Molenzorg
Hamont (Hamont-Achel), Limburg

Foto: Koninklijjk Instituut van het Kunstpatrimonium, Brussel
Collectie
Verdwenen Belgische Molens
Naam

Molen Sevens
Molen van Lo
Molen op -t Lo

Ligging
Windmolenstraat 13
3930 Hamont (Hamont-Achel)

Lo
kadasterperceel C 818a


toon op kaart
Type
Stenen bergmolen
Functie
Korenmolen
Gebouwd
1904-1905
Verdwenen
1963-'64, sloop
Ten Bruggencatenummer
Beschrijving / geschiedenis

Deze stenen korenwindmolen stond in de Windmolenstraat 13 te Hamont-Lo. Frans Sanders-Widdershoven uit Sint-Oedenrode (NL) liet de molen met huis bouwen in 1905. Het molenerf werdonmiddellijk verhuurd aan Gerard Sevens uit Achel (huurceel nr. 184) voor de jaarlijkse som van 750 frank. Eigenaar Frans Sanders gaf een volmacht aan Catho Cox om de molen te verkopen voor de prijs van 3.380 frank (huurceel nr. 46). Op 1 augustus 1911 vond de openbare verkoop plaats waarbij Peter Jan Gerard Sevens de molen en huis kocht voor 12.000 frank.

De genoemde Gerard Sevens was Peter Jan Gerard Sevens. Hij werd geboren op 15 feburari 1859 te Achel als zoon van Gerard Sevens en Anna Maria van den Houd. Hij woonde als molenaarsknecht tussen 8 oktober 1875 en 1 oktober 1878 bij "neef" Antoon Sevens te Helmond. Tussen laatstgenoemde datum en 1882 was hij als molenaar te Gemert werkzaam bij de weduwe van Van den Boomen, molenarin in de Molenstraat aldaar. In 1882 vertrok hij naar Lieshout. Op 23 maart 1892 vestigde hij zich vanuit Hamont als molenaar te Sint-Oedenrode (Koeveringse molen). Hij woonde als kostganger in bij landbouwer Martinus Raaijmakers, wiens dochter Maria hij aldaar op 24 april 1896 trouwde. Voordat hij zich zelfstandig vestigde, woonde hij eerst nog bij landbouwer J.F. van Rijt. Het gezin Sevens verhuisde per 2 november 1910 naar Hamont. Van hun 10 kinderen vestigden zich drie dochters later te Eindhoven. Peter Jan Gerard kocht de bergmolen in Hamont-Lo. Deze bemaalde hij nog tot aan zijn dood op 4 april 1924.
Peter Jan Gerard Sevens en Maria Raaijmakers kregen drie zonen en zeven dochters.

Na de dood van Peter Jan Gerard werd de molen bemalen door zijn oudste zoon Gerardus Maria Adrianus en Maria, geboren op 13-1-1897 te St. Oedenrode (NL). Pas in 1942, na de verdeling van de goederen, werd Gerard Sevens eigenaar van de molen. Na diens dood in 1960 onderging ook deze molen hetzelfde lot als zoveel andere. Huis en molen werden aangekocht door Pieter Duysters-Paesen. In 1963-'64 volgde de sloop. De askop (Van Aerschot, Herentals) bevindt zich sinds 1971 in de standerdmolen te Urmond (NL).

Er is nog een prachtig verhaal bekend over deze molen.
Het verhaal is geschreven door Willem Gielen die getrouwd was met een zus van Gerard Sevens: Maria Sevens, geboren op 3 maart 1914 te Hamont.
Gerrit Sevens, een ingoede en vriendelijke man, groot en struis gebouwd was met hart en nieren verknocht aan de molen en stiel in Hamnont-Lo.
Van stielkennis gesproken:  die werd voortdurend op peil gehouden vooral door zijn vele bezoeken aan kennis-vrienden molenaars, vooral in Nederlands-Limburg. Het waren vaste namen in de agenda van Gerard Sevens: die van Budel, Weet, roggel, Heythuysen….. Onderwerp van gesprekken waren steevast: de stand van zaken, het gezin en natuurlijk het weer. Raadgevingen en ondervindingen werden uitgewisseld. Armand Piens en De Booseres waren er niet en die hadden ze ook niet nodig. Wat waren dat weerkenners! Geen voorspellingen voor een hele week zoals nu, hoogstens voor een paar dagen, maar onfeilbaar voor de dag zelf. Elke dag begon met het bestuderen van het weer: de lucht, de windrichting, de stand van de barometer en vergelijken met het weerbericht van de radio. Het weer was ook vast onderwerp van gesprek bij de komst van een klant. Vooral de boeren gingen bij de mulder te rade, de man die tientallen keren per dag vanop de molenberg op inspectie ging. “Wat zegt Gerrit van het weer?” Zelf heb ik in die leerschool heel wat weerkennis opgedaan. Het is een proces van jaren. De lucht bekijken, ik doe het nog zeek vaak, ik kan het niet laten.

Eigen radio
Reeds lang had hij een, voor die tijd, ongelofelijk plan opgevat: de radio had zijn intrede gedaan in het moderne tijdvak en hij wilde de eerste bezitter van Hamont zijn van deze grote uitvinding. Die zou hij zelf maken, voorwaar een geweldige uitdaging. Vele malen, op zondag, reisde hij via de IJzeren Rijn naar Antwerpen. Daar vond hij de nodige boeken en kocht hij de geschikte onderdelen, naarmate zijn kennis en zijn werk thuis vorderden. Maanden en maanden was hij bezig met zijn studie, met zijn radio in wording, ontelbare keren tot 2 á 3 uur in de nacht. Maar het wonder geschiedde en het grote nieuws deed al vlug de ronde. De daarop volgende zondag zette Gerrit de radio in het open gevelvenster en buren en kennissen kwamen het wonder bekijken en luisteren naar mensenstemmen en muziek, niet begrijpend hoe dat mogelijk was. “Wat ze tegenwoordig toch allemaal uitvinden”, zei een oude boer. Ik hoor het hem nu nog zeggen!

Plan trekken
Eenmaal ben ik, helemaal alleen, in de bres moeten springen. Gelukkig had ik een goede leermeester gehad en kende ik de knepen van het vak: de molen verkruien, het opzeilen van de wieken, alles op gang brengen en de molensteen in de juiste positie, de vang (de remblokken) bedienen enz. Het was oorlogstijd en er werd veel gemalen, ook ’s nachts en “in ’t zwart”. Alles was streng gerantsoeneerd en dagelijks kwamen ze af: de boeren voor het vee en het gezin, de anderen met kleinere pungels. Op zekere morgen zagen we vol ontzetting, hoe Gerrit met een van pijn vertrokken gezicht de huiskamer kwam binnengestrompeld. Het werd ons onmiddellijk duidelijk: een verraderlijk verschot in de rug had hem getroffen. Wie ooit kennis gemaakt heeft met dat zogenaamde “spit” begrijpt wat dat betekent: volledige uitschakeling voor alle werk!
Wat nu aangevangen? Dat was ook de bange vraag die wij ons allemaal stelden. Maar mijn besluit was vlug genomen en met veel moeite kon ik degenen die twijfelden aan mijn kunnen overtuigen dat ik het zelf aankon. “Gerrit”, zei ik, “gij weet wat ik bij jouw geleerd heb, maak je geen zorgen, ik trek mijn plan”. Ik was zeker van mijn stuk en schrik heb ik niet gehad. Wel de nodige spanning die toenam, naarmate de avond vorderde. Alles verliep zonder problemen. De hele dag lang. En dan kwam die onvergetelijke nacht met zijn geheimzinnige stilte buiten en binnen in de molen, slechts het zwakke, zoevende geluid van de wieken, het gekras van de malende molenstenen. Wat me steeds zal bijblijven. Het meel langs een houten tunnel naar beneden glijdend, gestaag en geruisloos! Dat meel, zo zacht, zo warm door je vingers laten glijden en keuren: zo is het goed, niet te grof, niet te fijn. Zo heb ik daar uren gestaan met een gevoel van trots en tevredenheid. Die dag, die nacht, om nooit te vergeten!

Paul LAMMERETZ

Literatuur

L. van Sijpe, "Millenniumboek Hamont-Achel", Hamont-Achel, Geschied- en Heemkundige Kring : “De Goede Stede Hamont” 1999.
Grevenbroeker echo’s, nr. 30, 2000. Uitgave Geschied- en Heemkundige kring De Goede Stede Hamont”
Jan Th. M. Melssen, "Antony Sevens zijn familie en hun molens", Eindhoven 1998
M. Degeest, Ontmoeting met Hamont-Achel, ons stadje vandaag, Hamont-Achel, 2001.
J. Gerits, Historische steden in Limburg, Brussel, 1989, p. 97-111.
J. Moris, Bijdrage tot de geschiedenis van Hamont, Hamont, 1976.
L. Stevens, "Van ambacht tot nijverheid te Hamont", in: Van vrueger joâren, Documenten en herinneringen van de Noorderkempen, Genootschap voor Geschied- en Oudheidkunde, Achel, nr. 7, 1984, p. 27-42, ill.
Werner Smet & Herman Holemans, "Limburgse windmolens in heden en verleden", Nieuwkerken-Waas, Uitgeverij Ten Bos / Studiekring Ons Molenheem, 1981, p. 58-59.
H. Van de Broek, "Hamont in oude prentkaarten", Zaltbommel, 1972.
H. Van De Broek, De Napoleonsmolen of de windmolen - An XII - 1804 - te Hamont, in Limburg, 51, 1972, p. 193-216.
Mailbericht Rob Simons, Sint-Huibrechts-Lille, 03.05.2012.
Mailbericht Jan Sevens (zoon van de laatste molenaar Gerard Sevens), 10.02.2014.

Persberichten
C.H. "Windmolens verdwijnen te Hamont", in: Het Volk, 07.03.1964.
Hs., "Windmolens in Limburg", in: Het Laatste Nieuws, 05.04.1953.
Kerkuil, "Van zwaaiende wieken en tuimelende raderen in de Kempen en in Haspengouw", in: Moeder van Goeden Raad, sept. 1954, p. 205-208.
"Hamont: Meer dan 100 jaar oude molen", in: Volksgazet, 25.02.1968.

<p>Molen Sevens<br>Molen van Lo<br>Molen op -t Lo</p>

Links de molenaarswoning. Foto: coll. P. Lammeretz

<p>Molen Sevens<br>Molen van Lo<br>Molen op -t Lo</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Molen Sevens<br>Molen van Lo<br>Molen op -t Lo</p>

Verzameling Ons Molenheem

<p>Molen Sevens<br>Molen van Lo<br>Molen op -t Lo</p>

Foto: Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, Brussel

<p>Molen Sevens<br>Molen van Lo<br>Molen op -t Lo</p>

De familie Sevens. Bovenste rij tweede van links is molenaar Gerard Sevens. Foto: origineel coll. Jan Sevens.


Stuur uw teksten over deze molen  |  Stuur een (nieuwe) foto van deze molen
Laatst bijgewerkt: zaterdag 6 december 2014

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in database zoek op provincie Stuur een algemene e-mail over molens vorige pagina Home pagina Naar bestaande molens