaal fragmenteren en de belevingswaarde ervan zodanig verkleinen dat het uitzicht niet meer relevant is.

Veiligheid

Een ander hinderlijk aspect betreft de gewijzigde windvang.  Het is bekend dat windturbines in hun zog sterke turbulenties veroorzaken die neerdalen tot ca. 10 meter boven de grond, dit over een afstand tot ca. 800 meter en meer. Oorzaak hiervan zijn de tipwervels ontstaan door de geïnduceerde weerstand.  De rotorbladen van de turbine vormen een vleugelprofiel waarlangs de wind laminair stroomt om op een bepaald moment om te slaan en turbulent te worden.  Omdat dit ook op de rotorbladen vibraties kan veroorzaken die kunnen leiden tot voortijdige slijtage bezitten de wiektoppen zogenaamde ‘winglets’ om het schadelijk effect op de windturbine te verminderen.  Helaas verhindert dit niet dat de wind achter de turbine sterk gestoord is.  De dichtstbij gelegen turbine WT02 (op amper 230 meter van de rotor) zou bij zuidelijke winden het werken met onze windmolen bemoeilijken, zo niet te gevaarlijk maken (slagen op de wieken door de turbulenties). Er zal ook sprake zijn van een verminderde windvang. Omtrent deze belangrijke en bewezen opmerking distantiëren wij ons van het commentaar in het advies van het college van burgemeester en schepenen van Menen naar aanleiding van de behandeling van de vergunningsaanvraag in 2015. Hierin werd gesteld dat de molenaar ervoor verantwoordelijk is dat de grote macht windmolen in alle omstandigheden veilig draait. Natuurlijk is dat zo, maar blijkbaar wordt het probleem niet begrepen of miskend.  De molenaar kan vibraties en drukveranderingen in de wind zelf niet reguleren.  Als de molen begint te slingeren door turbulenties veroorzaakt door de windturbines dan zal het niet helpen als de wieken goed vast zitten. De schade zal ontstaan binnen in de molen door wringing van de molenas tussen de windpulm en penbalk.  Dat zoiets zou kunnen gebeuren is reëel, dit om de eenvoudige reden dat de turbines respectievelijk ten zuiden en ten westen van de windmolen zouden worden opgericht, precies de meest overheersende windrichting.

Over de beveiliging van de elektrische installaties merken wij tevens op dat WT01 zich amper maar net binnen de marges bevindt wat de afstand tot de hoogspanningsleiding betreft.  Met een berekende afstand van 129 meter komt men nipt buiten de noodzakelijke veiligheidsmarge van 126 meter. Voor windturbines van dergelijke grootte is dit flirten met de ondergrens.

Tenslotte stellen we ons de vraag of de naderingsvlakken van de luchthaven KortrijkWevelgem en het militair vliegveld Moorsele al dan niet worden doorboord. In de vorige aanvraag viel er voor de inplanting van WT02 een negatief advies van het DirectoraatGeneraal Luchtvaart.  Aansluitend kon WT01 (nu WT02) enkel maar worden opgericht indien de tiphoogte beperkt bleef tot 120,5 meter.  Nu wordt op dezelfde locatie 149,5 meter opgetekend. Dit is dus in strijd met het eerder advies van DGL. 

In deze omstandigheden vragen wij dan ook aan het college van burgemeester en schepenen te Menen de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag negatief te adviseren en de administratie Ruimte Vlaanderen voor te stellen de vergunning te weigeren.   

Met de meeste hoogachting, 

Namens het bestuur,
leden en molenaars van molenvereniging ‘De Grote Macht’, Wevelgems molencomité vzw, 

De secretaris                      De voorzitter
(get.) Herman Vanhoutte     Bernard Lewyllie    

Bestuursleden en molenaars,
Jacques Beyls   Mieke Ghesquière  Réginald Beyls (erevoorzitter)
Pascal Beyls   Dany Maes   Freddy Duron
(get.) Rik Servayge     (get.) Geert Maelbrancke

 

Literatuur

[Vanhoutte Herman e.a.], Wevelgemse molens. Een kroniek, Wevelgem, Culturele Raad Wevelgem, 2010, 56 p.
Herman Vanhoutte, De Kezelbergmolen of Vergotesmolen, Dadingisila. Heemkundige sprokkels verzameld door de heemkundige kring "Dadingisila" - Dadizele. Jaarboek, XX, 2011, p. 109-163.
Herman Vanhoutte, "Twee windturbines versus windmolen De Grote Macht", Molenecho's, jg. 43, 2015, 2, p. 67.
Luc Devliegher, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984, p. 414-415 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9).
Jeroen Cornilly, Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen. Deel 1. Arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare, Tielt, Brugge, 2001, p. 232.
Lieven Denewet, "Vijf goedgekeurde West-Vlaamse molenprojecten in 1999", in: Mededelingenblad Werkgroep West-Vlaamse Molens, XV, 1999, p. 68-75.
"De Grote Macht te Moorsele", in: Curiosa, XXXIV, 1996, nr. 337, p. 30-32.
Herman Vanhoutte, "De Grote Macht van Moorsele op de studietafel", in: Mededelingenblad Werkgroep West-Vlaamse Molens, XIV, 1998, p. 119-124.
Herman Vanhoutte, "Restauratie van De Grote Macht te Moorsele begonnen", in: Mededelingenblad Werkgroep West-Vlaamse Molens, XVI, 2000, p. 110-113.
Herman Vanhoutte, "Bouwhistorisch onderzoek van de Grote Macht te Moorsele", in: Molenecho's, XXVIII, 2000, nr. 4, p. 197-209.
"Nieuwe onderdelen voor molen De Grote Macht in atelier Thomaes", in: West-Vlaams Molenblad, XX, 2004, nr. 2, p. 67.
H. Vanhoutte, "De Grote Macht: niet zomaar een molenromp", in: Natuur- en Stedenschoon, LXVII, 1998, nr. 3, p. 38-41.
Jozef Maes, "Eertijdse windmolens te Moorsele", in: De Belgische Molenaar, 57ste jg., 1962, nr. 23 (7 nov.), p. 379-380.
H. Vanhoutte, "De Grote Macht of de Witte Molen van Moorsele opnieuw draaivaardig", in: West-Vlaams Molenblad, 21ste jg., 2005, nr. 2.
"De Grote Macht te Moorsele", in: Curiosa, september 1996, p. 30-32.
"Provinciale draaipremie voor ambachtelijke molens. Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2004-2009", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVI, 2010, 3, p. 115-118.
"Aantal asomwentelingen van West-Vlaamse molens in 2010", in: /West-/Vlaams Molenblad, XXVII, 2011, 1, p. 50.

Persberichten
"Panorama van de Witte Molen te Moorsele", in: Het Wekelijks Nieuws, 21 september 1973;
RSM, "De Witte Molen: één van de acht", in: Het Wekelijks Nieuws, ed. Leie, 08.05.1981, p. 7;
VLW, "De Grote Macht is er weer", in: Het Nieuwsblad, 04.07.2005.
VLW, "De Grote Macht", in: Het Nieuwsblad, 20.10.2009.
Lien, "Rik Servaye, Reginald Beyls en Freddy Duron zijn nieuwe molenaars De Grote Macht Moorsele. "Een molen is typisch Vlaams", in: Krant Van West-Vlaanderen editie De Leie, 28.05.2010.
Eline Bergmans, "De kracht van de molen. 'Van molens moet je niet bang zijn', De Standaard, 24.12.2012, p. 8.
Eline Bergmans, "Klap van wieken krijgt molenaar (71) niet klein. Eric Beyls weer aan het werk na dat zwaar ongeval in Aalbeke", Het Nieuwsblad, 27.12.2012.
DJR, "Menen geeft groen licht voor milieuvergunning molens", Het Nieuwsblad, 19.08.2015.
Lien, “Geen windmolens langs A19”, KW, editie Leie, 25.12.2015.
DJR, "Buurtbewoners verzetten zich tegen komst van windturbines aan A19", Het Nieuwsblad, 20.09.2016.
"Veel protest tegen komst windturbines langs A19", Krant Van West-Vlaanderen editie Menen, 23.09.2016.
DJR, "Buurt komt samen tegen windmolens langs A19", Het Nieuwsblad, 24.09.2016.
DJR, “1.360 bezwaren tegen komst windmolens aan A19”, Het Nieuwsblad, 15.10.2016.


Laatst bijgewerkt: zondag 12 maart 2017
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens