Molenzorg
Etikhove (Maarkedal), Oost-Vlaanderen

Prentkaart Nels. Verzameling Ons Molenheem
Algemeen
Collectie
Verdwenen Belgische Molens
Naam

Bossenaarmolen
Bossenaremolen

Ligging
Aatse Heerweg 2
9680 Etikhove (Maarkedal)

Bossenarekouter
kadasterperceel B563


toon op kaart
Type
Staakmolen
Functie
Korenmolen
Gebouwd
voor 1553
Verdwenen
1939 - 12 april, sloop
Beschrijving / geschiedenis

De Bossenaar- of Bossenaremolen was een houten korenwindmolen in de Aatse Heerweg 2, op de hoogte van de Bossenarekouter.

Op de ingangsdeur zou de volgende inkerving geweest zijn: "Anno 1140 J.D.W.". In de vorige eeuw werd daar veel belang aan gehecht: de molen zou de oudst gekende en gedateerde houten windmolen van heel West-Europa zijn. Steeds meer won de overtuiging het veld dat het hier om een slechte lezing ging: wellicht ging het om "Anno 1740 J.D.W.".

De eerste vermelding in de archiefbronnen dateert van 1553. Eigenaar was toen Joos van Joignie, baron van Pamele, met als huurder Colaert Aelgoet, zoon van Jan. De afgaande pachter was Pieter vander meere. Op 6 juli 1571 waren Cateline Haustraete (de weduwe van Colaert Aelgoet) en haar zoon Hans Aelgoet de huurders.

De molen komt voor in de penningkohieren van Etikhove uit 1571, bewaard in het stadsarchief van Gent: "De We Colaert houdt in pacht van Joncheer Jan van Ladeuse de wintmeulene meulendam metg(aeders) twee dach(wan)t lants daermede gaende ende 60 r(oeden) lants daer dmeulenhuus opstaet voor 14 p. gr. Vl(aemsch) ende 6 halster cooren ts(jae)rs ghestenseert 19 p 4 schell par. ende de slete van de steenen 6 p. par. compt ts(jae)rs 194 p."

Het is ons niet bekend of de molen tijdens de troebelen op het einde van de 16de eeuw werd vernield. We pikken de draad weer op vanaf 1606. Dan was Le Cocq-Odemaer de huurder-molenaar. Zes jaar later was dit Pierre Teard.

Soosynghien Vanderdonckt was vanaf 14 april 1745 de eigenaar (Staten van Goederen, p. 64, nr. 116).

Rond 1830 werd de molen in het bezit van molenaar Charles Vandergauwen.

Bij testament van 28 september1844 werd, bij het overlijden van Van de Poele, de molen overgemaakt aan het Bureel van Weldadigheid van Etikhove. Deze instantie verpachtte de molen met meegaande hofstede en erf, openbaar bij monde van notaris Wolfcarius op 18 augustus 1853. De pacht trad in op 1 januari 1854 en gold voor negen jaar.

Op 18 september 1862 was er opnieuw een openbare verpachting in het gemeentehuis, ditmaal door notaris De Vos uit Petegem. De pachtprijs werd bepaald op 557,52 frank per jaar boven de grondlasten. Er kwam nochtans geen nieuwe huurder opdagen en de "staeckmolen met draeyende en roerende wercken met medegaende erve groot 1 hectare 8 a. 74 ca." liet men door dezelfde notaris verkopen. De nieuwe eigenaar, sinds 2 oktober 1862, was Robert Vuye-Carlier, molenaar te Etikhove.

Einde mei 1867 brak een geweldig onweer boven de streek van Etikhove los en een plaatselijk weekblad weet te vertellen : "… Een hemellicht heeft ook in de molen Bossenare te Etikhove veel schade veroorzaakt, welke op de som van 4000 fr. gerekend wordt…". In een andere krant : "…is de bliksem gevallen te Etikhove en heeft aldaer twee zeilen van een windmolen afgeslaegen…"

Op 12 mei 1886 werd het molenerf verkocht aan Frederik De Bleeckere-Vuye, landbouwer te Etikhove (akte notaris Vandermeersch). Na het overlijden van vrouw Vuye op 3 april 1903 werden ook de kinderen mede-eigenaar. Deze kinderen deden op 29 mei 1922 afstand ten voordele van Odile De Bleeckere, molenaar te Etikhove (akte notaris Vandermeersch).

De windmolen werd op 12 juli 1928 verkocht aan Achiel Leo Noterman-De Bleeckere, landbouwer te Etikhove (akte notaris Vandermeersch). Deze zette meteen het "windmalen" stop en liet naast de windmolen een mechanische maalderij optrekken (zie hierna).

De houten windmolen zelf werd, ondanks de smeekbede van kunstschilder Valerius de Saedeleer, afgebroken op 12 april 1939. De molenkast hing geheel scheef en dreigde neer te storten. Eerst werden de roeden verwijderd, daarna werd de kast omgetrokken.

Naast de molen werd in 1928 een woning met voormalige mechanische maalderij opgericht. Het is een sober bakstenen dubbelhuis van twee bouwlagen, met de links aanpalende maalderij, onder doorlopend pannen zadeldak. Deze maalderij was aanvankelijk met vier maalstoelen aangedreven door armgas. Na de verkoop in 1938 werd de maalderij voorzien van elektrische drijfkracht. In de toen moderne kleinschalige landelijke maalderij maalde men per uur 250 à 300 kg voedergraan of tarwe tot bloem. De meeste klanten waren landbouwers. Het bedrijf ging over van vader op zoon en na Leon Noterman werd zijn zoon Marc de eigenaar. Marc bleef nog enkele jaren, maar zijn niet meer rendabel bedrijf van molenaar, wisselde hij in voor Boerenbond-verkoper van melen en dierenvoeders. Hij was de laatste van de "maalders" van Bossenare-molen… De maalderij werd in 1994 stopgezet. De technische installatie is thans vrijwel geheel verdwenen.

Lieven DENEWET & Julien VANDEPUTTE

Bijlagen

Over de naam Bossenare
In Maarkedal kent iedereen de Bossenareheuvel: het is één van de hoogste punten, centraal gelegen in onze gemeente. Hier werd enkele jaren geleden opnieuw een staakmolen opgericht. Van hieruit bekijken we het uitgestrekte open landschap in het midden van de Vlaamse Ardennen. De Bossenaere gaf de naam aan de in 1997 opgerichte heemkundige kring.
Het toponiem "Bossenare", vermoedelijk Gallo-Romeins, eventueel Romaans uit de merovingische tijd, stamt van het Latijnse "buxinarias". In 1063 komt de naam "Businarias" voor het eerst voor. Later in 1272, vinden we in het Renteboek van het hospitaal van Oudenaarde de vermelding "Bosseneere" en in het register "De weeskamer van Pamele" staat in 1535 "te bosseneere".
Buxus of bosseboom blijft eeuwig groen en vanzelfsprekend zeer geliefd. Eind april staat de buxus in volle bloei. De kleine geelgroene bloemetjes verspreiden een aangename geur. Onze mensen noemen de buxus ook wel "palmboom". Op Palmzondag staat de palm in het midden van de belangstelling. Vroeger stak men op Palmzondag gewijde palm in huis, stal en op elke hoek van het veld om mens, dier en gewas te beschermen tegen de boze machten. Hij is daarbij niet alleen het symbool van de matigheid ( J. Van Vlierberghe : "het symbolisme der bloemen", p. 91) maar ook het zinnebeeld van de hoop (G. Celis : "Volkskundige kalender van het Vlaamsche land" blz. 30.)

"Le mort d'un vieux moulin", Franstalige krant, april 1939.
Le moulin séculaire d'Etichove, en Ardennes flamandes, qui menaçait de s'écrouler, vient d'être démoli. On voit ci-dessus, en gauche, le moulin photographié l'été dernier, à droite, les ailes sont tombées, le démantelage commence.

Literatuur

Archieven
Stadsarchief Gent, Penningkohieren Etikhove, 1571, f° 10 r°

Werken
De Belgische Molenaar, XXXIV, 1939, nr. 23, p. 222.
Julien L. Th. Vandeputte, "De molens van het arrondissement Oudenaarde uit hun geschiedenis", Oudenaarde, 1974, p. 35-36.
Dirk De Merlier, De verrijzenis van de nieuwe Bossenaarmolen, in: Heemkring Maarkedal, 1997, nr. 1, p. 16.
Paul Bauters, Eeuwen onder wind en wolken. Windmolens in Oost-Vlaanderen, Gent, Provinciebestuur, 1985.
Paul Bauters, Oostvlaams molenbestand 1986, Gent, 1986 (Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen. Bijdragen, nieuwe reeks, 25).
Foto Etikhove, de voormalige "Bossenaeremolen, in: Molenecho's, IX, 1981, nr. 6, p. 48.
J. De Brouwer, Houten molen te Impe, in: Ons Heem, XIII, 1959, nr. 5, p. 153.
M. De Gendt, Provincieraadslid Henderickx interpelleerde over de twee windmolens, in: Voorpost, XXX, 1977, nr. 42, p. 10.
Inventaris van de wind- en watermolens in de provincie Oost-Vlaanderen naar gegevens van het Archief van het Kadaster. Derde aflevering. De arrondissementen Oudenaarde en Sint-Niklaas, in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XVI, 1962, 2 (Gent, 1963).
Herman Holemans, Oostvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 2. Gemeenten D-E, Rotem, Studiekring Ons Molenheem, 1998, p. 72 (foto), 73.
Willy Bodequin, Etikhove. Een geschiedkundige beschrijving, Etikhove;
Dirk De Merlier, De verrijzenis van de nieuwe Bossenaarmolen, in: Businarias, Viermaandelijks tijdschrift van de Heemkring Businarias, Maarkedal, jg. 1, 1997, nr. 1, janaurai, p. 16 e.v., ill.;
Marc Vuylsteke, Uitreiking 'Oorkonde voor geslaagde restauraties' - De nieuwe Bossenaarmolen, in: Businarias, Viermaandelijks tijdschrift van de Heemkring Businarias, Maarkedal, jg. 2, 1998, nr. 1, januari, p. 13 e.v., ill.
Verbeeck M. & Tack A., Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Oudenaarde, Kanton Oudenaarde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 15N2, Brussel - Turnhout, 1998.
Willy Bodequin, onuitgegeven heemkundige studie.

Persberichten
"Le mort d'un vieux moulin", Franstalige krant, april 1939.
J.V., De water- en windmolens van Etikhove en Leupegem, in: Het Volk, 26.9.1960;

<p>Bossenaarmolen<br>Bossenaremolen</p>

Prentkaart ed. De Coninck-Pede.

<p>Bossenaarmolen<br>Bossenaremolen</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Bossenaarmolen<br>Bossenaremolen</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Bossenaarmolen<br>Bossenaremolen</p>

Prentkaart Nels. Verzameling Ons Molenheem

<p>Bossenaarmolen<br>Bossenaremolen</p>

Le mort d'un vieux moulin, uit Franstalige krant, april 1939


Stuur uw teksten over deze molen  |  Stuur een (nieuwe) foto van deze molen
Laatst bijgewerkt: zaterdag 17 december 2016

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in database zoek op provincie Stuur een algemene e-mail over molens vorige pagina Home pagina Naar bestaande molens