, Belsele (Sint-Niklaas)"/>
Molenzorg

Belsele (Sint-Niklaas), Oost-Vlaanderen


Collectie
Verdwenen Belgische Molens
Naam

Tereekenmolen
Molentje van "Sooken Everaert"

Ligging
Moortelhoekstraat 129
9111 Belsele (Sint-Niklaas)

zuidzijde
Steenwerk
Moortelhoek
2,1 km NO v.d. kerk
kadasterpereel B1339


toon op kaart
Type
Staakmolen
Functie
Korenmolen
Gebouwd
voor 1584
Verdwenen
1888, sloop
Beschrijving / geschiedenis

De "Tereekenmolen" (naar de ligging) of de "Molen van Sooken Everaert" (naar een molenaar) was een houten graanwindmlen aan de zuidzijde van de Moortelhoekstraat (nr. 129), op de hoek met de spoorweg (Stationswegel), op 2,1 km ten noordoosten van de kerk van Belsele, op het kadasterperceel B 1339.

We zien hem aangeduid op:
- Fricxkaart (1712)
- Ferrariskaart (ca. 1775) met het bruin symbool van een staakmolen
- Atlas der Buurtwegen (ca. 1844) met het grondvlak van een staakmolen op teerlingen
- Topografische kaart van Ph. Vandermaelen (ca. 1850)
- Kadastrale kaart van P.C. Popp (ca. 1855) met een tekeningetje van een staakmolen.

De staakmolen was eerder  klein van afmetingen.

Eigenaars na 1830:
- voor 1834, eigenaar: Parijs-Christiaens Andries, te Belsele
- later, erfenis: de weduwe (overlijden van Andries Parijs)
- 21.05.1844, verkoop: Van Craenenbroeck François Joseph, molenaar te Sint-Niklaas (onderhandse akte)
- later, erfenis: a) Van Craenenbroeck Jan-Baptist, b) Van Craenenbroeck Théodore Julien, c) Van Craenenbroeck Charles Louis, d) Van Craenenbroeck Salomon Hilaire en e) Van Craenenbroeck Louis (overlijden van François Van Craenenbroeck)
- 13.01.1859, verkoop: Van den Branden Jan, molenaar te Kemzeke en later te Belsele (notaris Joos)
- 31.08.1870, verkoop: a) Everaert Pieter Augustinus, landbouwer te Belsele en b) Everaert Frans, landbouwer te Belsele (notaris Rogman)
- 21.06.1876, verkoop: Everaert Frans, molenaar te Belsele (notaris Rogman)
- 28.07.1887, verkoop: Van de Velde-Eeckelaert Jozef, slachter te Gent (notaris Bellemans)

Naast de staakmolen stond een rosmolen, die in 1883 werd uitgeschakeld.
De staakmolen werd in 1887 in het kadaster omschreven als "in puinen", hetgeen wijst op zijn vervallen toestand. In 1888 volgde de gehele sloop.

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

Bijlagen

R. Van Lierde, "Sint-Niklaas en zijn windmolens", in: Annalen van de Oudheidkundige Kring van het Land van Waas, LXXIII, 1970, afl. 2, p. 255-282 (uitgegeven handschrift uit januari 1934, gebeuren vanaf 1885).
"Sooken Everaert"
Een weinig voorbij "De Valk", op de wijk "Moortelhoek", stond nog een zeer oude molen, op het grondgebied van Belcele.
Het was een kleine oude staakmolen zoals men er soms nog afgebeeld ziet, zeer klein met een trap en lange wieken, en in zeer slechten staat.
Van beneden kon men bijna dwars door het kotje zien, de wieken waren op alle manieren aaneen genageld, en de zeilen hingen aan flarden. Dit was het windmolentje van Sooken Everaert, die de oude maalders van St. Nikolaas nog wel gekend hebben.
Het was een klein origineel ventje, was altijd goed geluimd, was nooit stil, hij had zeker kwik in zijn voeten. Altijd met zijn witte pet en een lange veloere frak, en ook altijd wit bestoven, ik heb hem nooit anders gezien. Het manneken moet de weduwe van zijn vroegere meester gehuwd hebben, die eenen zoon had, met dewelke hij overigens goed overeen kwam.
Als het waaide was het ventje altijd op zijn moleken, maar niet zoodra was de wind weg, of hij reed mede met "Pé" om zakken, en hadden zij hun moleken op de kar kunnen zetten, zij hadden vast al de zakken op de baan gemalen voor een paar borrels: maar met het oudje liep het altijd niet goed van stapel.
Maar het luimigste was toch als hij bij ons naar de vuurmolen kwam als het niet waaide om zijn granen te doen malen, want als jonge gasten hadden wij met het ventje niet weinig pret, en het gebeurde dikwijls dat "Pé" al eene uur vertrokken was met de gemalen granen, als "Sooken" nog maar altijd stond te draaien en te redekavelen: en altijd malen, draaien, scherpen of zeilen: men kon hem met een enkel woordje doen spreken, maar met geene duizend doen zwijgen, en als wij hem dan deden opmerken dat "Pé" al zo lang vertrokken was, liep hij vierklauwerd het hof af, al de binnenwegen over "'t Moleken" naar Moortelhoek, want als hij wat lang weg bleef stond het oudje gereed met den kluppel, en het schijnt dat "Sooken" dat niet kon gewoon worden. Waaide het niet, overal waar kort nat te vinden was, kroop Sooken binnen of kwam er uit, hoe het ventje aan de kost kwam is een raadsel.
Ik denk wel dat hij met zijn moleken samen naar St. Pieter is gevaren.

Literatuur

Archieven en landkaarten
- Fricxkaart (1712)
- Ferrariskaart (ca. 1775)
- Atlas der Buurtwegen (ca. 1844)
- Topografische kaart van Ph. Vandermaelen (ca. 1850)
- Kadastrale kaart van P.C. Popp (ca. 1855)

Werken
"Inventaris van de wind- en watermolens in de provincie Oost-Vlaanderen naar gegevens van het Archief van het Kadaster. Derde aflevering. De arrondissementen Oudenaarde en Sint-Niklaas", in: Kultureel Jaarboek voor de provincie Oost-Vlaanderen, XVI, 1962, 2 (Gent, 1963);
Herman Holemans, "Oostvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 1. Gemeenten A-B", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1996.
W. Smet, "Kijk op het Waasland", Nieuwkerken-Waas, 1976.
W. Smet, "De Windmolens in het Waasland", Nieuwkerken-Waas, 1974.

Stuur uw teksten over deze molen  | 
Stuur uw foto's van deze molen
  
Laatst bijgewerkt: maandag 2 maart 2020

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in database zoek op provincie Stuur een algemene e-mail over molens vorige pagina Home pagina Naar bestaande molens