Molenzorg
Baaigem (Gavere), Oost-Vlaanderen
Naam

Prinsenmolen

Ligging Prinsenmolenstraat 17b
9890 Baaigem (Gavere)

kadasterperceel A711


toon op kaart
Geo positie 50.936321, 3.718339
Eigenaar Nathalie Vervenne (bewoner)
Gebouwd 1551 / 1639 / 1806 (hout) / 1890 (steen)
Type Stenen bergmolen
Functie Korenmolen
Kenmerken Gewitte romp, Oost-Vlaamse kapvorm, met een iets wijkende nok
Gevlucht/Rad Verwijderd, was ca. 24 m; een nieuw kruis is gepland
Inrichting Nog 2 koppels maalstenen
Toestand Uitwendig gerestaureerd, geen roeden, thans woning
Bescherming M: monument, DSG: dorps- en stadsgezicht,
30 april 1945 / 30 juli 1982
Molenaar Geen
Openingstijden Niet toegankelijk
<p>Prinsenmolen</p>

Foto: Philippe De Zitter, 10.08.2008   

Beschrijving / geschiedenis

De Prinsenmolen is een stenen korenwindmolen, type bergmolen, in de Prinsenmolestraat 17b.

Oorspronkelijk stond hier een houten korenwindmolen, type staakmolen, gebouwd in 1551. Hij was in het bezit van de familie van Prins Lamoraal van Egmont, prinsen van het Land van Gavere, vandaar de naam Prinsenmolen.

We vinden hem ook in de penningkohieren van Baaigem van 1571 in het bezit van deze familie, van wie Lamoraal van Egmont in 1568 op de Grote Markt van Brussel werd onthoofd omwille van zijn "ketterse" geloofsovertuiging en opstandigheid tegen het Spaanse bestuur.

Deze molen werd vernield tijdens de godsdiensttroebelen rond 1580 en werd pas in 1639 herbouwd. Nog in de 18de eeuw was de molen een "bannale korenwindmolen". Pachter in 1713 was Jan Piens. De molen staat aangeduid met het bruin symbool van een staakmolen op de Ferrariskaart van ca. 1775.

In 1806 werd de molen wederom herbouwd als een staakmolen en in 1890 als een ronde stenen bergmolen.

Uit het proces-verbaal van afpaling van de gemeente Baaigem uit 1821:
"il n'y a qu'un moulin à vent dans la commune de Baaigem. Exploité par Buysse, bourgmestre de la commune, il sert à moudre de la farine. Un bail passé le 22 fevriér 1806 entre le dit Buysse et le propriétaire du moulin Marie Cathérine Van Durme de Deynze a produit à l'expert une assurance assez positive pour porter exactement une juste évaluation - quoique pourtant il n'a pris base entièrement sur le détail du bail pour lequel des contestations se sont élévées. Ce bail était passé pour un revenu net de fr. 333,08, les contributions et frais d'entretien à charge du locataire et comprend aussi avec la bute du moulin et une autre partie de terre de 3e classe une contenance de 29 perches 30 mètres. D'après ce qui précède et sur les renseignements exacts que l'expert s'est procurés, il est d'avis que ce moulin doit être évalué en produit brut de fl. 225."

Eigenaars na 1800:
- 1806, eigenaar: Van Durme Marie Cathérine, Deinze; huurder-molenaar (akte 22.02.1806): Buysse, burgemeester van Baaigem
- voor 1835, eigenaar: Van Durme Jean Baptist, Petegem-aan-de-Leie
- later, eigenaar: Van Durme Eduard, bediende op het kadaster te Gent
- 14.12.1845, verkoop: Van Hecke-Buysse Marcelin, de weduwe, landbouwster te Baaigem (notaris De Smet)
- 09.12.1861, deling: Van Hecke-Moreels Eugène, landbouwer te Baaigem (notaris De Wilde)
- 14.11.1881, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Eugène Van Hecke)
- 19.11.1892, deling: a) Van Hecke Marie, zonder beroep te Baaigem en b) Van Hecke Elodie, zonder beroep te Baaigem (notaris Hebbelynck)
- 24.05.1899, verkoop: a) Van Hecke Oscar, landbouwer te Baaigem en b) Van Hecke Elodie, zonder beroep te Baaigem (notaris Hebbelynck - deel van Marie)
- 12.08.1939, erfenis: Van Hecke-Dhaese Oscar, landbouwer te Baaigem (overlijden van Eldoie Van Hecke)
- 31.03.1950, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Oscar Van Hecke)
- 30.07.1953, deling: a) Van Hecke-Dhaese Oscar, de weduwe (voor vruchtgebruik) en b) Van Uytvanck Paul (voor naakte eigendom), hoogleraar te Gent (notaris Verleyen)
- 20.11.1954, verkoop: De Boever-Sedeyn Oscar, molenaar te Baaigem (notaris Van de Steene)
- 28.03.1973, verkoop: Vervenne-Verstraete Loys Edward Albert, architect te Kruishoutem (notaris Destrooper - vervallen stenen windmolen en maalderij)
- 2014, eigenaar: Vervenne Nathalie (bewoner van de molen)

In 1854 werd aan de voet van de molenwal een kapel gebouwd, vermoedelijk na een ongeval.

Er werd gemalen tot in 1953. Onderin de molen was een elektrische maalderij gevestigd. Tijdens een najaarsstorm in 1959 brak de windpulm onder het gewicht van de as, askop en plaatstalen roeden (er was nooit een stefelbalk geweest), maar de as en het gevlucht bleven gekanteld tegen de romp hangen. Dit heeft geduurd tot tijdens de storm van 11-12 november 1972 het gevlucht en de as met het vangwiel naar beneden stortten.

De molen werd in 1945 beschermd als monument en in 1982 samen met zijn omgeving (alsook de dorpskom van Baaigem) als dorpsgezicht.

Toen de laatste molenaar Oscar De Boever bekendmaakte dat hij de molen wou slopen om er een villa neer te poten voor zijn dochter wilde Loys Vervenne daar koste wat het kost een stokje voor steken. Hij ging op zoek naar een mooie bouwgrond voor de molenaar, kocht zelf de molen en de grond er rond en redde zo de molen van de ondergang.

In opdracht van eigenaar Loys Vervenne begon molenmaker Walter Mariman uit Zele in 1975 met de herstellingswerken om de molen maalvaardig te maken. De mechanische maalderij - die nog volledig was - werd uit de molen verwijderd. Monumenten en Landschappen wilde terug naar de oorspronkelijke toestand. Door een verschillende zienswijze op de restauratie tussen de eigenaar en de aannemer, werd de maalvaardige restauratie stopgezet. Wel herstelde de dochter, mevr. Nathalie Vervenne, de molen verder, maar nu met de bedoeling er een woning van te maken. De molen is nog steeds als woonruimte ingericht en is niet opengesteld voor bezoek.

Er wordt overwogen om in 2017 een nieuw wiekenkruis te plaatsen, maar er wordt geen maalvaardige restauratie voorzien.

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Prinsenmolen</p>

Foto: Donald Vandenbulcke, Staden

<p>Prinsenmolen</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Prinsenmolen</p>

Foto Leo Smet. Verzameling Ons Molenheem

<p>Prinsenmolen</p>

Foto P.J. Lemmens, coll. Stichting Levende Molens, Roosendaal.

<p>Prinsenmolen</p>

Prentkaart SE, Berchem-Antwerpen, ed. Cam. Coens-Picard, voor 1914. De Prinsenmolen met maalderij en man te paard, waarschijnlijk een ketser. In het midden het huis van de vroegere burgemeester De Witte.

Bijlagen

Pierre Penninck, "Cathérine Vervenne uit Baaigem in 'Komen Eten'. Koken met bloemen", Het Nieuwsblad, 20.09.2010.
Gavere - Cathérine Vervenne (47), creatieve duizendpoot uit het landelijke Baaigem (Gavere), neemt deze week deel aan 'Komen Eten' op VT4. Ze serveerde elke gang van haar bloemenrijke menu op een andere plaats in en buiten haar woning.
Cathérine Vervenne woont naast de Prinsenmolen in de Prinsenmolenstraat in Baaigem, midden in de natuur.
'Toen ik mij inschreef voor het programma Komen Eten, wist ik al dat er veel bloemen aan te pas zouden komen', zegt ze. 'Bloemen horen thuis op tafel, op het servies en in de gerechten.'
Vooraf besprak de kledingontwerpster en decoratieadviseur alles met haar drie kinderen en partner. 'Mijn kinderen vonden het zo leuk, dat ze zelf ideeën aanbrachten. Sindsdien zitten ze meer in de keuken.'
Gastvrije familie
Cathérine komt uit een gastvrije familie. 'Hoe meer zielen, hoe meer vreugd, is bij ons de leuze. Als er iemand op bezoek komt, zeggen we gemakkelijk blijf toch eten.'
Haar tegenkandidaten in Komen Eten zijn Jan (47) uit Antwerpen, Ward (23) uit Kapellen en Anna (68) uit Meerdonk.
'Jan viel op met zijn grote glimlach', vertelt Cathérine. 'Anna, geboren in Zuid-Afrika, was zenuwachtig en Ward boezemde mij wat schrik in met zijn wat opzichtige verschijning. Ward heb ik leren appreciëren tijdens de opnames.'
Vermoeiend
Cathérine komt deze week als laatste aan de beurt, op de vierde dag.
'Het voordeel was dat ik het aanvoelde alsof ik voor mensen kookte en niet voor een tv-programma. Camera's en micro's was ik al gewoon. Het nadeel was dat ik als laatste kwam en het toch een vermoeiende week was.'
Cathérine verplaatste haar gasten voor elk gerecht op het menu naar een andere plek.
'Ik wou mijn gasten mee laten genieten van de mooie natuur in Baaigem en de nabijheid van de molen. Het aperitief (cava met glaasje van garnalen en pompelmoes) serveerde ik op het terras met zicht op de velden. Van mijn voorgerecht (bordje met paprikasoep in laagjes gele en rode paprika) genoten ze in de tuin achteraan met zicht op de molen. Het hoofdgerecht (kalkoenroulade gevuld met ricotta, tomatentapenade, een beetje citroenzeste, geblancheerde spinazie en Italiaans spek) kregen ze opgediend in de zomerleefkamer. In het knusse, gezellige wintersalon mochten ze smullen van het dessert (aardbeienijs, chocomousse en merengue).'
Opmerkelijk was dat in elk gerecht bloemen aan bod kwamen.
'Ik werk graag met bloemen en verse kruiden, van viooltjes, bieslookbloemetjes, peterselie, salie, rozemarijn tot zuiderse kruiden, alles wat de zon in huis brengt.'
Cathérine hoopt bij de eerste drie te zijn.
Komen Eten, elke weekdag om 20u00 op VT4

Aaike De Saedeleer, "De Prinsenmolen in Baaigem", Het Nieuwsblad, 26.06.2011.
Centraal tussen de drie slaapkamers voor de kinderen bevindt zich de badkamer. Foto's Yvan De Saedeleer.
Het heeft geen haar gescheeld of de Prinsenmolen van Gavere was met de grond gelijkgemaakt. Daar stak de vader van Cathérine Vervenne een stokje voor. Hij kocht de molen en ontwierp op de bijhorende grond een landhuis voor Cathérine.
Wandelaars en fietsers uit de streek van Gavere herkennen de Prinsenmolen meteen. Nog voor 1570 stond op dezelfde plaats een staakmolen, in het bezit van de Graaf Van Egmont, prins van het Land van Gavere. In 1806 werd de molen herbouwd als een ronde stenen bergmolen en tot in 1953 werd er gemalen. Sinds 1954 was de windmolen beschermd als monument maar later werd hij herbestemd en gerestaureerd. Sedert 1982 vormt de omgeving van de Prinsenmolen, samen met de dorpskom van Baaigem een beschermd dorpsgezicht. Cathérine Vervenne neemt met ons een kijkje in haar bijzondere woning, aan de voet van de prachtige molen.
Cathérine vertelt: 'Door zijn talloze bezoekjes aan de molen, werd mijn vader, Loys Vervenne, vriend aan huis bij de toenmalige molenaar in Baaigem. Toen die bekendmaakte dat hij de molen wou slopen om er een villa neer te poten voor zijn dochter wilde mijn papa daar koste wat het kost een stokje voor steken. Hij ging op zoek naar een mooie bouwgrond voor de molenaar, kocht zelf de molen en de grond er rond en redde zo de molen van de ondergang. Veertig jaar stond het ding er gewoon te staan, omsingeld door autowrakken, bomen, bramen en een hangar vol vuil.'
Toen Cathérine met haar toenmalige echtgenoot op zoek ging naar een eigen woonst, werden ze al gauw verliefd op de molen en zijn omgeving. Even was het spannend, want Nathalie, Cathérines zus, droomde ervan om de molen te bewonen. Maar de zussen vonden een oplossing. Nathalie zag haar droom werkelijkheid worden en vader tekende eigenhandig een landhuis voor Cathérine, op het perceel rond de molen. Cathérine: 'Iedereen denkt dat ik deze woning renoveerde, maar dat klopt dus niet. In 1993 werden de funderingen gegoten, twee jaar later zijn we verhuisd en pas tien jaar later kon ik écht tevreden zijn met het resultaat.'
Authentiek
Tegelijk met de bouw van het landhuis werd ook de molen weer in eer hersteld, voor zus Nathalie, die er later introk en er haar eigen architectenbureau opstartte. 'Mijn vader is gespecialiseerd in alles wat met authenticiteit te maken heeft en dat merk je aan de opbouw van dit huis en de warme, natuurlijke materialen die we gebruikten. De buurtbewoners kwamen geregeld langs en waren enorm enthousiast. Eindelijk kreeg hun molen een tweede leven en hoe!'
Buiten het funderings- en metselwerk, deed Cathérine het meeste zelf, met hulp van haar vader en toenmalige echtgenoot. Voegen, vloeren leggen -zelfs de houten vloeren!- schilderen, de tuin aanleggen, noem maar op!De knusse zithoek en riante eetkamer worden vandaag van elkaar gescheiden door een antieke dubbele deur, maar dat was ooit anders. Cathérine: 'Oorspronkelijk was dit één halfopen ruimte, met als blikvanger het zicht op de houten gewelven onder het dak. Indertijd hadden we hier onze zithoek, maar in de winter konden we deze ruimte moeilijk verwarmen en had je voortdurend een vervelend tochtgevoel.'
Het euvel werd verholpen door de zithoek te verhuizen naar de kamer ernaast, met een apart houtkacheltje, lage plafonds en aldus een veel knusser en warmer gevoel in de winter. Cathérine denkt er zelfs aan om op termijn de vide volledig dicht te maken. Zo wordt automatisch ook meer ruimte gecreëerd op de bovenverdieping voor eventueel een extra slaap- of hobbyruimte.
Vanuit de gezellige zithoek wandelen we de keuken in, die uitgeeft op een klein zonneterras. Cathérine: 'We benutten ons terrasje optimaal! Zodra de eerste zonnestralen hun werk doen, eten we buiten en dat gebeurt soms al in februari, als we geluk hebben.' Het terras zit verscholen tussen het groen, uit de wind en vangt bijna heel de dag zon. Eén beeld zegt meer dan duizend woorden: het 'instant vakantiegevoel' waar Cathérine het over had, hoeft geen verdere uitleg meer. Een klein paadje leidt ons naar de tuin, waar de molen hoog boven ons uit torent. Het robuuste platteland rondom en de wilde bloemen in de tuin, geven het geheel kleur.
Knutselkamer
Via de houten trap beland je op de mezzanine, die uit drie grote compartimenten bestaat. Links hebben de kinderen Maxime, Bruno en Geraldine elk een slaapkamer met ertussen één gemeenschappelijke badkamer. Cathérine: 'Het badkamermeubeltje is een eigen creatie. Ik ging aan de slag met houten planken, maakte zelf inkervingen en nerven en werkte af met een likje verf. Het blad vond ik bij Ikea. Ik vind maatwerk veel te duur voor wat het is, daarom begin ik liever zelf aan zoiets.' Verder is de badkamer standaard uitgerust met een toilet, douchecabine en ligbad. De gang langs de bad- en slaapkamers liggen is langs één zijde volledig ingericht als berging. Handig, aangezien er geen kelder of zolder is.
Centraal op het open verdiep ligt een polyvalente ruimte, die vooral als knutselkamer dient. De naaimachine staat er klaar voor zowel Cathérine als haar twee zoons, die voor hun hobby's graag iets in elkaar knutselen. Aan de overkant van de mezzanine ligt Cathérines slaapkamer, waar grote ramen een adembenemend zicht bieden op de tuin en de omliggende natuur. Ook hier waakt de molen als een gigantische schaakpion over het huis en zijn bewoners. Cathérine: 'De molen, het hout, de natuur, de rust... telkens weer charmeert het mijn bezoek. Wanneer iemand voor de eerste keer overnacht, doet die meestal geen oog dicht, door de typische geluiden van het hout. Maar ik zou het nooit nog anders willen! Ik ben één met de geur, het kraken en het gevoel van hout en dat laat me nooit meer los.'
Tips van de bewoners
- Je hebt meer in je mars dan je denkt. Kijk eerst wat je zelf zou kunnen doen, vooraleer je een dure vakman loslaat op je meubilair. Dit bespaart je heel wat centen en de voldoening achteraf is nog zo groot.
- Veel hout in huis betekent grote kans op houtwormen. Hou dit goed in de gaten en wanneer je houtwormen opmerkt, behandel de aangetaste plekken dan onmiddellijk met een speciaal product.
- Denk goed na vooraleer je beslist om ruimtes open te maken tot in de nok van het dak. Mooi zijn ze wel, maar écht warm en gezellig zijn ze nooit.
- Persoonlijk vind ik het niet nodig mijn laatste cent in mijn woning te stoppen. Ik haal mijn voldoening liever buitenshuis, door dingen te zien en mee te maken. Schuif gerust eens iets op de lange baan en geniet ondertussen.

Literatuur

Archieven
Stadsarchief Gent, "Penningkohieren Baaigem", 1571.

Werken
(L. Smet), "Baaigem, Prinsenmolen", in: Molenecho's, III, 1975, p. 90; IV, 1976, p. 40, 51;
"Wat leeft er achter het begrip Baaigem?", in: Levende Molens, III, 1980, nr. 12, p. 177-179;
Fanny Delaey, "Evolutie in de zorg voor windmolens in (West-)Vlaanderen", in: Molenecho's, XXXIII, 2005, nr. 1, p. 1-123;
Paul Bauters, "Eeuwen onder wind en wolken. Windmolens in Oost-Vlaanderen", Gent, Provinciebestuur, 1985;
Paul Bauters, "Oostvlaams molenbestand 1986", Gent, 1986 (Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen. Bijdragen, nieuwe reeks, 25);
"Inventaris van de wind- en watermolens in de provincie Oost-Vlaanderen naar gegevens van het Archief van het Kadaster. Tweede aflevering. De arrondissementen Eeklo en Gent", in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XV, 1961, 2 (Gent, 1962);
Herman Holemans, "Oostvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 1. Gemeenten A-B", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1996.

Persberichten
Pierre Penninck, "Cathérine Vervenne uit Baaigem in 'Komen Eten'. Koken met bloemen", Het Nieuwsblad, 20.09.2010.
Aaike De Saedeleer, "De Prinsenmolen in Baaigem", Het Nieuwsblad, 26.06.2011.


Laatst bijgewerkt: vrijdag 26 augustus 2016
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens