Molenzorg

Brugge, West-Vlaanderen


Collectie
Verdwenen Belgische Molens
Naam

Wijngaardmolen (watermolen)
Kasteelmolen, Casteelmolen

Ligging
Begijnenvest
8000 Brugge

Het Speitje
kadasterperceel C1608


toon op kaart
Type
Onderslag watermolen
Functie
Korenmolen, oliemolen
Gebouwd
1291
Verdwenen
1887, veranderd in vlasfabriek
Beschrijving / geschiedenis

De Wijngaardmolen of Kasteelmolen (naar het naburig kasteel) was een watergraanmolen met onderslagrad bij het Begijnhof ten Wijngaerde, op het Speitje aan de Begijnenvest. Als molenbeek diende het Bakkersreitje, dat 50 meter ten zuiden van de Begijnhofbrug in de Reie uitmondt.

De watermolen werd in 1291 opgericht door de stad Brugge. Toen deed het stadsbestuur onkosten "ad molendinum situandum iuxta spoikinum", dit is om de molen te stellen naast het speiken (Stadsrekening Brugge, 1290-92, f° 25 bis r°). Dat het om een watermolen ging, blijkt uit de post: "pro domo empta ad molendinum ad aquam", dit is een huis gekocht voor (de molenaar van) de watermolen (Stadsrekening Brugge, 1292, f° 19 r°). Het gebouw werd in 1292 verder afgewerkt: "pro lignis ad molendinum ad aquas", dit is timmerhout voor de watermolen (Stadsrekening Brugge 1292, f° 23 r°)

De molen wordt in de volgende citaten nader gesitueerd.
- Stadsrekening Brugge, augustus 1305-februari 1306: (inkomsten) "van der watermeulen ten Beghinen"
- idem, f° 14 r°: "van 1 paerde v(e)rcocht dat ter watermeulne gaet ten Wyngaerde"
- Stadsrekening Brugge, 1306-1307, f° 1 r°: (inkomsten) "van der watermoelne ten Wyngharde".

De watermolen werd ook, naar het naburig kasteel, nl. "ten castele ten Beghinen" (Stadsrekening Brugge 1305-1306, f° 1 v°) de Kasteelmolen genoemd: "'t speykin ter casteelmuelne" (Stadsrekening Brugge 1379-'80, f° 34 r°).

De stad Brugge vercijnsde de molen aan een particulier tegen een jaarlijkse landcijns:
1304: Gillis van Hondscote
1305: Dierdericke van Caprike
1306: De twee paarden die tot deze watermolen behoren werden verkocht en de Stad ontving hiervan de verkoopsom. Van de landcijns is de stadsrekening geen spoor meer te vinden.

Het Sint-Janshospitaal had van 1306 tot 1321 regelmatig ontvangsten van deze watermolen in zijn (niet compleet bewaarde) rekeningen.

In de eerste helft van de 19de eeuw was het een oliemolen, na 1855 opnieuw een graanmolen, die zowel met water- als met stoom werkte.

Eigenaars na 1830:
- voor 1834, eigenaar: Vanderhofstadt Jan, zeepzieder te Brugge
- 02.08.1853, verkoop: a) Delescluse Joseph, handelaar te Brugge en b) Maes Ivo, landbouwer te Marke (notaris Claerhoudt)
- 19.11.1853, verkoop: a) Delescluse Joseph, handelaar te Brugge en b) Vanderelst Franciscus Gustaaf Frederik, handelaar te Brugge (notaris Fraeys)
- 25.10.1859, verkoop: Maes-Raepsaet Leon, landbouwer te Moere (notaris Fraeys)
- later, erfenis: de weduwe en kinderen (overlijden van Leon Maes)
- 31.12.1867, deling: de weduwe Raepsaet, brouwster te Brugge (notaris Van Elslande)
- 28.08.1874, mutatie: a) Sobry Aloïs, landbouwer te Zwevegem en b) Catulle-Verstraete Aimé, fabrikant te Brugge (notaris Van Elslande)
- 16.11.1874, verkoop: Catulle-Verstraete Aimé, fabrikant te Brugge (notaris Van Elslande).

De watermolen werd in 1887 omgevormd in een vlasfabriek.

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

Literatuur

Archieven
Stadsarchief Brugge, Stadsekening 1290-92, f° 25 bis r°
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening  1292, f° 19 r°, 23 r°
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening 1304, f° 4v°, post 24 (3e register)
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening, augustus 1305-februari 1306, f° 14 r°
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening 1305-1306, f° 1 v°
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening 1306-1307, f° 1 r°, 2v°, 1e register, post 8 en 9.
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening 1379-1380, f° 34 r°
Stadsarchief Brugge, Stadsrekening 1481-1482, f° 38v°-39.
Archief OCMW Brugge, Rekeningen van het Sint-Janshospitaal, 1306-1307, rol 29; 1306-1321, passim.

Werken
K. De Flou, Woordenboek der Toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het Land van den Hoek, de graafschappen Guînes en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu, Brugge, 1914-1938 (deel XVII, p. 101-103)
M. Coornaert, Watermolens en Hilteweren in West-Vlaanderen", Jaarboek van de Geschied- en Heemkundige Kring De Gaverstreke, 1980, p. 45-53 (46, 47).
Herman Holemans, "Westvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 1. Gemeenten A-B", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1993.
J.A. Rau & J. D’hondt, De Brugse parochies. 2. Het leven in Sint-Salvator, Sint-Jacobs, Sint-Gillis,Brugge, 1988.
Jaak A. Rau & Jan D'hondt, "Een eeuw Brugge. Deel 1: 1800-1900", Brugge, Marc Vande Wiele, 2001.
Guillaume Michiels, Iconografie der stad Brugge, III, Brugge, 1968, p. 174 Marc Ryckaert, "Historische Stedenatlas van België", Brussel, 1991.

Stuur uw teksten over deze molen  | 
Stuur uw foto's van deze molen
  
Laatst bijgewerkt: zaterdag 25 november 2017

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in database zoek op provincie Stuur een algemene e-mail over molens vorige pagina Home pagina Naar bestaande molens